Rianne Opgenoort http://rianneopgenoort.be-more.nl/ Rianne Opgenoort Tue, 25 Nov 14 21:26:01 +0100 Weer in Nederland http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/22/weer-in-nederland <p>Inmiddels alweer twee weken in Nederland. Wat is dat weer wennen zeg! Ik had jullie nog een afsluitende blog beloofd, dit zal net als met de kerst een special edition zijn. <br /> Ik deel met jullie de ontstane lijstjes tijdens de vier maanden Afrika.<br /> <br /> <u>Wat ik mis</u><br /> - De zon<br /> - De geur van Afrika<br /> - Vrijwilligerswerk<br /> - De vriendelijkheid van de Afrikaanse bevolking<br /> - Lege agenda en dus doen waar je zin in hebt<br /> - Vers + goedkoop fruit<br /> - Boda boda ritjes<br /> - Chapatti, Rolex en samosa’s<br /> - De smoeltjes van de Afrikaanse kinders<br /> - Communiceren in het Lugandees /Swahili / chiTumbuka / Engels<br /> - Susume<br /> - Samen met Meagan meezingen met Ugandese top-hits als ‘Chop ma money’, ‘Steady wine’, ‘Kuchi Kuci (Oh Baby)’, ‘Mad mi’ en ‘Why’<br /> - Onderdeel zijn van de GICHBELU-familie<br /> - Het buiten leven<br /> - De ontroerende dankbaarheid van patiënten voor een beetje tender, love and care<br /> - Bananenbomen<br /> - Dansplezier tijdens de avondjes in Kyoto<br /> - Yoghurt en melk uit een zakje<br /> - Zomaar praatjes maken met voorbijgangers<br /> - De dagelijkse hoeveelheid glimlachen <br /> - Meagan<br /> <br /> <u>Wat ik niet mis </u><br /> - Onderhandelen over een eerlijke prijs<br /> - Muggen(bulten)<br /> - Paki’s<br /> - Liters zweten<br /> - De eeuwige pogingen mij te overtuigen dat God bestaat<br /> - Matooke, rijst en bruine bonen<br /> - Slapen onder een muggennet<br /> - Gemekker uit de torens van de Moskees <br /> - De altijd te kleine lakens op vieze matrassen<br /> - Dat je je ondergoed niet mag laten wassen en/of buiten te drogen mag hangen<br /> - Gebrek aan communicatie/duidelijkheid<br /> - Backpack<br /> - De top40 van week 38<br /> - Afrika-duidelijkheid<br /> - Corruptie<br /> <br /> <u>Meest geroepen uitspraken + uitleg</u><br /> - Oprotten!!/ Vvaawo!! / Toka!! / Choka!! --&gt; In en poging om te gaan met geld/ballonnen/pennen/flesjes vragende kinderen, bedelende mensen, vieze vogels/marabou storks, muggen, lastig vallende mannen enz. enz.<br /> - Wat zie ik eruit!! --&gt; Omdat we weer eens iets aanhadden wat je in Nederland nooit aan zou trekken, omdat de nagellak tot het laatste stukje afbladderde, omdat we weer eens een week niet hadden kunnen wassen, omdat we onder de muggenbulten zaten enz. enz. <br /> - Hoezo?! --&gt; Als iets overduidelijk was of soms juist Afrika-duidelijk<br /> - Heeeeel mooi --&gt; Als ons weer eens wat werd aangesmeerd wat we absoluut niet wilden hebben<br /> - JEUK!! --&gt; Door de 1001 muggenbulten en daas steken<br /> - Haal me hier vandaan --&gt; Als we weer eens in een situatie waren beland dat helemaal niet prettig was of waar we liever even geen deel van uitmaakten<br /> - Ik wil toch niet meer --&gt; “<br /> - Wat doe ik hier?! --&gt; “<br /> - Pijn/jeuk is een emotie --&gt; Bij de vele muggenbulten en mankementjes die we tijdens de reis zijn opgelopen<br /> - Hebben we die ook in Nederland? --&gt; Als we een overduidelijke, in Ugandese termen, ‘mad-one’ tegenkwamen. Omdat Abert (begeleider vrijwilligerswerk Rakai project) zich dat hard op aan ons af vroeg en we dat toch wel erg geniaal vonden. <br /> - Tugenda/ Kwenda / Tikuluta --&gt; We kunnen gaan. <br /> - Ho eens!! --&gt; Als we weer eens tegen iets of iemand opbotsten, (bijna) in een gat vielen/ struikelden over ongelijk wegdek, ergens even geen rekening mee hadden gehouden<br /> - Toe es/ Doe us --&gt; Als er iets gebeurde wat niet leuk was/ waar we geen zin in hadden maar er ons inmiddels al niet meer druk om konden maken<br /> - Ach ja, ik werk wel weer een dagje extra --&gt; Omdat reizen, sponsoren enz. enz. niet gratis is maar je toch wat wilt doen. Inmiddels mag ik wel een paar maandjes extra werken…<br /> - Hey hallo! --&gt; Als in, ‘jij hier?’. Respons op talloze vriendelijk groetende mensen, waardoor het net leek alsof ze allemaal goede bekenden waren. We speelden het spelletje dus maar mee. <br /> <br /> <u>Kapot</u><br /> - Laptop (van Martijn)<br /> - Korte + lange Afrikaanse broeken<br /> - Armbandje<br /> - Afrikaanse tas<br /> - Sandalen<br /> - Slipper<br /> - Pen<br /> - Digitale camera<br /> - Kleine backpack<br /> <br /> <u>Kwijt</u><br /> - MP3 speler<br /> - Bh<br /> - Pyjama shorts<br /> - Heel veel geld<br /> <u><br /> Meest indrukwekkende ervaringen</u><br /> - Zien van het leven in de sloppen van Kampala en het horen van bijbehorende verhalen. Weggevlucht van huis omdat hij/zij werd mishandeld; gevlucht uit Congo omdat de gehele familie voor zijn ogen is afgeslacht; verstoten omdat vaderlief een andere vrouw nam; 24 uur per dag onder invloed van qat/kerosine om geen honger te hebben/ niet aan traumatische ervaringen te hoeven denken. Dag in, dag uit leven tussen afval, stank. Niet kunnen wassen, als uitschot behandeld worden… Te veel ellende om te kunnen bevatten. <br /> - Na 20 weken zwangerschap een foetus doodgeboren zien worden. De geur… Dat beentje…. de oogjes… Alles er op en eraan…. Zo klein. Hoppa, zo in een diep gat met andere doodgeborenen en weer doorgaan. <br /> - De 22 jarige jongen, die we eerder die dag nog hadden geholpen met sondevoeding geven, overleden afgevoerd zien worden achterop een boda. Overdwars, omwikkeld met een laken en rechtgehouden door twee stokken. De jongen wist dat hij HIV-positief was, maar heeft geen gebruik gemaakt van de mogelijke behandeling om nog een paar jaar in redelijke gezondheid te kunnen leven. Hij wilde niet dat mensen wisten dat hij HIV-positief was… HIV-positief zoals 80% van de bevolking in het Rakai-district, ookal zal 99% van hen dit ontkennen. <br /> <br /> <u>Top 5 nuttigst meegesleurde spullen</u><br /> - Nestosyl, tegen jeuk, brand- en schaafwonden<br /> - Wildebeast wandelsandalen<br /> - Desinfectans handgel<br /> - Hoofdlampje<br /> - Kussentje <br /> <br /> <u>Top 5 nutteloos meegesleurde spullen</u><br /> - Klamboe --&gt; hing overal al<br /> - Deet --&gt; werkt nauwelijks<br /> - Twee truien omdat ik niet kon kiezen<br /> - Lakenzak<br /> - Acht paar sokken --&gt; hooguit 3 paar gedragen<br /> <br /> <u>Best gehoorde ‘grappen’</u><br /> - In een kroeg in Malawi dronken Meagan en ik gezellig een biertje met Moses. Een onbekende maar duidelijk beschonken jonge man sloot zich aan. Hij wilde dolgraag contact met de mzungu’s, maar wij niet zo graag met hem (hij was de zoveelste). Daarom antwoordde Meagan op zijn vraag van waar we vandaag kwamen met ‘van aarde’. Nadenkend zei de man ‘Aarde??... Aarde? Nee dat ken ik niet. Nooit van gehoord.’ En met een serieus gezicht vroeg hij ‘Waar ligt dat?’. We legden uit dat het een beetje gek was dat hij het niet kende omdat hij er zelf ook vandaan kwam. ‘Nee, jullie liegen!’, zei hij vastbesloten. <br /> - Hij heeft zangtalent. ‘Oowja, joh?’ ‘Ja, want toen hij op de basisschool zat heeft hij meegedaan met de Coca Cola zang-competitie en toen is hij doorgegaan naar de volgende ronde. We waren allemaal fan.’ <br /> <br /> <u>Slechtst gehoorde ‘grappen’</u><br /> - Ken je de mop van de vrouw die ging bevallen? Juist ja... Die beviel niet! --&gt; Zie blog ‘Ken je de mop van…’<br /> - Meagan: ‘Maar waarom zou je twee partners willen?’ Bagboy, heel serieus, ‘Nou, dat zal ik je vertellen! Ik ken dus iemand en die had een vriend. En die vriend had dus maar een partner. Maar die partner die bleek ook nog een andere partner te hebben en later ook niet meer met hem verder te willen. Nou, toen had die vriend dus geen partner meer en toen heeft hij zelfmoord gepleegd. Als je nog een partner achter de hand hebt hoef je ook geen zelfmoord te plegen.’<br /> <br /> <u>Waar ik weer aan moet wennen</u><br /> Of ik nou wil op niet…<br /> - Kou<br /> - Volle agenda<br /> - Lege straten<br /> - Rechts rijden<br /> - 1001 dingen moeten onthouden op het werk en verantwoordelijkheid dragen voor patiënten <br /> - Tv kijken<br /> - Geld uitgeven aan westerse producten/services<br /> - In Bemmel wonen<br /> - Plannen/efficiëntie<br /> - Individualistische levensstijl<br /> - Westerse luxe en problemen (Hoe leg ik dit in Afrika uit?)<br /> <br /> <u>Wat ik zeker ga doen</u><br /> - Proberen me bewust te blijven van het feit hoe gelukkig ik mag zijn het leven te leiden wat ik leid.<br /> - Terug naar Afrika. Want ja… Afrika is besmettelijk en ik heb het virus te pakken!</p> Mon, 18 Mar 13 16:49:05 +0100 Laatste week... http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/21/laatste-week... <p>De zon gaf nog maar kort daglicht toen we arriveerden in Lilongwe op dinsdag 26 februari. De straten van Lilongwe, de hoofdstad van Malawi, waren rustig en overzichtelijk. Vergeleken met Kampala leek het er wel uitgestorven… Ik wist de weg naar de Sunset Lodge nog zonder problemen te vinden en nog net voor het donker konden we ons ontdoen van onze backpacks. Snel naar Don Brioni´s Bistro waar het eten nog altijd zalig is, zeker als je 4 maanden lang in Afrika hebt vertoeft. Een lekkere Savanna cider werd geproost en de dag was weer om. <br /> <br /> Woensdagmorgen gebruikten we om wat zaakjes te regelen via het internet en de lokale bank en rond het middaguur lieten we Lilongwe weer voor wat het was. Lilongwe stond voor nu even verplicht op de route omdat we alleen bij de Standard Bank kunnen pinnen en die niet rijkelijk aanwezig is in Malawi. <br /> We stapten in bij de grote bus van 10.00uur, ruim twee uur later hadden we wel gehoopt dat ie op Afrika tijd zou vertrekken. Helaas, bus nog niet vol dus wachten wachten en nog meer wachten om uiteindelijk om half 2 het busstation te verlaten. Eerst nog even tanken, want dat doe je, Afrika logisch, natuurlijk niet even van te voren. <br /> Een lange busrit volgde, tegen half 8 bereikten we Zomba waar ik in het pikkedonker de weg niet meer zo goed wist. Maar een taxi aangehouden om ons veilig en wel naar de Pakachere te brengen. De Pakachere (in het Chichewa – taal gesproken in Malawi- ontmoetingsplek/ grote boom in dorp waar men bijeenkomt) is een backpackers en creatief centrum in een, een jaar geleden opgezet onder meer door Be More. We hebben er lekker gegeten, gekletst, gelezen en voor de volgende dag afgesproken met de zusjes Kyra en Myrte. Kyra en Myrte, onze Be More medevrijwilligers uit Uganda zetten zich op dit moment in als Be More vrijwilligsters in Zomba/Malawi. <br /> <br /> Voor het ontmoeten van de zusjes was het donderdag tijd voor een flinke wandeling op Zomba plateau. Hadden we niet gezegd na Chome mountain ‘geen bergen meer voor ons’??! Het scheelde dat we het eerste stuk met een taxi de bergen ingereden werden. Bij een hotel op het prachtige plateau kregen we een uitleg over de te wandelen routes. De route naar keuze zou 4 uur in beslag nemen. Het waren vier leerzame uren waarin gids Isaac mij een hoop dingen over Malawi vertelde die ik nog niet wist. Zo betekend Malawi ‘vlammen van vuur’ en snap ik sinds 28 februari waarom er een halve zon met vlammen in het midden van de Malawische vlag pronkt. Verder heeft hij ons geleerd dat de dennenbomen uit Malawi vanuit Canada geïmporteerd zijn; de vissen op Zomba plateau vanuit Engeland zijn geïmporteerd; het lokale bier wat op pannenkoekenbeslag lijkt zeer voedzaam is en shaky shaky heet en nog veel meer dingen die bij een quiz vast ooit van pas kunnen komen. Wat hij ons helaas niet had verteld was dat de route naar de William falls vol zat met rode mieren… Au, au, au, want kunnen die bijten! Gelukkig was Isaac even behulpzaam als de rest van de Malawische bevolking en werden de rode mieren een voor een verwijderd. De emperors view en Queens view over Zomba zouden schitterend moeten zijn, maar we zagen enkel een dikke laag wolken. Nog even naar een punt waar we wel mooi uitzicht zouden hebben dan en ineens stond ik op de plaats waar ik 3 jaar geleden met Marije had overnacht op het plateau. <br /> De bui die al een tijd dreigde kwam met bakken uit de hemel toen Meagan en ik net op tijd warm en droog binnen zaten bij de Pakachere. Gedwongen relaxen maar weer om later richting centrum te lopen om daar Kyra en Myrte te ontmoeten. <br /> Onder het genot van een ijsje gezellig bijgekletst over onze tijd in Uganda, hoe zij het in Malawi hebben en hoe onze reis tot nu toe was. Erg gezellig! Ook drukten Kyra en Myrte ons met de neus op de feiten, Malawi is toch ook echt wel een ontwikkelingsland… Er heerst hongersnood, mensen sterven onnodig aan van alles en nog wat waarvoor we in Nederland gewoon behandeld worden en de prijzen van alles wat je maar kan bedenken zijn eigenlijk onbetaalbaar voor het overgrote deel van de Malawische bevolking. Een Nederlandse vrouw van post.nl die we ’s avonds bij de Pakachere spraken bevestigde dit met haar verhalen nogmaals… Tijdens het reizen hadden we dit niet zo door gehad en zag ik vooral de positieve ontwikkelingen vergeleken met 3 jaar geleden en met de dingen die we in Uganda hadden meegemaakt. Reizen geeft een hele andere belevenis van Afrika dan (vrijwilligers)werk/ stage. Ik vind het beide erg leuk, maar mijn voorkeur gaat toch naar het vrijwilligerswerk. Ik denk ook zeker dat ik dit nog eens zal gaan doen. <br /> <br /> Vrijdagmorgen hebben Meagan en ik de botanic garden van Zomba bezocht, een mooie sprookjesachtige omgeving. Fijn om er even rustig rond te wandelen. Zeker met de wetenschap dat we weer heel wat reisuurtjes voor de boeg hadden. <br /> Na wat inkopen voor eten en drinken onderweg was het weer flink discussiëren geblazen op het busstation. Er werd ons weer een belachelijke (mzungu)prijs voorgehouden voor de rit naar Monkey Bay. Hier waren we nu eigenlijk wel klaar mee en uiteindelijk kregen we het voor elkaar om voor een eerlijke prijs naar Monkey Bay af te reizen. Ik sprak via sms met Ishmael van Venice Beach (hier heb ik mijn laatste week Malawi de vorige keer doorgebracht) af in Monkey Bay. Samen met Ishmael en twee andere touristen liepen we naar Venice Beach. Een leuke wandeling via een typisch Afrikaans dorp, weer een glimp van het echte Afrika wat standaard een dikke glimlach op mijn gezicht laat verschijnen. <br /> Voor het ondergaan van de zon namen Meagan en ik nog snel een duik in het Malawimeer om daarna lekker Nsima met Chambo (echt Malawiaans eten, maispap met vis) te eten en dit weg te spoelen met een cider. <br /> Omdat Ishmael en ik zo’n goede vrienden zijn (…) kregen we voor de dorm-prijs een tweepersoonskamer met badkamer en regelde hij vast voor een lokale prijs een taxi voor ons naar het vliegveld de komende maandag. Gezellig bijgekletst (wat dat doe je met vrienden) en ook nog even de route en eerlijke prijzen voor de volgende dag doorgenomen. <br /> <br /> Zaterdagmorgen stonden we vroeg op om nog even goed te kunnen genieten van de zon en het mooie Malawimeer. Na een lekkere ochtendduik en ontbijt sliepen we in de hangmat nog even verder. Heerlijk. Na wat uurtjes had onze huid weer een extra tintje bruin en moesten we het heerlijk leventje toch echt laten voor wat het was. De wandeling via het dorpje weer terug naar Monkey Bay waar we ons achter in een laatbak nestelden om het eerste stuk richting Lilongwe te bereizen. Via via via kregen we voor het laatste stuk van de route (van Salima naar Lilongwe) weer een ‘normale’ matola te pakken. Doordat de conducteur slightly te veel Malawian Gin op had kon hij niet meer rekenen en volgde vele discussies met de passagiers, waaronder met ons. Na hem in baby-taal ondersteund met gebarentaal uitgelegd te hebben wat hij Meagan aan wisselgeld moest geven besloot ik mijn deel maar niet te betalen. De uitleg snapte hij namelijk niet, dus geen wisselgeld, maar omdat hij vergat dat ik ook nog moest betalen kwamen we toch zeker niet bedrogen uit… De arme man… en mijn goede advies een volgende keer wat minder te drinken zodat hij goede zaken kan doen viel ook al niet in goede aarde… Weer een ervaring rijker zullen we maar zeggen. Wel was de beste conducteur zo vriendelijk ons voor de deur van de Sunset Lodge af te zetten, want die vriendelijke mzungu’s kon hij geen gevaar laten lopen in de donkere gevaarlijke grote stad. Hmm… misschien kon hij het advies toch wel waarderen?? <br /> <br /> Zondags, onze een na laatste dag van ons Afrika avontuur, was de dag die we onszelf al vanaf begin af aan toegezegd hadden te gebruiken voor het aanschaffen van souvenirs. Zo gezegd zo gedaan, resultaat: Meagan en ik kunnen wel een winkeltje met Afrikaanse spullen beginnen nu. Voor de laatste keer weer alles in de backpack herinrichten en klaar om naar huis te gaan… Of we daar zin in hadden? Om eerlijk te zijn probeerden we de onvermijdelijke dag van naar huis vliegen tot op het laatste moment te ontkennen. Nog een keer samen meezingen met onze favo Ugandese songs en een potje bawo (Malawisch spel). Het typen van dit blog stond eigenlijk op de planning, maar zo zwart op wit zou het einde van onze droomreis te werkelijk worden. Vandaar ook dat dit een-na-laatste hoofdstuk van ons Afrika avontuur nu pas online verschijnt. <br /> <br /> 4 maart, daar was de dag dan toch echt. Ontbijten, bij de PEP nog even een schoon shirt voor de reis gekocht (want alles uit mijn backpack was al minstens een paar keer ongewassen gedragen), nog een paar laatste souvenirs gekocht en op met de taxi naar Lilongwe International Kamuzu Airport. Het laatste beltegoed werd opgebeld een troostende chocoladereep verorbert. Vergezeld door vele Japanners vlogen we van Lilongwe via Sudan naar Ethiopië. In Ethiopië verruilden we Ethiopiën airlines voor Lufthansa. De Japanners maakten plaats voor Duitsers. In een laatste poging de terugkeer naar huis te ontkennen bleven we stug Engels praten terwijl we best een woordje Duits kunnen. In Congo maakten we een tussenstop en uiteindelijk kwamen we 5 maart keurig op mzungu-tijd 6.15uur aan in Frankfurt. Daar stonden pap en de moeder van Meagan ons met open armen op te wachten. Okee, het is erg jammer dat ons Afrika avontuur er nu echt opzit, maar om pap en in Bemmel de rest van de familie weer te zien was stiekem ook wel weer erg fijn. <br /> <br /> Hoe het is om nu weer thuis te zijn zal spoedig volgen in het laatste hoofdstuk van mijn Afrika avontuur – deel 2. </p> Sat, 09 Mar 13 17:45:37 +0100 Back ‘home’ in Malawi http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/20/back-%25e2%2580%2598home%25e2%2580%2599-in-malawi <p>Het weerzien met Moses en Mzuzu voelde als thuiskomen. Ik herkende nog veel en het leek alsof Moses en ik elkaar de dag van te voren nog hadden gezien. Nadat hij ons had begeleid naar de Flame Tree Guesthouse, onze verblijfplaats in Mzuzu, zijn we met zijn drietjes naar de Big Bite geweest. Een soort fastfood restaurant die Marije en ik 3 jaar geleden veel te laat hadden ondekt. Nu was het er vrij uitgestorven en was, zoals we inmiddels gewend zijn, alles wat op de menukaart stond niet aanwezig. Kip met patat maar weer. Daarna nog even naar de grote Peoples supermarkt om een hapje en drankje te kopen om daarmee samen met Moses de avond door te brengen bij ons guesthouse. <br /> <br /> Met het lopen door Mzuzu kwamen weer vele herinneringen boven waarvan ik niet wist dat ze nog in mijn geheugen waren opgeslagen. De short cuts wist ik nog als vanouds. Alsof er niets veranderd was. Maar schijn bedriegt kwam ik de volgende dag achter toen ik met Meagan samen de stad nog eens ging verkennen. Mzuzu leek toch nog best wat veranderd. Nieuwe winkeltjes, nieuwe eetgelegenheden en een aantal plekken met WiFi. Moses wees ons later ook op een nieuwe bank, een kleine shopping Mall en een nieuwe ‘uitgaansgelegenheid’. Met het ontwikkelen van Mzuzu lijkt ook het toerisme er te zijn toegenomen. Zo hier en daar kwamen we wel een mzungu tegen. Dit maakt dat de mensen in en rondom Mzuzu nu een stuk meer gewend zijn aan het vreemde volk met witte huid. Het continue ‘Hello, how are you?’ en ‘mzungu!’ bleef afwezig. Heel anders dan 3 jaar geleden, maar toch nog steeds mijn Malawi-thuis. <br /> Toen we dinsdags onze weg weer terug zochten naar het guesthouse kwam nummer 4 in de reeks ‘Hebben we die ook in Nederland’ op ons afgevlogen. Zonder reden wilde hij ons naar de keel grijpen. We weerden hem fysiek af en mompelden ‘Toe es’. Terwijl we verder liepen beseften we dat deze vier maanden Afrika ons toch best wel een beetje veranderd heeft. In Nederland zou je toch echt wel heel anders reageren als een wild vreemde je naar de keel zou vliegen... Nu zijn we niet meer zo snel van ons stuk te krijgen. <br /> ’s Avonds liet ik Meagan kennis maken met het overheerlijke A1 restaurant. Eten met smaak, een plek met goede herinneringen. A1 blijft een aanrader voor een ieder die zich ooit in Mzuzu zal bevinden. Onder hen heeft nummer 3, de schizofreen, zich al begeven die direct op de vlucht sloeg toen hij ons waarnam. <br /> <br /> Woensdag 20 februari had ik een heel dagprogramma uitgestippelt. Langs bij het schooltje waar ik met pap, mam, Bram, Marije en Koen de muren heb beschilderd; Meagan mijn beide stageplaatsen St.John’s Hospital en St.John of God laten zien en langs wat andere plaatsen waar ik goede herinneringen aan heb zoals het huis waar Marije en ik woonden en de school voor verpleegkundigen. <br /> De mensen van het guesthouse lieten ons echter weten dat we, in het kader van onze eigen veiligheid, beter tot een uur of 1 in het guesthouse konden blijven. Er waren namelijk stakingen in het centrum en we konden er maar beter wegblijven. ‘Stakingen waarover?’ ‘Iets met geld.’ Oooowja, heeeeel Afrika duidelijk. ’s Avonds legde Moses onder het genot van een biertje uit dat met het invoeren van nieuwe bankbiljetten (dat briefje van 1000 MK kwam me al niet bekend voor) de waarde van de Malawian Kwacha enorm was gedaald. De salarissen echter, zijn het zelfde gebleven. 68%!!!! zou het salaris omhoog moeten om het hele gebeuren weer gelijk te trekken. Slightly een probleem dus. Met name de basisschooldocenten en medisch personeel hebben hier onder te lijden (ambtenaren). Zij zijn nu, heb ik van horen zeggen, al een tijdje aan het staken. Dit betekend dat zij enkel tot 11.00uur werken en de rest van de dagen vullen met werkweigering. Inmiddels zijn de basisschool scholieren dit ook zat en zijn zij nu ook aan de gang geslagen met protesteren. In Lilongwe heeft dit bijvoorbeeld geleid tot het met stenen bekogelen van winkels door kleine ukkies.<br /> Doordat wij ’s middags nog niet echt van dit gehele gebeuren af wisten kwamen Meagan en ik bij de meisjes basisschool voor gesloten deuren te staan. Wel konden we door de raampjes gluren, de schilderingen die we 3 jaar geleden op de muren hebben geplaatst staan er nog altijd op. Leuk. <br /> Door naar St.John’s Hospital maar. Het gedeelte bij de hoofdingang bleek ingestort en ontruimt. Via de nieuwe ingang werden we na een korte uitleg zonder problemen binnengelaten. Raar om weer door de gangen van het ziekenhuisje te lopen waar ik ooit onderdeel van uitmaakte. Ik zag wel wat bekende gezichten, maar er leek ook veel nieuw personeel rond te lopen. Behalve dat leek er weinig veranderd. St.John’s zag er vervallen uit, dezelfde ruimtes, dezelfde foto’s aan de muren, de zelfde oude posters en voorlichtingsmaterialen. In het hokje waar ik hoopte matron Mrs.Ziba of Marla Bvumbe te treffen hing nog een vergeelt fototje van Marije en mij. Op de kinderafdeling trof ik verpleegkundige Patrick die mij ook nog leek te herkennen. Hij bevestigde dat er veel nieuw personeel werkte. Mrs.Ziba zou nog wel ergens in het ziekenhuis rondlopen maar we vonden haar niet. Marla was inmiddels docente aan de St.John’s Collage of Nursing geworden en zouden we daar kunnen vinden. St.John’s gelaten voor wat het was en een tevergeefse zoektocht naar Marla ingezet. <br /> Op naar St.John of God. Bij de ingang stond bij toeval verpleegkundige Charles, die destijds mijn stagebegeleider was. Hij vond het erg leuk dat ik teruggekomen was om te kijken hoe SJOG er nu bij stond en wilde met plezier een rondleiding geven. Zo positief als ik toen over SJOG was zo positief was ik nu weer. In drie jaar tijd zijn ze behoorlijk verder ontwikkeld. Naast de al bestaande faciliteiten was er nu ook een fitnessruimte met behoorlijk wat apperatuur, verbinding met de wereld via internet, een programma voor drugs- en alcoholverslaafden, een uitgebreide rehabilitatie-ruimte en vertelde Charles dat er nu ook een department in Lilongwe van SJOG is opgezet. Goed om te zien. Ik vond het ook leuk om twee van ‘mijn’ oude patiënten te treffen, hoewel dit voor hen natuurlijk niet zo voordelig is...<br /> ’s Avonds was het tijd om te ontspannen. Bij een van de nieuwe eetgelegenheden een lekkere pizza op en daarna met Moses de nieuwe bar verkent en nog een dansje gewaagt in de mij al bekende Paris bar. Geheel tegen advies van Moses en tijden geleden mijn docenten aan de HAN in pakten we ’s nachts een fietstaxi (lees: gewoon achterop de fiets) naar huis. Deze zouden niet veilig zijn, maar in vergelijking met de boda boda vonden Meagan en ik dit uiterst overdreven. Bij thuiskomst wilden de fietsmannetjes ineens meer geld hebben dan afgesproken. Dit weigerden we uiteraard waardoor ze ons nog onvergeefs zouden lastig vallen met het verhaal dat we ze geld verschuldigd waren. Later! <br /> <br /> Donderdagmorgen pakten we weer gewoon de fietstaxi richting St.John’s Hospital waar we met Moses hadden afgesproken. Vanaf daar startten we een lange wandeling met een tussenstop bij Moses moeder Judith. Na het bezoek aan Judith zettten we onze tocht voort naar de dam, mijn favoriete plek in Mzuzu. Via het stukje Nederland (bos van dennenbomen) kwamen we bij dit mooie stuk natuur. Na wat foto’tjes gemaakt te hebben en genoten te hebben van de rust die er heerst liepen we door de maisvelden terug. Ergens midden in de maisvelden stond een schattig huisje waar ik me meende te herinneren dat ik er toen uitgedorst een flesje cola had kunnen bemachtigen. Ook dit keer konden we hier weer aankloppen voor een frisje en dus een kleine pauze. Genieten! <br /> De maisvelden maakten plaats voor een natuurlijk stuk van wat ze in Nederland namaken en ‘adventure’ noemen. Via onmogelijke houten ‘bruggetjes’ balanceerden we ons voort over een moerasachtig gebied met prachtig uitzicht op bergen. Bijna aan het einde van de adventure verloor Meagan haar balans en in een poging haar te helpen drukte ik haar voet die vast zat onder een balk nog een stukje verder de vernauwing in. Eenmaal los had Meagan flink wat pijn en constateerden de drie verpleegkundigen bij elkaar dat ze een flink gekneuste teen had. Heeeel handig tijdens het backpacken, arme Meagan... <br /> ’s Avonds als troost nog maar weer eens bij de A1 gegeten en rustig aangedaan. <br /> <br /> Na heel wat heen en weer gesms met Christopher, de maatschappelijk werker van Umoza (straatkinder project van SJOG) stond vrijdagmorgen nog een vluchtig bezoek bij Umoza op het programma. Toen we er aankwamen leek Christopher druk aan het vergaderen, maar toen hij ons zag werden we er vrolijk bij geroepen. Bescheiden namen we plaats en wilden we wachten tot de vergadering was afgelopen. Maar ineens werden we voorgesteld en bleken we afsluiter van de vergadering te zijn. Ietwat ongemakkelijk. Een hoop mensen stelden zich voor en in een ogenblik zag ik dat Christopher een echte ‘baas’ was geworden en er nu naast hem nog zo’n 8 andere maatschappelijk werkers zijn. Ook Umoza is flink uitgebreid, super om te zien en om over te horen. <br /> Na de vergadering werden Meagan en ik enthousiast meegenomen door de docent die me nog eens nadrukkelijk bedankte voor wat ik samen met mijn famillie 3 jaar geleden had gebracht. Hij nam ons mee het klaslokaaltje in waar een stel moeilijk lerende jongens zich in hakkelend Engels voorstelden. Ik ben ...., ik ben geboren in .... en ik houd van ..... Vervolgens waren Meagan en ik aan de beurt en na het voorstelgebeuren werden we ingezet als ‘leesmoeders’. Na een half uurtje was het ‘theepauze’ en riep Christopher ons nog even bij zich. Hij vertelde meer over Umoza en de ontwikkelingen in Malawi. Leuk en interressant. Na een tijdje moest hij dringend naar een vergadering met een paar hoge piefen er werden nog wat foto’s geschoten.<br /> ’s Middags vertrokken we met Moses, na wat broodnodige aankopen bij de PEP (in Zuid-Afrika de Wibra van Nederland), richting Nkhatabay. Mayokka village was onze bestemming. Met aanwezigheid van local Moses ging de reis soepel en gelukkig voor Meagan (au au, teen) had Mayokka nu een pick up service. Relaxing time!!<br /> Twee nachtjes zijn we er gebleven. De dagen vulden we met spelletjes, bijkletsen, genieten van de zon, proosten van biertje/cider, zwemmen, snorkelen, lekker eten enz. Kort om, heel vervelend allemaal. Meneer de schizofreen, nummer 3 in de reeks, bleek er ook weer eens te zijn. Ook hij leek zich er prima te vermaken al kon hij geen minuut stilzitten omdat hij alle hoeken en gaten in de pijling moest houden voor het geval een van zijn achtervolgers zou opduiken. <br /> <br /> Zondags was het weer tijd afscheid te nemen van Moses. Hij vertrok met de matola naar Mzuzu om weer aan het studeren te gaan en wij zetten onze reis door Malawi zuidwaards voort. Aan het einde van de middag bereikten we Chintheche. Het helse 3km zandpad, leidend naar Kande beach, nog flink aanwezig in mijn geheugen lieten Meagan en mij ‘tassendragers’ inhuren. Onder het mom van ‘we sponsoren de locale economie’ voelden we ons wat minder schuldig toen we de jongens flink zwetend onze big backpacks lieten zeulen. <br /> Kande beach was weer relaxen, zwemmen, lekker eten en nog meer relaxen. Zondags zat het weer nog mee.<br /> <br /> Maandagmorgen stonden we vroeg op omdat we om 7.00uur een paardrijtocht gepland hadden. Helaas waaide het flink en dacht de man van de paarden dat het 80% zeker zou gaan regenen (buienrader heeft hier zijn intrede nog niet gedaan). Het paardrijden werd verzet naar de middag in de hoop op beter weer. Terug het bed nog maar weer in en rond lunchtijd werden we vergezeld door Precious die speciaal voor mij naar Kande beach was gekomen. Leuk leuk om ‘oude’ vrienden terug te zien en bij te kletsen. Rond half 3 vertrokken we weer twijfelend richting paardrijmannetje. Nu kon het wel doorgaan vond hij. Het waaide nog flink maar de temperatuur was lekker en de regen bleef weg. <br /> Ruim een uur hebben we flink genoten van een prachtige paardrij-rit langs mini-dorpjes, bos, riviertje, over het strand en als geweldige afsluiter in het Malawimeer. Een superervaring om in bikini op een paard zonder zadel de golven van het Malawimeer te trotseren. Gillend van plezier en angst van het paard af te slaan door de golven voelde ik me weer even helemaal een klein kind. Heerlijk. Precious heeft als cameraman gefungeert dus deze herinnering is vereeuwigt. <br /> Toen we te paard het golvende Malawimeer in gingen bleek het water aantrekkelijker dan het er uit zag. Na het paardrijden waagten we ons dan ook aan het golvenduiken samen met Precious. Een superdag ging voorbij en de avond sloten we af met een gezellig gesprek met twee van onze Duitse buurlanders. <br /> Met hen zijn we gisteren (dinsdag 26 februari) vanaf Kande Beach via een lange weg en vele overstappen richting Lilongwe afgereist waar we ieder weer onze eigen weg hebben gezocht. Nog maar een week Afrika te gaan.... <br /> <br /> Ik kan haast niet beseffen dat ik volgende week weer voet op Nederlandse bodem zal zetten. Mixed feelings, maar een ding is zeker, ik zal blij zijn iedereen weer te zien. <br /> <br /> <br /> <br /> <br /> <br /> Ps. Ik ben nog een aantal mensen een mailtje verschuldigd, maar mijn laptop connect niet meer met het internet dus terugmailen is niet meer zo eenvoudig... Excuses, vanaf volgende week praten we weer live bij!!</p> Wed, 27 Feb 13 08:18:01 +0100 Hoewel werk roept blijf ik bij mijn rol als backpacker http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/19/hoewel-werk-roept-blijf-ik-bij-mijn-rol-als-backpacker <p>Nadat we onszelf weer hadden opgepakt na het afscheid op afstand in Entebbe, vlogen we met een tussenstop in Nairobi zonder problemen naar Dar Es Salaam. Helaas bleek daar dat de douanemensen zich nog steeds tegen ons gekeerd leken te hebben. We mochten ons visum, die we opnieuw moesten aanschaffen, niet in Tanzaniaanse Shillings betalen. ‘Dar Es Salaam is een grote stad, hier moet u uw visum in Amerikaanse Dollars betalen.’ Heel Afrika logisch dat je in Tanzania je visum niet in de nationale valuta kunt betalen... Na lang in onduidelijkheid wachten mochten we dan toch vast even de douane door om onze shillings om te wisselen voor dollars zodat we het visum naar hun wens konden betalen. Voor geld mogen de regeltjes (terwijl dit zelfs een echt geldende regel is) dan weer wel even door de vingers gezien worden... <br /> Rond half 2 ’s nachts kwamen we eindelijk uitgeteld aan in het Jumba hotel, waar we in Dar zouden verblijven. De volgende morgen voelden we ons beide niet lekker. Geen energie... Dar Es Salaam was nog benauwder dan alle andere plaatsen die we tevoren hadden aangedaan. Een vinger bewegen en het zweet kwam al. Toen we er achter kwamen dat de (‘snelle’) trein die we vanuit Dar wilden nemen naar Mbeya alleen dezelfde dag of over een week zou gaan besloten we meteen actie te ondernemen. Met geen mogelijk wilden we in Dar een week vastzitten, slightly beïnvloed door ons opperbest humeur. Tot onze opluchting bleek het geluk weer aan onze zijde en konden we een kaartje 1e klas reserveren voor de treinreis van die middag terwijl de Lonley planet aangaf dat je minstens een aantal dagen van te voren moest boeken. Met de tuctuc lieten we ons naar het Tanzara treinstation rijden zodat we toch nog een beetje een glimp konden opvangen van Dar. <br /> De bijna 24 uur durende treinreis van Dar naar Mbeya, onze laatste bestemming in Tanzania, was best leuk! Met een andere backpackster en een Zambiaanse vrouw deelden we een coupé waar we allen een eigen ‘bed’ hadden. De uren met daglicht bracht ik met Meagan op haar bed beneden door. We reden langs mooie landschappen en leuke dorpjes. De positieve energie kwam weer terug, gelukkig maar, deze droomreis is te mooi om te laten verpesten door stomme machtsmannetjes. <br /> De donkere uren kon ik ondanks het flink hoebelen van de trein prima slapen op mijn bed bovenin de coupé. <br /> <br /> Rond een uur of 1 kwamen we de volgende dag, sneller dan verwacht, aan in Mbeya. Daar was de temperatuur een stuk aangenamer, vrij koel zefs. Onze rit naar het Mbeya Peak Hotel werd onderbroken door een onophoudelijke stoet van boda boda’s met passagiers. Er bleek een boda boda chauffeur verongelukt te zijn en dit was een eerbetoon aan hem. Mooi. <br /> ’s Middags regende het en zaten we vast in het hotel. Goed moment om maar weer eens een blog te typen en foto’s van de afgelopen dagen uit te zoeken om die de volgende dag op het internet te plaatsen. <br /> Aan het einde van de middag klaarde het op zodat we te voet Mbeya konden verkennen. Niet veel bijzonders, maar toch een aangenaam stadje. Vriendelijke mensen, gemoedelijke sfeer. Het eten wat we bij een restaurantje bestelden liet zo lang op zich wachten dat we bijna een hele film uit hebben kunnen zien. Een TV, zeiden we, die hadden we eigenlijk nog helemaal niet gemist. Raar, in Nederland kun je er uren mee zoet zijn. <br /> <br /> Op valentijnsdag trakteerden we onszelf van onze laatste Tanzaniaanse Shillings op lekkers en brachten we wat tijd door op het internet. Uiteraard moest er het een en ander gecorrespondeerd worden. <br /> Aan het einde van de ochtend pakten we voor het laatst de matatu in Tanzania. De tijd was eindelijk daar voor mij, om na 3 jaar, terug te keren naar Malawi!! Door het Afrikaanse tempo van reizen kwamen we die dag echter nog niet op, voor mij, bekend terrein. Eerst Mbeya maar eens uit zien te komen. Een ‘Hebben we die ook in Nederland’/’mad one’ kreeg ons in het verzier terwijl we al braaf voorin de matatu zaten te wachten op vertrek. Hij verklaarde me de liefde, pakte mijn armen vast en mijn daaropvolgende poging me los te worstelen om hem een klap naar zijn kop te geven bleek voor hem het teken van wederzijdse liefde. Na het toeschieten van wat hulp draaiden we gauw het raampje dicht en startte de beste man de meest dramatische afscheidsscène ooit. Hij plakte zichzelf tegen de voorruit en bleef onophoudelijk de scène voortzetten. Minuten leken uren te duren en voor de zoveelste keer riepen we ‘Dit is toch niet normaal!’ en ‘Haal me hier vandaan!’. De man hield zo veel van me dat hij zich nog liever dood liet rijden dan dat hij me liet gaan... Terwijl de matatu de moter startte en voorzichtigaan wegreed bleef de man met boksende bewegingen voor de matatu staan tot hij dan eindelijk aan de kant werd gezet door een van de vele toeschouwers. Sorry meneer, ik ben nog een maandje off-duty. <br /> Na een overstap in Kyela kwamen we na een aantal uurtjes aan bij de grens tussen Tanzania en Malawi. Eens kijken of de douanemannetjes hier weer wat vriendelijker waren. Ja hoor, ik gooide er na 3 jaar weer wat chiTumbuka (stam-taal in het Noorden van Malawi) uit en met een brede glimlach kreeg ik gratis en voor niets een dikke vette stempel in mijn paspoort. Welkom in Malawi. Vriendelijke mensen, mooi weer en een enthousiast ontvangst bij de Safari Lodge in Karonga. Terug in het warme hart van Afrika. Weer een beetje thuis. <br /> <br /> Na een ontbijtje (hmm, weer 2 sneden wit brood, een gebakken ei en patatten) en een goede wandeling richting Karonga busstation was het weer tijd om.... Juist ja, te wachten. Nummer 2 in de reeks van ‘Hebben we die ook in Nederland’-mannen vond het weer nodig ons onophoudelijk pratend gezelschap te houden. Neeheee, ik weiger, ik ben vrij, over een maand zijn jullie de eerste. <br /> ’s Middags bereikten we Chitimba Beach, een strandresort aan het Malawimeer. Lekker zonnen, muziek luisteren, lezen, hapje drankje enz. Kort om een luie dag, heerlijk! De volgende dag zou ons een flinke klim op Chomba Mountain staan te wachten.<br /> <br /> Al vroeg hadden we zaterdags het ontbijt op. Met gids Fisha hadden we om 8.00uur afgesproken zodat we ons in de enigsinds koele omstandigheden van de ochtenduren aan de klim konden wagen. In 2 uur tijd bikkelden we onszelf, in het moordende tempo van Fisha op flipflops, via de meest onmogelijke shortcuts omhoog. Iedere stap die we verder omhoog deden vroegen we onszelf, gelukkig nog altijd lachend, af waarom mensen dit in godsnaam als hobby kunnen hebben. Maar eerlijk is eerlijk, het eindpunt waardeer je honderd keer zo meer na zo’n klim dan na een lift met een auto. De Manchewe WaterFalls en de ‘grot’ waren prachtig en het uitzicht vanuit de hangmat bij de Mushroomfarm geweldig. Met een big smile wist ik weer heel goed waarom ik Meagan de Chomba Mountain mee opgezeult had. Deze plek staat zeker in mijn lijstje meest favoriete plekken op aarde. <br /> 3 jaar geleden leerde ik ’s avonds het kaartspel ‘Klootzakken’ van de managers bij de Musroomfarm. Nu leerden we het kaartspel ‘Shithead’. Een gezellige avond ging over, tijd om ons tentje aan de rand van de klif in te kruipen. <br /> <br /> Zondagmorgen hebben we lekker rustig aan gedaan en nog meer genoten van het geweldige uitzicht bij de Musroomfarm. Voor het middaguur besloten we de berg weer af te dalen via de ‘gewone weg’ zonder gids. Blijkbaar vond een van de honden van de Mushroomfarm dit niet zo’n puik idee en liep het hele eind met ons mee. Het arme beest, flink hijgend werd hij bij aankomst van Chitimba Beach buiten de poort gehouden. Voor eten en drinken moest hij weer het hele eind zijn weg omhoog vinden. Liever hij dan wij, hoewel wij bij gebrek aan cash ook niet veel te makken hadden. In Mzuzu zou er pas weer een pinautomaat zijn om ons in Malawiaanse Kwacha’s (munteenheid van MW) te voorzien. Een late lunch dan maar en geen avondeten, gelukkig wel nog wat geld voor drinken en de volgende dag een ontbijt. <br /> ’s Avonds volgende nummer 3 in de reeks van ‘Hebben we die ook in Nederland’-mannen. Chitimba campsite, 4 gasten. Een vriendelijke Australische leraar die vakantie hield, twee Nederlandse psychiatrisch verpleegkundigen en een prototype schizofreen met flinke achterdochtswaan, zeer bekend in de UK en tot in het meest afliggende gebied van Malawi achtervolgd. Ons werk lijkt steeds harder te roepen, maar meer dan het stellen van de diagnose en het met tactiek afwimpelen deden we niet. VA-KAN-TIE, oprotten met je complottheorieëen. Arme jongen... Hopelijk leid zijn waan hem nog terug naar de UK zodat ze hem daar de hulp kunnen geven die hij daadwerkelijk nodig heeft. <br /> <br /> Maandag 18 februari, vandaag was het zo ver! Terug naar Mzuzu, terug naar mijn Malawi-thuis. Weer wat kilometers per matola (in Malawi heet de matatu/minubus matola) afgelegd. Na een overstap bij Rumphi werden we vergezeld door 5 gillende geiten en een kip. Door tientallen keren stoppen en matola tot de nok toe vullen kwamen we dan eindelijk ruim 3 uur later aan bij Mzuzu busstation. Daar stond Moses ons keurig met wat geld te leen voor de matola-rit op te wachten. Wat super om hem na al die tijd weer te zien!<br /> <br /> Over het weerzien, het terug zijn in Mzuzu en alle bijbehorende nieuwe ervaringen schrijf ik jullie een volgende keer weer! Nummer 4 en whaaa nummer 3 weer, zullen personage zijn in het volgende hoofdstuk van mijn reisverslag. <br /> <br /> Liefs vanuit Malawi</p> Fri, 22 Feb 13 11:59:51 +0100 Terug in het land van... http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/18/terug-in-het-land-van... <p><br /> <br /> Dinsdsag, twee weken geleden, brachten we het eerste dagdeel nog door aan het zwembad en strand van Zanzibar. Te voet, via dalla dalla en taxi brachten we onszelf weer terug naar het vliegveld van Zanzibar. Daar voor het boarden even snel mail checken, want er was gratis WiFi. Wat een geweldig nieuws in mijn inbox!! Vanaf maart zal ik voor onbepaalde tijd voor 32 uur in de week deel uit maken van het verpleegkundig team op de PAAZ van het CWZ. Precies zoals ik het zo graag wilde. Door het dolle heen vloog ik met Meagan via Nairobi naar Entebbe. Nog ruim een maand genieten van deze droomreis, straks een vaste baan dus wat minder zorgen omtrent geld. <br /> Na middennacht arriveerden we in Entebbe, waar de ooms van GICHBELU (Peter, Pascal en Joseph) ons keurig mzungu-time stonden op te wachten. Super om hen weer te zien!! <br /> <br /> Daar waren we weer. Terug in het land van de boda boda’s, overvolle matatu’s, bananenbomen en de Lugandese taal. Terug in het land van de eeuwige discussie om een eerlijke prijs en ‘mzungu bye’ roepende kinderen. Terug in het land van de slechte communicatie of beter gezegd gebrek aan er toe doende communicatie. Terug in het land van corruptie. Terug in het land van de jongens en ooms van GICHBELU die onze harten hebben gestolen. Terug in het land van vele leerzame, waardevolle en onvergetelijke herinneringen. Terug in Uganda.<br /> Klaar om nieuwe herinneringen te maken. Inmiddels zijn ze gemaakt, 13 wederom onvergetelijke dagen in Uganda zitten er op. Hier weer een poging jullie mee te nemen in mijn belevenissen. <br /> <br /> Woensdags verwelkomde Uganda/Kampala ons met een dag vol regen. Perfect weer dus om Snakes en Ladders maar weer eens uit de kast te halen en in het donkere hol van de jongens met hen spelletjes te spelen. Heerlijk om de smoeltjes van de jongens weer te zien stralen en ook de andere helft van het begeleidingsteam weer te zien. <br /> Tegen het eind van de middag luisterde het weer naar wat we met de jongens hadden gezongen ‘rain, rain, go away, come back another day’. Een stel vieze varkens spelend in een modderpoel is een betere omschrijving van wat ik zag dan twee teams die samen een voetbalwedstrijd speelden. Vermakelijk was het wel, dus niets te klagen. ‘This is African football’, zeiden de andere supporters. ‘This is Africa’, zouden we die week nog vele malen te horen krijgen als we ons weer eens ergens over verbaasten of druk maakten. <br /> <br /> De volgende dag zochten we de jongens weer op. Of we weer Snakes en Ladders wilden spelen? ‘Jongens, kennen jullie niet ook nog een ander spel?’ Kaarten maar en weer een dagdeel voorbij. De middag vulden we met rondlopen door Kampala, de was op zijn Afrikaans (dus met de hand) doen op de binnenplaats van de ooms en het bijwonen van Pascal zijn voetbaltraining. Ook kleine Reagan (een van de jongens, met voetbaltallent) mocht met het grote spul mee doen. Leuk om te zien! Peter, Meagan en ik hadden naast Reagan ook Rashid en Kevin meegenomen op bij de training te kijken. <br /> We namen de 3 jongens na de training mee door het drukke Kampala naar de Shoprite en een ander grote supermarkt omdat we wat boodschappen wilden doen. Niet wetend dat de avond zo echt een avondje uit werd voor deze jongens. <br /> Bij de ingang van de tweede grote supermarkt kwam Rashid naar me toe. ‘Mam, bedankt!’, zei hij met een brede glimlach op zijn gezicht. Noemde hij me nu mam? Waarvoor bedankt hij me? Ik vroeg Rashid waarom hij me bedankte. ‘Ik ben zo blij, het is de eerste keer dat ik bij deze grote supermarkten naar binnen ga. Bedankt mam.’ Ik wist niet waardoor ik meer beduusd was. Dat de kleine jongen me mam noemde of omdat een 11 jarige jongen door het dolle kan zijn omdat hij voor het eerst een grote supermarkt binnen gaat. Hij keek zijn ogen uit. Toen ik later op de terugweg door het mega-chaotische Kampala achterom keek zag ik hem dansend over straat gaan. Ik wees Peter, die me als een blinde begeleide hond begeleed door de stad, op het tafareel. Peter vertelde me dat Rashid zo blij was, omdat hij voor het eerst in de grote supermarkt was geweest. Omdat hij van Meagan en mij een zak snoep had gekregen om met de andere jongens te delen en omdat hij voor het eerst een eigen plastic afsluitbare flesje cola vasthield. ‘Rashid, waarom neem je geen snoepje, waarom drink je niet wat van je cola?’, vroeg ik. ‘Nee, mam. Je mag niet lopend eten en drinken. Dat doe ik thuis, dan deel ik het met de anderen voor we gaan slapen. Mag het even bij jou in de tas?’. Ik smolt... Mijn kleine lieve Rashid, vanaf begin af aan al mijn lieveling. Komt altijd naar me toe om me extra welkom te heten, bedanken, een knuffel te geven of gewoon om even wat te zeggen. Nu wist ik het zeker, ik moet en zal deze jongen gaan sponsoren, een idee wat ik al wel in mijn hoofd had maar eerst nog goed over na wilde denken. ‘Is goed Rashid, mijn zoon.’ <br /> <br /> Vrijdag was wederom een regendag. Joseph vertrok zoals alle dagen om half 7 in de ochtend naar zijn werk. Eerst het ene baantje in de ochtend, vervolgens tot vaak 7 in de avond het andere baantje. Dat voor een schammel loon van nog minder dan 2 euro op een dag. Ook Pascal had deze ochtend een klusje, ging ergens een laptop maken. Dit bood voor Meagan en mij de gelegenheid met de boda boda naar Brood te gaan voor een lekker ontbijt. Dit ontbijt smaakte me een stuk minder toen ik besefte dat ik in een uur tijd 3 dagen salaris van Joseph had opgemaakt. Wat zijn de dingen in het leven toch ook eerlijk verdeeld... <br /> We besloten te voet terug te gaan. Het New Bakuli guesthouse waar we deze dagen verbleven was vlak bij de Nationale Moskee. Deze stak overal bovenuit dus verdwalen konden we niet. Na ander half uur kwamen we aan bij het huis van de jongens. Ook in de buurt van het guesthouse en de Moskee. Vanuit daar vertrokken we met Peter en Pascal de sloppen in. <br /> De sloppen maakten wederom een onuitwisbare indruk op me achter. Dit keer niet zo zeer meer het geheel, want dit stond nog op mijn netvlies gebrand. Nee, we ontmoetten weer het 10 jarig jongetje waarover de ooms zich de vorige tour door de sloppen ook ontfermden. Wederom totaal stonded van de Kerosine, maar ondanks dat kon je in zijn ogen zien dat hij dit leven niet wilde. Hij vroeg ons, zoals de meeste mensen in de sloppen, om hulp. Ik vroeg de ooms waarom ze hem niet ook konden helpen. ‘Geen plaats, geen faciliteiten’, was het te verwachten antwoord. Het huis van de jongens bied ruimte voor 3 opeengepropte stapelbedden van 3 hoog, waar nu al 11 jongens + 1 oom verblijven. Er kan echt niemand meer bij... Het enige wat de ooms voor deze jongen kunnen doen is hem zo nu en dan wat aandacht geven, hem voorlichting geven en hem als ze een paar centen ‘over’ hebben wat te eten/drinken geven. Meer niet. Deze jongen is nog maar 1 van de ruim 2500 mensen die in deze sloppen van Kampala leeft... <br /> Wat ben ik blij en trots op de jongens en ooms van GICHBELU. Samen vechten zij voor een beter, menswaardig, leven. Een speld in de hooiberg is het, harde keuze’s moeten gemaakt worden. Maar deze 11 jongens doen het fantastisch en de 6 ooms nemen alle verantwoordelijkheid en kosten op zich zonder hier ook maar iets voor terug te verwachten. De ooms doen dit op geheel vrijwillige basis en daar heb ik ontzettend veel bewondering voor. Ik voel me vereerd dat ik temidden van dit bijzondere bestaan mijn steentje heb kunnen bijdragen. <br /> <br /> Gezien de vrijwiligersperiode er voor ons inmiddels al een maand op zat besloten we zaterdag ons maar weer als toerist te gedragen. De Nationale Moskee maar eens bewonderen en beklimmen. Dit mocht enkel en alleen in de juiste klederdracht en zo werden Meagan en ik omgetoverd tot ware moslima’s. We lieten ons vertellen over de moslim-cultuur, waar we toch best al wel wat van af wisten en konden het niet laten in discussie te gaan over het wel/niet geloven. De moslim-man die ons rondleed vond ons niet brutaal, hij stelde onze mening juist zeer op prijs. Hij had nog niet veel mensen ontmoet die echt zeiden wat ze dachten. Hij vond onze gedachtengang interressant. Maar voor het geval we ons zouden bedenken mochten we hem nog tijdens ons gehele verblijf in Kampala opzoeken voor lessen betreft de islaam. En oowja, ik mocht ook zijn vrouw worden als ik me zou bekeren. Lief aangeboden, maar nee, toch maar niet. <br /> ’s Middags langs de shopjes van Kampala gelopen en ’s avonds onze Ugandese dansmoves weer bijgespijkerd bij de Kyoto openlucht club. Ook de Abert-move werd weer gedaan en Meagan en ik keken onze ogen uit naar alles wat er om ons heen gebeurde. Zo anders het uit gaan hier, vergeleken met Nederland. Maar zeker niet minder leuk.<br /> <br /> Zondag rustig aan gedaan. Joseph hoefde wat uurtjes minder te werken (na veel gedoe) en hier werd van geprofiteerd door met zijn 5en (Peter, Pascal, Joseph, Meagan en ik) naar Lake Victoria te gaan. Daar vermaakten de mannen zich met een potje voetbal en zaten Meagan en ik toe te kijken terwijl we de ‘ongemakken’ door cultuurverschil weer eens doornamen. Heerlijk om samen frustraties te kunnen delen. Zij, de Ugandesen, leven niet op tijd, communiceren gebrekkig, zeggen veel, maar komen weinig na, verwachten dat de mzungu’s wel betalen zonder dat ze dit door hebben of omdat er weer een of andere ongeschreven regel is die wij niet kennen, hebben honderden respect-regeltjes die wij al helemaal niet kennen, nemen alles aan wat ouderen hen vertellen en begrijpen na vele pogingen uitleg niet waar de cultuurverschillen met Nederland zitten. Zij kennen een wereld, die van hen zelf. Wij kennen er twee, dat van hen en die van ons. Er valt hen dan ook weinig kwalijk te nemen, dit zou zelfs oneerlijk zijn. Toch heeft het cultuurverschil de nodige discussies en frustraties opgeleverd. Gelukkig vielen deze in het niet bij alle andere mooie, leuke en waardevolle momenten en kunnen we niets anders zeggen dan dat Joseph en Pascal alles uit de kast hebben gehaald wat ze konden om ons een leuke tijd te geven. <br /> <br /> Maandags besloten Meagan en ik een bezoek te brengen aan het Butabika hospital, we hadden vernomen dat dit het psychiatrisch ziekhuis van Uganda was. Erg benieuwd hoe dit in Uganda er uit zal zien. <br /> Zonder afspraak werden we toch vriendelijk verwelkomt en na een introductie van onszelf en een uitleg van wat we kwamen doen werden we op onze wenken bediend. We starten met een gesprek over de geestelijke gezondheidszorg in Uganda versus Nederland en een uitleg over Butabika hospital met de directeur/ psychiater. Vervolgens zo’n zelfde gesprek met de hoofd verpleegkundige/ manager. Na deze gesprekken werden we door een werknemer van het ziekenhuis op sleeptouw genomen en werden we door het gehele complex rondgeleid. Bij verschillende afdelingen (poli-kliniek, kinderafdeling, vrouwen afdeling nieuwe opname’s, vrouwen afdeling lang verblijf, tbs, dubbeldiagnose, verslaving, therapie enz) werden we vriendelijk te woord gestaan door de werkende verpleegkundigen. Zo nu en dan ook even een praatje met een psychiatrisch patiënt. ‘Hebben we die ook in Nederland?’, noemen wij ze, als we (in de ogen van vele Ugandesen inclusief veel medisch personeel) een ‘mad one’ tegenkomen, zoals Abert ons ooit vroeg. Heerlijk om deze dag te praten met mensen die de zelfde visie als ons hebben en verstand hebben van de geestelijke gezondheidzorg. Super om te zien dat er in Uganda zo’n ontwikkelde plaats bestaat voor de psychiatrische patiënt. Een verademing te weten dat de psychiatrische patiënt hier gratis terecht kan. En wauw, er was zelfs een afdeling speciaal voor creatieve-, muziek-, drama- en bewegingstherapie! We waren positief geshockt. Okee, er staan hier 2 verpleegkundigen en ’s nachts zelfs maar 1 verpleegkundige op 80 patiënten. En okee, er zijn maar 50 bedden per afdeling waardoor er dus gemiddeld zo’n 30 patiënten een bed moeten delen/ op de grond slapen. Dat zou voor Nederlandse begrippen echt niet kunnen. Maar wauw... Dit is de eerste plek in Uganda die we zagen waar waardig gesproken werd over psychiatrische patiënten. Met kennis, met liefde. De eerste plek in Uganda waar men inhoudelijk laat zien het begrip ‘efficiëntie’ te kennen. De eerste plek waar in Uganda gestreeft wordt naar kwalitatief het beste uit zich zelf halen in plaats het eeuwige ‘This is Africa’ als geldend excuus naar voren te schruiven. Het is dat ik mijn droombaan in Nederland al gevonden heb, maar anders had ik best nagedacht over het aanbod van de hoofd verpleegkundige na afloop van de rondleiding. Hij kon wel psychiatrisch verpleegkundigen gebruiken en hij kon ons ook nog eens goedkope accomodatie bieden. Aantrekkelijk, maar nee. Of wie weet? Voor een tijdje? Je weet nooit hoe het leven zal lopen. <br /> Deze tot nu toe interessante dag werd met de minuut dat ie langer duurde minder prettig. Ik was mijn ibuprufen vergeten die ik al ruim een week in maximale toegestane hoeveelheden slikte i.v.m. oorpijn. Zelfs de wind die langs mijn oor suisde tijdens de lange boda terugrit naar ons guesthouse deed mijn gezicht betrekken. Ik besloot niet langer een antibioticakuur uit te stellen, die je hier gelukkig zonder doktersvoorschrift bij iedere willekeurige apotheek kunt halen. Pap was zo lief geweest om even contact op te nemen met mijn tandarts, die bevestigde dat de oorpijn veroorzaakt kon worden door het doorkomen van mijn rechter verstandskies. Fijn! Afpraak om die kies te laten trekken staat al op de eerste dag bij terugkomst in Nederland. Leuk hoor. ‘Gelukkig’ werd ik omringd met duizenden voorbeelden met dat kiespijn zeker niet het ergste is op de wereld. <br /> <br /> Dinsdag tot en met vrijdag werd gevuld door het vinden van en aanmelden bij een goede middelbare school voor Reagan, de eerste van de GICHBELU die het tot de middelbare school heeft geschopt. De aanwezigheid van mzungu’s maakt dat deze processen versneld verlopen. Daarnaast hebben Meagan en ik op een reuze schildpad van 400+ jaar oud gezeten; werden we doodleuk, in aanwezigheid van de ooms, versiert door de politie toen een van de ooms aangifte deed van een gestolen tas en wij mee waren om wederom een versneld proces voor elkaar te krijgen door enkel onze huidskleur te laten zien; hebben we doordat de friet en burger bij Mr.Tasty niet zo tasty waren ons eten aan een bedelend straatkind gegeven die er triomfantelijk mee vandoor ging; hebben we in de avonden films gekeken en tijd doorgebracht met Joseph en Pascal en hielden we vrijdagmiddag dan eindelijk de outreach in de sloppen waarvan we dachten dat deze nooit meer zou plaatsvinden.<br /> <br /> De meeste van de materialen, die we tijdens ons vorige bezoek aan GICHBELU mee hadden genomen voor de outreach in de sloppen, waren nog aanwezig. In de sloppen gingen Meagan en ik onder begeleiding van Peter en Richard op zoek naar mensen met wonden om ze te laten weten dat ze naar de community hall konden komen voor verzorging. Daar zou Pascal ze met onze spullen opwachten. Met aan iedere hand 5 kinderen begaven we ons door de sloppen wat al een beetje bekend terrein begint te worden. ‘Helaas’ vonden we maar enkelen die onze hulp konden gebruiken. Achteraf bleek dat velen de sloppen tijdelijk hadden verlaten omdat er een meisje was vermoord en de politie lukraak mensen oppakte om op onprettige wijze te verhoren. <br /> We verzorgden een jongen die een stuk van zijn teen er af had gestoten; een man die al twee weken met een half verbrande arm rondliep zonder dat hiernaar was gekeken; constateerden malaria, schaamluis, ingegroeide teennagels, aanstelleritus/ ik wil *uch uch* aandacht van de mzungu en een waarschijnlijk gebroken arm. In vele gevallen konden we niets doen, enkel adviezen geven waarvan we 99% zeker al wisten dat deze niet nageleefd konden worden. Wij zijn geen doktoren, wij zijn geen wandelende apotheek en we zijn geen rijke mzungu’s die passende behandeling kunnen betalen. <br /> Om het machteloze gevoel dat we overhielden aan de outreach weg te werken zochten we de kleren van de GICHBELU jongens uit en namen alle kleren met gaten en losse naden mee naar het guesthouse. We begonnen met het stikken en weer fatsoenlijk maken van de kleren en vulden hiermee alle overige wachturen in de overgebleven dagen in Kampala. Voelden we ons toch weer wat nuttiger. <br /> <br /> Zaterdag hadden de jongens hun eerste schoolweek van het nieuwe schooljaar er alweer opzitten. Als beloning hadden Meagan en ik een soort sportdag georganiseerd zoals wij ze op onze basisscholen een maal in het jaar hadden. Op zijn Afrikaans moesten op het laatst nog ballen gekocht worden, werden leeggedronken frisdrankflesjes als pionnen gebruikt en begonnen de activiteiten pas in de middag. Verschillende estaffette onderdelen als kruiwagenlopen en sprinten bleken een groot succes. Vanuit de sloppen kwamen steeds meer kinderen en jongeren kijken wat er op het naastliggende veld gaande was. We begonnen aan een potje trefbal wat ook in de smaak viel maar wat we nooit afmaakten. De ooms besloten de sportdag af te blazen omdat de kinderen en jongeren uit de sloppen ook met de mzungu’s wilden spelen en er een onveilige situatie dreigde te ontstaan. Erg jammer, maar al snel wisten Meagan en ik weer grote big smiles op de gezichten van de jongens te toveren toen we ze bij thuiskomst allemaal een in-elkaar-zet-vliegtuigje cadeau deden. Door het dolle heen zetten ze de vliegtuigjes in elkaar, wilden ze dat we er met dikke stift wat opschreven en speelden ze ‘GICHIBELU airways’. Op het vliegtuigje van Rashid kwam op zijn verzoek Rashid Opgenoort te staan. Trots als een pauw dat hij de eerste jongen van GICHBELU is die gesponsoort wordt. Samen met pap, Marleen&amp;Martijn, Bram&amp;Lieke heb ik dit in werking kunnen zetten. Nogmaals superbedankt lieverds!! Afgelopen zondag heb ik de (Afrika) officiële papieren getekend. <br /> Het feest werd helemaal compleet toen iedereen een schepijsje uit mocht zoeken en voor ’s avonds bij het eten een flesje frisdrank. Ondanks dat de dag absoluut niet volgens plan verliep was het toch erg leuk. Zonder de jongens sloten we met de ooms de dag af in Kyoto. De jongens moeten tenslotte om op zijn laatst 22.00uur op bed liggen en pas tegen 23.00uur is het leuk in de openlucht club waar alleen volwassenen naar binnen mogen. <br /> <br /> Zondagmorgen om 9 uur waren we alweer present bij de jongens. Ze hadden al tijden lopen vissen bij de ooms waarom deze 2 blanke vrijwilligersters niet met hen naar de kerk wilden op de zondagmorgens. Na allerlei excusen voor ons verzonnen te hebben besloten de ooms het door te schuiven naar ons. We besloten enkel en alleen voor de jongens, eenmalig een keer mee te gaan naar de kerk. Aan het begin dacht ik nog, oh best oke. Best modern, best leuk. Ik probeerde de boodschappen uit de swingende songs te negeren en zong met het gospel-koor mee die voor een karaoke-scherm uit hun dak gingen. Meagan en ik keken onze ogen uit en wezen elkaar op steeds meer mensen die zich tot in hun diepste vezels verbonden leken te voelen met God. Helaas, na 4 songs maakte het gospelkoor inclusief band plaats voor meneer de pastoor. 2 ellendige uren volgden. De pastoor besloot uitgerekend vandaag het onderwerp ‘hoe gaan we om met niet-gelovigen’ te behandelen. We voelden ons uiterst op ons gemak en voelden ons totaal niet aangevallen. We moesten ons bedwingen niet met stoom uit de oren de zaal te verlaten. Het kwam er op neer dat wij niet-gelovigen, verdwaald en egoistisch waren. Sorry hoor, maar ik ben niet verdwaald, ik weet heel goed wat ik doe en waar ben ik nu al ruim 3 maanden mee bezig in Afrika?? Erg egoistisch, ja hoor, meneer de pastoor. Prima als jij met velen anderen in God geloofd, helemaal mooi dat jullie steun en liefde vanuit Hem ervaren. Ik ben blij dat jullie vele positieve dingen uit het geloof kunnen halen. Maar hou dat lekker voor je zelf en/of elkaar en laat anderen die niet geloven lekker zelf bepalen hoe ze door het leven willen gaan. Amen. <br /> De zondagse outfit werd bij thuiskomst omgewisselt voor het zaterdagse oude klofje. Er was werk aan de winkel. Het kleine buitenplaatsje bij het huis van de jongens werd volgegooid met alle ingrediënten om kolen te maken. Zwart van de roet, met blaren op de handen en zweet op het voorhoofd werkten de jongens tussen de 9 en 16 jaar uren hard door, zonder te klagen. Deze kolen zijn tenslotte bedoeld om voor de komende weken hun eten mee te kunnen bereiden. Wie eten heeft mag blij zijn, wie wat te doen heeft ook. De schatten. <br /> ’s Avonds was het tijd afscheid te nemen van deze lieverds. Stuk voor stuk gaven ze ons een dikke knuffel en werden we bedankt voor de leuke dagen en de dingen die we voor hen gedaan hadden. Een paar laatste foto’s werden gemaakt en met Rashid wisselde ik nog een paar verstandige woorden. ‘Goed je best op school doen jongen, luisteren naar de ooms en als er wat is, als je iets nodig hebt kun je dit altijd bespreken met oom Joseph of kun je hem vragen of je met mij mag praten via Skype.’ ‘Oke mam, wanneer zie ik je weer?’ Daar had ik geen antwoord op. ‘Zodra dat mogelijk is jongen, ik moet nu eerst voor de patiënten in Nederland zorgen en geld verdienen. Maar we houden contact.’<br /> Maandag 11 februari. Backpack weer ingepakt. Wat kilogrammen lichter omdat ik het een en ander heb achtergelaten voor de ooms om in de sloppen uit te delen. Komende paasdag zal een 29-jarige moeder die met 7 kinderen in de sloppen leeft met trots haar nieuwe jurkje met driekwartlegging dragen. Schoon, zonder gaten, zonder scheuren. Het jurkje en de legging die onderdeel uitmaken van de door mij afgedankte kleren... <br /> Nog even naar de bank met Peter en Pascal, om de laatste dingen voor het sponsoren van Rashid goed te regelen. Nog een keer met de boda boda door het overvolle Kampala. Na wat kleine boda boda aanrijdinkjes in de afgelopen weken gebeurde het onvermijdelijke. De boda waar Meagan en Pascal opzaten werd van de zijkant geramt door een andere boda. Meagan een gekneusde voet en nog pijnlijkere knieën die al geschaaft waren van een eerdere val door de ongelijke hoebelende wegen in Kampala waar ook ik mijn voet aan heb opengehaald. Pascal is inmiddels naar het ziekenhuis geweest en daar is geconstateerd waar wij al voor vreesden. Gebroken voet... Waar hij niets mee kan doen omdat hij al zijn laatste spaarcenten had uitgegeven aan wat ditjes en datjes voor ons. Wij waren alweer in Tanzania toen we dit hoorden. Geld overmaken naar Uganda duurt minstens een week... Super maar weer! <br /> Net zo super als het afscheid van Peter, Pascal en Joseph op het vliegveld in Entebbe. Van hun laatste spaarcenten waren ze met ons naar het vliegveld gegaan om ons uit te zwaaien. Daar wilden Meagan en ik vast inchecken en de grote backpacks afgeven. Nadat we dit gedaan hadden wilden we terug om definitief afscheid te nemen, maar door een vies machtsvertoon van de douanemensen op het vliegveld ging dit niet door. Wij mochten niet 20 meter terug en de ooms niet 20 meter verder. Op afstand zwaaien maar. Geen knuffel, geen kus, geen bedankt voor alles. Een lokale man mocht voor onze ogen wel gewoon door om van zijn lokale vrouw (in zelfde positie als ons) afscheid te nemen. Terwijl Meagan giftig werd op de douanemensen probeerde ik met tranen in mijn ogen volkomen rustig te blijven. Als Meagan nog een woord zou zeggen dan zou ze worden gearresteerd. Uganda is niet corrupt, in Uganda gaat alles volstrekt volgens de regels. <br /> <br /> Ondanks onze dramatische laatste ervaring in Uganda kijk ik nog altijd terug op een onvergetelijke waardevolle tijd. Uganda heeft mij nog meer besmet met het Afrika virus dan dat ik al was. Gelukkig staat er nog een kort verblijf in Tanzania op het programma en 3 weken Malawi! <br /> </p> Thu, 14 Feb 13 07:57:55 +0100 Zon, zee, strand en zweten http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/17/zon%252c-zee%252c-strand-en-zweten <p><em>Van Tanga naar Pemba</em><br /> Na de actieve woensdagmorgen, 23 januari, in Tanga begonnen Meagan en ik aan onze reis naar het tropische eiland Pemba. Met onze meest onschuldige glimlach overhandigden we onze bagage op het vliegveldje en vertrok ik geen spier toen de weegschaal aangaf dat mijn big backpack 5kg over het toegestane gewicht was. Ik deed alsof het de normaalste zaak van de wereld was en de taktiek die we inzetten bleek effectief. Er werd een lager gewicht op het label gezet door het weegmannetje die vriendelijk terug glimlachte. Pwiew! <br /> Ook bij het doorkomen van de douane bleken Meagan en ik de meest geloofwaardige mensen op aard. Er werd gevraagd of er een bom in mijn handbagage zat. Nee zei ik, me inhoudend voor de gein gewoon ja te zeggen. Er werd gevraagd of er scherpe voorwerpen in mijn tas zaten, nee zei ik, terwijl ik me besefte dat ik mijn tig-delige zakmes vergeten was in de grote backpack te stoppen. Er werd gevraagd of ik vloeibare dingen bij had, ‘alleen een half flesje water’ zei ik, om de beste douane man af te leiden van de zonnebrand en mini-shampoo die ik tevens vergeten was in mijn grote backpack te doen. Okee, loop maar door zei de vriendelijke douane man. Op naar het vliegtuigje. Of ik naast de piloot wilde zittten? Wat ik eigenlijk niet eens meer kon weigeren want alle 10 de passagiersstoelen waren al bezet, inclusief Meagan uiteraard. Zo werd ik ineens de co-piloot en kon ik een zoveelste bijzondere ervaring in Afrika bijvoegen aan de al grote bestaande lijst. <br /> Na een klein half uurtje vliegen was bestemming Pemba al bereikt. Enkel 4 mensen stapten uit, de rest zou doorvliegen naar Zanzibar. Het vliegveldje van Pemba konden we na 5 minuten dan alweer laten voor wat het was. Een taxirit naar Chake chake, de plaats op Pemba die we hadden uitgekozen om te verblijven, regelden we zonder moeite voor een prikkie. De taxichauffeur bood met zijn Tanzaniaanse vriendelijkheid tevens extra service toen bleek dat het hostel wat we voor ogen hadden al vol was. Hij nam ons mee naar verschillende plaatsen om te overnachten die of geen plek hadden of te duur waren. Met behulp van de Lonley Planet verzochten we de man ons naar de Tunda Lodge te brengen, iets buiten het centrum van Chake chake. De eigenaar bleek een uiterst vriendelijke en behulpzame man en nam ons in de avond mee voor een wandelingetje door de buurt. Weer een dag voorbij. <br /> <br /> <em>Pemba</em><br /> Om half 8 ’s morgens zaten we al aan het ontbijt. Om mzungu-tijd kwart over 8 hadden we afgesproken met een vriend van de eigenaar van Tunda Lodge, deze beste man zou fietsen voor ons meebrengen zodat we Pemba te fiets konden ontdekken. Zo geschiede het. Na het doornemen van de route die we zouden afleggen kwamen we een kleine 2 uurtjes later doorweekt van het zweet weer terug bij de Tunda Lodge. We hadden een flinke fietstocht gemaakt over een oneindige heuvelachtige weg langs dorpjes en veel Pemba-natuur. Prachtig, maar niets geen overeenkomst met de route die we hadden uitgestippeld. De omschrijving die de man had gegeven was voor ons toch iets te vaag en dit keer had de hoop van zege ons ook niet gered. Over op plan B, te fiets naar een van de 3 strandjes ‘in de buurt’. Ruim drie kwartier later kwamen we druipend van het zweet aan op een spierwit strand aan de helderblauwe zee. Deze mooie plek helemaal voor ons alleen, geen mzungu of relaxende local te bekennen... <br /> Zonder de zeer vriendelijke bevolking van Pemba hadden we dit strandje nooit gevonden. Op een gegeven moment hadden we de verharde weg moeten laten voor wat het was en zijn we allemaal hobbelige zandwegen overgefietst. Met de meter dat we verder kwamen dachten we... als we nu iemand tegen komen met kwaad in het bloed hebben we echt een probleem. Maar alle mannen die we onderweg tegen kwamen, in de brandende zon, wezen ons al de weg zonder dat we erom hoefden te vragen. Super!<br /> Na ruim 3 uurtjes relaxen aan het strand jaagde het eb ons weg. De eb kwam sneller op dan we konden inschaten en zo waren we met fiets en al ingesloten tussen de rotsen en de zee. Maar uiteraard was er weer een local die ons te hulp schoot. Onze fietsen werden over de rotsen getilt en ook wij werden een handje geholpen hier over heen te klauteren. <br /> Te fiets het hele eind weer terug naar de Tunda Logde waar een koude douche me nu voor het eerst goddelijk leek. Weer enigsinds afgekoeld en fris voelend vulden we de rest van de zonuren met het lezen van een boek op het binnenplaatsje van de Tunda Lodge. <br /> De eigenaar van de lodge kwam rond etenstijd ineens aanzetten met twee borden vol eten. ‘Proef’, zei hij, de schat. Een berg nsima, een stuk inktvis en wat ui en tomaatjes. Nu ik me over het eten van een kippenbout had heengezet dacht ik dat ook wel te kunnen met het stuk intvis. Met mijn verstand op nul werkte ik de maaltijd naar binnen. Weer een expeditie Robinson proef doorstaan! <br /> ’s Avonds kwam de man van de fietsen, die ook DE man bleek te zijn voor alle touristen zaken, de fietsen weer ophalen en ons twee vliegtickets (tegen betaling) overhandigen. Inmiddels had hij voor ons uitgezocht dat de eerstvolgende betrouwbare boot pas zondag weer richting Zanzibar zou gaan. Dus daarom noodgedwongen maar weer gekozen van Pemba door te vliegen naar Zanzibar. <br /> Eerst vrijdagmorgen nog rustig aan ontbeten, bepakt en bezakt per tuctuc naar Chake chake centrum gegaan, daar rondgedwaald, gelunched en weer op naar het vliegveldje van Pemba. <br /> <br /> <em>Zanzibar</em><br /> Na een 20 minuten durende vlucht landen we vrijdagmiddag op het vliegveld van Zanzibar. Ook daar was het weer makkelijk om voor een prikkie een taxi te regelen naar de lodge waar we in Stone town wilden verblijven. Dit keer waren we verstandig geweest en hadden gereserveerd, dus direct plaats. Na onze spullen maar weer eens geinstalleerd te hebben een eerste wandelingetje door de supergezellige steegjes van Stown town gemaakt. ’s Avonds lekker uit eten geweest en gerelaxt. Nu hadden we pas echt het vakantiegevoel te pakken.<br /> In Uganda hielden we ons uit respect aan de kledingregels, dus bedekte knieën en schouders. Maar met het toenemen van de temperatuur en nog striktere regels in Tanzania besloten we hier van af te stappen. Per slot van rekening konden we ons nu voordoen als onwetende toeristen en is het volgen van de kledingregels van de moslims (Pemba en Zanzibar worden bevolkt door 90% moslim) voor mij in deze hitte echt geen optie. Echter, de eerste 2 a 3 dagen dat ik met blote benen onder mijn jurkje/rokje liep voelde het net of ik naakt over straat liep. Maar eenmaal op Zanzibar kon het me al niet meer bezighouden. Zanzibar is qua uiterlijk en gevoel geen Afrika, enkel de ligging bepaald dat dit het wel is. <br /> Zaterdagmorgen stonden we betijds op om Stown town te ontdekken. Er waren vele bezienswaardigheden die we enkel op puur geluk passeerden. De steegjes van Stown town maken deze stad tot wat het is. Je kunt er uren ronddwalen zonder je te vervelen. De steegjes zijn ontzettend gezellig (doet denken aan de oude stadjes van Frankrijk) en totaal ondefinieerbaar op de plattegrond. Doordat Stown town echter aan 3 zijden begrenst wordt door de zee kun je nooit echt verdwalen. Verbaast hebben we ons echter zeker, als we ontdekten heel ergens anders te zijn dan we dachten. <br /> Na het middaguur pakten we een overvolle dalla dalla (soort open matatu/minibusje, HET vervoersmiddel van de twee eilanden) waar onze backpack bovenop werd gegooit en wij ons tussen andermans heupen duwden op een onmogelijke zitplek. Eigenwijs als we waren wilden we het spotgoedkope lokale vervoer proberen in plaats van een dure westerse taxi. Ondanks het vakantiegevoel toch nog een beetje moeite afstand te doen van het mengen in de Afrikaanse cultuur. <br /> 2 uurtjes later kwamen we aan in het dorpje Nungwi waar we voor 3 nachten een hotel aan de zee hadden geboekt. Na een helse, lees wederom liters zweet verloren, wandeling kwamen we aan bij dit prachtige kuuroord. Eenmaal ingecheckt wisten we niet hoe snel we onze bikini in moesten schieten om de helderblauwe zee aan het parelwitte strand in te plonsen. Genieten geblazen! <br /> Terwijl we lekker lagen te zonnen werden we aangesproken door ene Mohammed. Of we ’s avonds naar de Full Moon party wilden? Uiteraard!! <br /> <br /> De Full Moon party was een onverwachts buitenkansje voor ons. Dit populaire strandfeest wordt enkel een maal per maand gehouden wanneer het volle maan is. Hier hadden we totaal niet over nagedacht met onze reis-planning. Het geluk lachte ons weer toe. Omdat we een heen- en terugrit geregeld hadden die ons veilig leek stonden we ons zelf toe ons te voorzien van wat drankjes. Al snel hadden we echter door dat we er niet te veel moesten nemen want de plaatselijke mannelijke bevolking poogde weer hun slag te slaan. Regelmatig probeerden de aanwezige bosapen (locals met lange dreads) en stokjesmannetjes (Masaai) ons aan te klampen. Bij gebrek aan onze Kampala-bodyguards gebruikten we zo nu en dan een willekeurige Nederlandse man om ze van ons af te schudden. Weer een ontdekking rijker, Nederlandse mannen zijn zo erg nog niet ;) Hoewel we van de andere kant ook wel weer konden gieren over de manier waarop de bosapen en stokjesmannen het feest maakten tot wat het was. Dansen met een belachelijk uitziende Masaai, wie maakt dat nou mee?<br /> <br /> Gezien we pas vroeg in de morgen terug waren bij het hotel en we inmiddels ook niet meer zo gewend zijn aan alcohol in ons bloed gaven we onszelf zondag een volledige dag van rust. Lui bakken aan het zwembad met uitzicht op zee. Wat was het leven weer eens zwaar. <br /> <br /> Maandag stonden we weer redelijk betijds op omdat we een snorkel-trip hadden gepland. Met een local boot zouden we de zee op gaan om bij een koraal rif een tijd te snorkelen, vervolgens bij een onbewoond eiland het anker uitgooien en lunchen om vervolgens weer met de boot terug te keren naar ons kuuroord. Leuk dachten we vooraf. Nooit meer! Zeiden we achteraf. Hoewel het snorkelen echt supergaaf was en ook het onbewoonde eiland prachtig was maakte de heen en terugtocht met de local boot het tot een helse bedoeling. De zee was redelijk wild, de boot ging heen en weer, heen en weer. Zeeziekte maakte zich al snel meester van ons. Opperste concentratie was nodig niet in braken uit te barsten... Het feest werd nog completer toen de bootmannetjes met emmertjes water uit de boot begonnen te scheppen omdat hij onder liep... Maar ach, al met al weer een noemenswaardige ervaring rijker zullen we maar zeggen. Ook het geld wat we aan de twee vluchten naar de eilanden hadden uit gegeven was ons nu 100x zo veel meer waard dan eerst (oorspronkelijk zouden we per boot gaan). Ieder nadeel heeft zijn voordeel. Bovendien is bijkomen op een ligbed aan het zwembad met de warme zon op je huid ook geen ramp te noemen. <br /> Na weer heerlijk westers gegeten te hebben checkten we even onze mail en facebook. Op dat moment deed Koningin Beatrix haar zegje op de Nederlandse televisie. Heel Nederland in rep en roer, hoe gaat het nu met Koninginnedag? Hoe zal het zijn om een Koning te hebben? Door de toespraak van onze Bea ging GTST en CSI niet door. Smakelijk lachten we om de dingen waarmee je in Nederland zo druk kunt zijn. Zo anders en totaal niet boeiend als je in Afrika leeft. Zo raar te beseffen dat ik hoogstwaarschijnlijk in maart toch weer gewoon in dat alles mee zal gaan... <br /> Maar nu lekker nog even niet. <br /> <br /> Nog ruim een maand te gaan hier en ik blijf intens genieten van alles wat ik hier ervaar en leer. Ik hoop dat ik in staat zal zijn een deel van mijn Afrikaanse levenstijl in Nederland te bewaren, zo ver mogelijk.</p> Sun, 03 Feb 13 13:10:02 +0100 Karibu sana http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/16/karibu-sana <p><em>Terugkeer in de bewoonde wereld: Arusha</em><br /> Na vijf dagen kilometers Tanzaniaanse natuur en wild spotten en 4 nachten slapen in een tentje kwam de drukte van Arusha een beetje op ons af. De eerste middag/avond wilden we er dan ook weinig van weten en bleven we hangen bij de backpackers waar we de komende 2 nachten zouden verblijven. Met behulp van WiFi en weer stroom op de laptop en mobiel kwamen we de tijd prima door.<br /> Woensdag gingen we op verkenningstocht door Arusha. Willekeurig liepen we wat rond door de chaotische stad met veel te veel mzungu’s. Zoiets als dat je naar Frankrijk op vakantie gaat en je dan alsnog bij allemaal Nederlanders op de camping zit... <br /> Na een tijdje doelloos ronddwalen tikte er ineens iemand op mijn schouder, terwijl Meagan schuin voor me liep. Het was Sharubu, onze kok tijdens de safari. Oke, ik schreef wel te veel mzungu’s in Arusha, maar als mzungu vielen we temidden van vele Afrikanen klaarblijkelijk toch nog op. Sharubu vroeg naar onze plannen en toen bleek dat we die niet echt hadden bood hij aan, samen met zijn vriend, ons een rondleiding door Arusha te geven. Uiteraard gingen we hierop in. Nadat we alle bezienswaardigheden zo’n beetje wel gezien hadden wimpelden we de vriendelijke jonge mannen toch maar weer af. In Tanzania lijken de mannen nog meer te azen op een mzungu-vriendin. Ouwehoeren en geintjes maken moeten we ook maar eens mee ophouden, besloten Meagan en ik. Ze nemen je hier veel te serieus en als je niet op past hebben ze ineens je telefoonnummer te pakken en belagen ze je met smsjes en telefoontjes. Dat deze onbeantwoord blijven maakt ze niets duidelijk. Want na dat ene gesprek, of wat zeg ik, uitwisseling van gedag zeggen, is toch al lang duidelijk dat er niets anders mogelijk is dan ware liefde tussen hem en mij? Jammer... want tot nu toe hadden Meagan en ik ons kostelijk vermaakt met ouwehoeren... Laten we dat maar bewaren voor Uganda en Malawi, waar onze humor meer wordt begrepen... <br /> ’s Avonds weer gretig gebruik gemaakt van het WiFi, onze reisplannen wat concreter gemaakt en na een skypesessie met de jongens van GICHBELU aan het denken gegaan over een mogelijke terugkeer naar Uganda. De reis die we door Tanzania voor ogen hadden bleek na concretiseren bij gebrek aan goede voorbereiding (maar daar zijn we tenslotte backpackers voor) en hoge Tanzaniaanse toeristen kosten een aantal dagen korter te zullen zijn dan van te voren gedacht. <br /> <br /> Na twee dagdelen versleten te hebben aan het vinden van een betaalbare dagtour op de voet van de Kilimanjaro besloten we deze hoogste berg van heel Afrika enkel toe te zwaaien vanuit het nabij gelegen Moshi. Maar eerst nog even een rustig dagje in Arusha. De lokale economie maar weer eens gesponsort door onze teennagels te laten lakken, dit keer met een prachtig patroontje erop en lekker geluched. ’s Middags raakte Meagan bij de backpackers in gesprek met de Nederlandse Myrte. Ze bleek hier in de buurt wel wat locale contacten te hebben en een van hen kon vast voor een betaalbare dagtour bij de Kilimanjaro zorgen. Een simpel telefoontje en ineens hadden we voor de daaropvolgende dag een lift vanaf de backpackers naar Moshi geregeld vanuit waar we de dagtour die we voor ogen hadden voor een redelijke prijs konden doen. Super!<br /> <br /> <em>Zwetengeblazen in en rondom Moshi</em><br /> Vrijdags werden we netjes om mzungu-tijd 8.00uur opgehaald door Bruno. Hij reed ons (inclusief Myrte) naar Moshi en wist daar wel een goedkope verblijfsplaats voor ons waar we onze big backpacks achterlieten. Aan de start van onze tour had ik al snel spijt dat ik niet ook mijn kleine rugzak/handbagage had achtergelaten. Wat was het warm zeg!!<br /> Bruno had ons, inclusief opgepikte gids uit Moshi, naar Marangu gebracht. Een dorpje op de voet van de Kilimanjaro. Daar bleef hij met Myrte wachten tot Meagan, gids Henry en ik het eerste gedeelte van de tour er op hadden zitten. Op het programma stond het volgende: Ndoro water falls, een bezoek aan een bananen- en koffieplantage en het bezichtigen van grotten. Dit alles te voet, met een temperatuur van 35 graden een hele kluif kan ik je zeggen. Na een eerste flinke wandeling maakte het zien van de prachtige Ndoro water fall het zeker de moeite waard. Echter, gezien een waterval nog altijd geen water omhoog spuit moesten we na het bewonderen van dit natuurlijk schoon weer een heel eind omhoog klauteren. Liters zweet gutste van ons af... Handig, heeeeel handig, zo’n laptop in je rugzak. Al puffend en zweet wegpoetsend luisterden we na de klim naar een uitleg over 21 verschillende soorten bananen en het proces van bonen tot koffie. Eenmaal koel onder de grond konden we de kennis die onze gids met ons wilde delen weer wat meer waarderen. We begaven ons in een ondergronds tunnensysteem van de Chaga. De Chaga is een van de 127 stammen die Tanzania telt. Zo’n 50 jaar geleden scholen zij ruim 6 maanden, vergezeld door hun vee, in deze aardedonkere holen. De Masaai (ookwel door Meagan en mij liefkozend stokjesvolk genoemd) wilde hen doden en het vee stelen. Onze gids Henry, half Chaga, half Masaai wist ons stil te krijgen met de verhalen die hij over deze tijd vertelde. Rondkruipend door de holen waar deze strijd daadwerkelijk heeft plaatsgevonden zijn deze verhalen een stuk indrukwekkender dan je het van papier zou lezen. Bewijs honderdduizend-zoveel dat ervaren zo veel meer met je doet dan erover lezen. <br /> Weer wat afgekoeld konden we aan onze terugweg naar Marangu beginnen. Daar wachtten Bruno en Myrte met een heerlijk verlaatte lunch op ons: een kwart kip met alles er op en eraan en patatten. Jumjum/gruwer de gruwel? Na 24 jaar aanstelleritus (mam, ik eet GEEN kip met botjes, spiertjes en bloedvaatjes!!) me ook hier maar eens over heengezet en lekker mijn tanden in het stuk platgeslagen kip gezet wat een half uurtje geleden nog kaalgeblukt aan een touwtje in de brandende zon bungelde. Weer helemaal op kracht vertrokken we naar een van de startpunten van de klim naar de top van de Kilimanjaro. Daar zagen we tasdragers met hele tenten en verplaatsbare keukens op hun nek slepen en vele mzungu’s nog met frisse moed starten aan hun 5 a 6 dagen durende klim de Kilimanjaro op. Zij liever dan ik! Na een wandelingetje en wat info van onze gids keerden we terug naar Moshi.<br /> <br /> Zaterdagmorgen versleepten we onze backpacks richting een ander hotel waar WiFi aanwezig was. We hadden wat zaken uit te zoeken en te reserveren/boeken. We besloten van Tanga (volgende bestemming) naar Pemba (tropisch, niet toeristisch eilend) te vliegen (zinkende boten vermijden we liever), daar 2 a 3 nachten te spenderen om vervolgens per boot naar Zanzibar te gaan om vanuit daar na 3 a 4 nachten per vliegtuig terug te keren naar Uganda!! Welja, riep ik maar weer eens in het wildeweg, ik werk wel weer een dagje extra als ik in Nederland ben! Inmiddels kan dit dagje echter wel verlengd worden naar een maandje... Maar ach, zo’n reis als deze maak ik waarschijnlijk nooit meer en ook ‘ik ben nog jong, nu kan ik nog gek doen’ is een van de troostende uitspraken die we onszelf voorhouden. <br /> Nadat we door de 35graden hitte wat rond hadden gelopen door Moshi dronken we bij een leuk binnenplaatsje een verkoelend sapje. Toen we na een grote teug ons glas leeghadden en opkeken zagen we op een afstandje onze gids Henry. Vrolijk kwam hij op ons afgelopen en maakten we een praatje. Hij liet wat foto’s op zijn mobiel zien (vast zonder bijbedoelingen) en toen we foto’s van de Kikuletwa Hot Springs zagen waren we verkocht. We gooiden al onze charmes in de strijd tot we een betaalbare prijs overeenkomstig waren. De volgende dag zouden wij lekker een dagje doorbrengen in een tropisch gebeuren. We kregen er zelfs nog een gratis ‘rondleiding’ bij naar zijn daktarras vanwaar we de Kilimanjaro, die zich tot dan toe had verscholen onder een dikke laag wolken, konden bewonderen. Echter, omdat een mens niet altijd geluk kan hebben zagen we enkel de semi-top, de rest van de reusachtige berg was nog altijd verscholen.... Om de teleurstelling van onze gezichten te krijgen zei Henry dat we de volgende morgen om 6.00uur terug mochten komen naar het dakterras en dat we dan zeker goed zicht zouden hebben op de berg. <br /> <br /> De zondagmorgen begon dan ook top, met mijn biologische wekker stond ik om kwart voor 6 op, schoot wat kleren aan en op, daar gingen we. De luchten kleurden door de opkomende zon prachtig en hoe verder de zon opkwam hoe beter zicht we kregen op de Kilimanjaro. Kunnen we die ook weer afstrepen op ons to-see-lijstje. Na het ontbijt werden we door Henry bij ons hotel opgehaald. De rit naar de Kikuletwa Hot Springs was al een attractie op zich. De Kilimanjaro besloot zich vandaag wat later achter de wolken te verschuilen en liet zich nog een tijdje zien. Langs de ‘snelweg’ lieten we ons dan ook even uit de auto zetten om nogmaals wat kiekjes te nemen. Na de ‘snelweg’ maakte een hobbelende stofweg voor ons de route vrij de springs te bereiken. Wat vormde dit stukje natuurwonder een mini-paradijsje zeg!! Helderblauw water omringd door palmbomen. Rond 11 uur plonsten we het water in om er pas rond een uur of 5 uit te komen. Heerlijk!! Geduldig hadden we uren lang visjes aan onze voeten en benen laten knabbelen (gratis Dr.Fish!) want rondgezwommen en de mensen die ook van het water genoten geobserveerd. Een echt vakantiedagje die we dan ook afsloten met een lekker etentje bij een westers restaurant. <br /> <br /> <em>Cultuurshock in Tanga</em><br /> Maandag pakten we rustig aan onze backpack weer in en vertrokken we na het ontbijt bepakt en bezakt richting busstation. 10 minuten lopen, maar met deze hitte en de 20 kilo onzin die we per persoon met ons meeslepen ver genoeg om doorweekt van het zweet aan te komen. In eerste instantie misten we de Uganda-mannetjes die op ons af kwamen gestormt om ons hun vervoersmiddel in te trekken, maar later waren we blij bij een betrouwbare buscompagnie uit te komen (aldus de Lonely planet) en in een fatsoenlijke tourbus terecht gekomen te zijn. De reis van Moshi naar Tanga zou zo’n 6 uurtjes in beslag nemen. We hadden ons laten vertellen dat Moshi een van de warmste steden in Tanzania is, maar met iedere kilometer die we verder kwamen ontdekten we dat Tanzania nog veel warmere plaatsen kent! Eenmaal aangekomen in Tanga konden we het dan ook niet opbrengen met onze backpacks op de rug te voet op zoek te gaan naar een verblijfsplaats. Maar weer eens de tuctuc uitgeprobeerd en bij de eerste verblijfsplaats die we voor ogen hadden succes, er was een 2-persoons kamer vrij. Later snapten we waarom het zo makkelijk was hier een verblijfsplaats te vinden. <br /> Tanga is een grote, vlakke stad met westers uiterlijk. Na 6 uur was alles gesloten en leek de gehele bevolking zich teruggetrokken te hebben in huis. Af en toe kwamen we een verdwaalde, maar nog altijd vriendelijke, Tanzaniaan tegen die aan ons voorbij fietste (inderdaad, fietste ja!). We zijn in de 2 en een halve maand dat we nu in Afrika zijn zo gewend geraakt aan het beeld van mensen die buitenshuis leven (want wat moet je in een heet hutje zonder faciliteiten) dat we, totaal onvoorbereid op ineens een hele andere omgeving, een cultuurshock ervaarden. We vonden Tanga maar saai, totaal niet Afrikaans en beseften ons dat het bij terugkomst in Nederland waarschijnlijk weer flink wennen zal zijn aan het indivudualisme. <br /> Na toch nog een vage eetgelegenheid gevonden te hebben die wel open was begaven we ons maar richting onze kamer waar we de gehele avond lekker hebben zitten en liggen zweten. Leuk Tanga, heeeel leuk. De gedachte aan Nederland, waar jullie momenteel kleumend door het leven gaan, sleepte ons de avond en nacht door. <br /> <br /> Dinsdag verkasten we naar een hotel met airco (lieve collega, wil je een dagje vrij?? vanaf 15 maart neem ik al je diensten graag over, geen probleem) en gingen we opzoek naar het toeristenbureau. Maar eens uitzoeken waarom de Lonely Planet ons niet heeft behoed voor een stop in Tanga. We regelden een trip voor de volgende morgen, want inmiddels was het te warm om op stap te gaan. Maar wat rondgelopen door Tanga, afgekoeld in het hotel en de middag doorgebracht aan het strand! Vervelend zeg... <br /> ’s avonds genoten van de hotel-faciliteiten en onze backbacks gereoganiseerd. Een aantal dingen werden met pijn en moeite bij elkaar gestopt om de volgende dag eventueel achter te laten in Tanga omdat we enkel 15kg mee mochten nemen op onze vlucht naar Pemba. <br /> <br /> Woensdag meldden we ons weer bij het toeristenbureau vanwaar we op de fiets zouden stappen om Tanga en omgeving te bewonderen. Wederom doorweekt van het zweet kwamen we na een flinke fietstocht, langs - okee, we zijn toch echt in Afrika – hutjes en mzungu bye schreeuwende kinderen, aan bij de Amboni grotten. Onze gids nam ons mee de grotten in waar zijn verhalen over wat zich hier heeft afgespeeld en de vleermuizen boven mijn hoofd me wel wat angst aanjoegen. Door het pikkedonker zochten we met behulp van een zaklamp onze weg via nauwe gangetjes en geklauter over rotspartijen. Na dit ware feest stapten we de fiets weer op richting de volgende bestemming. Via kleine paadjes zigzagten we tussen vele palmbomen door. Te midden van de palmboomplantage troffen we een zeer vriendelijke oude man bij een helder blauw stuk water. Dit bleek tevens een hot spring te zijn, maar niet zomaar een, nee, deze had genezende krachten. Alle huidziektes kunnen hier genezen worden, de man heeft dan ook al vele albino’s met het water ondergedompeld. Toen hij onze benen en voeten vol muggenbulten zag mochten ook wij het heilige water betreden en vervolgens stond hij ineens mijn benen met het water in te masseren. De jeuk nam tijdelijk toe, maar ik moet toegeven dat mijn benen er nu iet wat beter uit zien en de jeuk voor de verandering een keertje weg blijft. <br /> Op de heuvelachtige terugweg naar Tanga becomplimenteerde onze gids ons met ons fietstallent. Naast dat we Nederlands zijn kwam dit stiekem ook gewoon omdat we heel erg dorst hadden, het grootste vochtpersentage hadden we onderweg al lang in de vorm van zweet verloren. Helaas wilde de gids ons eerst nog even mee nemen naar zijn familie. Na een korte stop aldaar stapten we tegen lunchtijd opgelucht de fiets af en haastten we ons richting schaduw en een welverdiende koude cola. <br /> <br /> Tijd om Tanga en de rest van het vaste land in Tanzania te laten voor wat het is. Tijd om de eilanden Pemba en Zanzibar te gaan ontdekken. Zouden de mensen daar net zo vriendelijk zijn? Zouden we ook daar overal ‘Karibu sana’ te horen krijgen? (‘Je bent van harte welkom’ in het Swahilli). Ik zeg in ieder geval vast ‘asante sana’ (‘ontzettend bedankt’). Asante sana voor wat? Asante sana voor alles, want ik ben een gelukkig mens!</p> Fri, 25 Jan 13 10:01:09 +0100 Dag Uganda... Hallo Tanzania! http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/15/dag-uganda...-hallo-tanzania%2521 <p><br /> <br /> Er is alweer ruim een week voorbij sinds ik mijn avonturen opgeschreven heb, vele kilometers hebben Meagan en ik in de tussentijd afgelegd. Uganda is niet meer het land waar we verblijven, Tanzania is nu het land waar we ontdekken, genieten, leren. Op moment van schrijven ben ik in Arusha, een drukke, grote, welvarende stad. Heel wat anders als waar we de afgelopen dagen zijn geweest. <br /> <br /> Ik zal jullie weer proberen mee te nemen in wat ik afgelopen dagen heb meegemaakt. <br /> Zondags 6 januari hadden Meagan en ik gepland ’s middags terug te gaan naar Kyotera/ het Rakai-Project om onze backpack in te pakken en ’s avonds bij Friends Pub een afscheidsborrel te houden. Op zijn Afrikaans verliep alles echter niet volgens planning. Abert was onbereikbaar, zou de sleutel van ons appartement achtergelaten hebben bij een Indische man waarmee hij achteraf gezien de Ethiopiër bedoelde... Omdat we geen idee hadden wie/waar de Indische man zich met onze sleutel zou bevinden leek het ons niet heel zinvol al betijds naar Kyotera te vertrekken. Eerst maar eens wat verheldering van Abert afwachten. Dit kwam tegen schemertijd... Vanuit Masaka vertrokken we in gezelschap van Kim naar Kyotera. Eenmaal aangekomen was het al donker en knorden onze maagjes. Een laatste keer genieten van rolex en chapatti. Dachten we... De schoonmaakster en/of Abert had ons beleg voor op de chapatti’s weggenomen en zat hier hoogstwaarschijnlijk zelf van te genieten... Wij iets minder dus, maar onze maagjes werden weer gevuld. In de tussentijd hadden we wat smsjes de deur uitgedaan om onze KMC-collega’s te laten weten dat we om 21.00uur bij de Friends Pub zouden zijn om wat met ze te drinken. Dit bleek niet haalbaar en we besloten vroeg ons bed in te duiken om de volgende morgen onze backpack in te packen en naar KMC te gaan om daar afscheid te nemen. <br /> <br /> Zo gezegd, zo gedaan. Raar hoor... Een beetje onwerkelijk zelfs, dat we hier nu niet meer zouden komen. Onze Ugandese thuisbasis. Nog veel onwerkelijker was het verlaten van Uganda. Eigenlijk helemaal niet zo leuk. Met Meagan en onze 2 goed gevulde handbagage’s op schoot en zo’n 10 andere passagiers in een personenauto dicht<br /> tegen me aangepropt bereikten we Matukula. Hier verliep het passeren van de paspoortcontroles en aankoop van Tanzaniaans visum zeer soepel. Middels ‘we love Uganda, we will love Tanzania’ met een dikke glimlach en gewoon zeggen wat ze willen horen hoopten we dan ook dat ze niet moeilijk zouden doen (corruptheid is hier eerder regel dan uitzondering). De Tanzaniaanse grenswachters bleken uiterst vriendelijk en wezen ons het juiste vervoersmiddel richting Bukoba en vertelden de eerlijke prijs. Dit was een eerste illustratie van de vriendelijkheid in Tanzania, dat (waren ze in Uganda zo onvriendelijk dan?) ons hier tot nu toe steeds welkom en thuis laat voelen. <br /> <br /> De eerste rit door Tanzania liet meteen een ander Afrika zien dan Uganda en hoe ik Malawi 3 jaar geleden achtergelaten heb. Meteen zagen we dat Tanzania welvarender is, de verkeersregels beter op orde zijn en de mensen er niet op uit zijn een slaatje te slaan uit het contact met een mzungu. De eerste rit kregen we zonder problemen voor de eerlijke prijs, hoewel we niet eens Tanzaniaanse Shillings (TSH) hadden... De busmannetjes hielden onze backpacks als borg en wij gingen Bukoba in op zoek naar een bank die ons aan TSH kon helpen. Na verschillende banken geprobeerd te hebben brak het zweet me wel een beetje uit. Konden we die busmannetjes wel vertrouwen met onze backpacks? Wat moeten we hier als we geen TSH kunnen bemachtigen? Gerustgesteld door het idee dat we altijd nog terug konden naar Uganda besloten we, na alle banken geprobeerd te hebben, de busmannetjes te vragen dollars te accepteren. Hier hadden we er maar liefst nog 10 van. Dit was geen enkel probleem en we kregen nog TSH wisselgeld ook. Mooi, konden we ons in ieder geval een lunch veroorloven om de tijd door te komen tot de 24 uur gepasseerd waren dat we de dag ervoor gepint hadden. Waarschijnlijk lag het hieraan dat de banken ons weigerden TSH te leveren... Helaas bleek na dat de 24 uur toch zeker wel ruim verstreken waren het hier niet aan lag... Dan maar de credit card trekkken. Helaas, ook Meagans credit card weigerde TSH te geven in ruil voor haar pincode. Gelukkig en nog net op tijd vond mijn credit card dit wel een eerlijke ruil. <br /> Het was inmiddels al half 8 en het donker deed zijn aantrede. Achter op twee boda boda’s (yes, die hebben ze ook in Tanzania!!) raceden we bepakt en bezakt richting Bukoba Harbor in de hoop daar nog een goede plaats op de nachtboot richting Mwanza te bemachtigen. Deze bleken echter al een week uitverkocht (de slaapplekken) en er was alleen nog ruimte in de tweede klas, zit. Na een lange ja/nee/wat zullen we doen/wanneer kunnen we dan wel deze boottocht fatsoenlijk doen afweging besloten we, op aandringen van mij de boot te nemen. Veel zin in het donker nog op zoek te gaan naar een fatsoenlijke slaapplek had ik niet en leek me net zo vervelend als een nacht op de boot vertoeven. Meagan’s herinnering aan een boottocht met zeeziekte maakte dat we met tegenzin aan de tocht begonnen. Met knorrende magen (tijd en/of geld voor avondeten hadden we niet door het pin-fiasco) zochten we een plekje in het ruim wat we aangewezen kregen. Het leek alsof we op een slavenboot waren beland... De tocht was, ondanks de afwezigheid van zeeziekte, eigenlijk best wel heel ellendig, een beetje. Achteraf gezien kunnen we ook wel weer lachen om de manier waarop we op de ijzeren platen, tussen allerlei Tanzanianen en nog wat andere reizigers, om onze backpack en handbagage heen gekruld de nacht hebben doorstaan. Toch weer een noemenswaardige ervaring. Daarnaast bood deze slaven-boottrip het ultieme excuus ons een nacht in een luxe hotel te veroorloven. Hoe we aan het geld zouden komen zouden we later wel zien. We zijn tenslotte backpackers en die moeten af en toe een beetje risico nemen (stiekem heb ik een goede noodverzekering). <br /> <br /> Gaar van de boottocht checkten we om 9.00uur bij New Mwanza Hotel in en enkele minuten later viel ik uitgeteld neer in een heerlijk zacht fijn bedje. Na ruim een uur goed geslapen te hebben en een overheerlijke warme douche genomen te hebben waren we klaar voor een eerste wandeling door Tanzania. Mwanza bleek een gemoedelijke stad met een wat westerse aanblik. In een restaurantje namen we een flink ontbijt en vervolgens zijn we op zoek gegaan naar een kaperszaakje om onze vlechtjes er na ruim 3 weken uit te laten halen. Daarna wederom gretig gebruik gemaakt van de lekkere warme regendouche in het hotel, heerlijk om eindelijk mijn haar weer eens te wassen. Het hotel hadden we ook uitgezocht omdat het de beschikking had tot WiFi, echter op onze kamer werkte dit niet. Net buiten de deur van onze kamer, op de gang, werke dit wel. Gezien het hoogpollige tapijt in de hotelgang lekker zacht lag, hebben we daarom maar de avond in de gang doorgebracht. Afrika.<br /> Woensdag redelijk op tijd opgestaan om nog voor uitchecktijd wat baantjes te trekken in het buitenzwembad. Dat is nog eens lekker wakker worden! Nog maar een keer gebruik maken van de warme douche en genoten van een buffetontbijt om vervolgens ons luxe oord in te ruilen voor een gevangenisachtige kamer in het Tanzania Guesthouse. Wat een contrast. Mwanza Hotel, 24 euro p.p. voor een nachtje, Tanzania Guesthouse, 2 euro p.p. voor een nachtje. Door te compenseren mogen we dus best wel eens een nachtje luxe doen. Het is tenslotte voor ons nu echt vakantie!<br /> <br /> De woensdag en donderdag slenterden we door Mwanza, ookwel Rock City. De haven was prachtig, we waanden ons in Griekenland. Het centrum westers gezellig, we waanden ons in Frankrijk. De pizza in een restaurantje heerlijk, Italië. Het contact met mijn lieve familie en vrienden brachten me vlak bij mijn Nederlandse thuis. We werden nauwelijks aangestaard en/of nageroepen met mzungu, Afrika? Ja! Toch wel, toen we de markt overliepen bewees de aanblik toch wel weer dat we in Afrika waren. Ookal blijf ik erbij dat Tanzania minder voldoet aan het beeld van wat je van Afrika hebt. Het is er daarom echter zeker niet minder leuk om! <br /> Na contact met de bank (bedankt pap!) en berichtjes via facebook kwamen we er achter dat pinnen in Tanzania voor de meeste touristen lastig is. Veroorzaakt door skimmers. Gerechtigheid dat er in Uganda 2 Hongaren voor 25 jaar in de gevangenis zitten omdat ze geskimt hebben! Gelukkig bleken we bij een specifieke bank wel te kunnen pinnen en konden we wat dat betreft weer ademhalen. Kon ik weer, onder het mom van ‘we moeten de locale economie sponsoren’, mijn nagels laten lakken. Weer een goede daad verricht ;) <br /> <br /> Na een tweede rampzalige nacht in het Tanzania Guesthouse (ik snap nu waarom het er zo goedkoop is) stonden Meagan en ik vrijdags vroeg op. Tijd om op safari te gaan!! Mzungu-tijd half 9 stond Gasper, onze chauffeur en tourguide voor de komende 5 dagen, ons op de afgesproken plek met zijn jeep op te wachten. Gasper reed ons Mwanza uit, op naar Serengeti National Park. We passeerden dorpjes met, ook hier zijn ze, verkopers die je van alles aan proberen te smeren aan het raam zodra je tempo vertraagt/stopt. We zagen vrouwen ploeteren in hun modderpoeltjes wat rijstvelden voor moest stellen en af en toe zagen we een verdwaalde Masai met zijn stok zijn vee de goede kant op slaan. Tanzania. <br /> Bij de ingang van het Serengeti NP kregen we een lunchbox die we lekker in het zonnetje op onze gemak leeg aten. Het eerste wild van Tanzania liet zich zien. Een brutale aap deed zijn naam eer aan en sprinte in een moordend tempo op onze lunch af en ging er met Meagans banaan triomantelijk vandoor. Dit zou niet de eerste en zeker niet de laatste keer zijn dat de apen van Tanzania hun brutaliteit bewezen. Weg met die apen, we willen ander wild! Rondrijdend door het prachtige en eindeloze Serengeti werden we op onze wenken bediend. Ver af en dichtbij zagen we olifanten, giraffen, zebra’s, topi’s, apen, impala’s, nijlpaarden, wildebeasten, water- en bushbocks en uiteraard een hele hoop vogels waaronder de struisvogel. Heel gaaf! <br /> Aan het einde van de middag bracht Gasper ons naar een camping midden in het park, zonder omheining... Daar had Sharubu, onze kok, ons tentje al opgezet en bereidde voor ons een heerlijk avondmaal. <br /> <br /> Zaterdag, safaridag 2, Serengeti: Om half 8 had Sharubu alweer een lekker ontbijtje voor ons klaar staan en trokken we een half uurtje later er weer op uit voor een ochtendvullende gamedrive. We zagen de zelfde dieren als safaridag 1, nog steeds zooo bijzonder. Maar het werd nog veel toffer toen we leeuwinnen en later een luipaard zagen hangen in wat bomen. Tijdens de gamedrive van 4 tot schemer was er dan ook nog maar een dier wat ons echt zou kunnen bekoren: een leeuw. Maar eerst even lekker relaxen op de camping in de heerlijke zon. Alhoewel, er moest ook hoognodig eens wat kleren gewassen worden. Sharubu en een andere kok, Charles, zagen het geaai van ons over onze kleren en lieten met brute kracht zien hoe je kleren op de hand wast. Wauw, mijn driekwart-spijkerbroek is hier nog nooit zo schoon geweest! Terwijl we onze kleren te droge hingen in de zon vertrokken we met Gasper weer op gamedrive. En jawel hoor!!! We vonden een leeuw!! Zo’n vijf meter van ons af lag hij als de koning te rijk lekker in de schaduw van een boom te slapen. Stoer stapte Gasper de jeep uit, raapte een kluit van de grond en bekogelde de leeuw. De leeuw sprong op en liet boos zijn tanden zien. GAAAAAF!! Inmiddels hadden ook andere safarigangers de leeuw ontdekt en vertrokken wij weer verder door het Serengeti. En ja hoor, daar waren ze weer. De brutale apen. Terwijl wij hun spel en de schattige baby-aapjes bewonderden waagde een van hen het via de bovenkant van de jeep naar binnen te komen en een rol koekjes van me vandaan te gritsen. Nou ja zeg!! Eerst slaakte ik een kreet van schrik, toen hield ik het niet meer van het lachen. Gasper was de jeep uitgesprongen en achter de brutale aap aangerent. Geweldig!! De aap liet zich zijn prooi echter niet afpakken en Gasper droop af. Tijd om terug naar de camping te gaan waar Sharubu weer een heerlijk maal stond te bereiden. ’s Avonds gezellig gekletst met de koks en het aangeboden wijntje, okee ik ben de beroertste niet, met smaak opgedronken. <br /> <br /> Zondag was het tijd onze spullen weer bijeen te rapen en het tentje af te breken. Op naar Ngorogoro! Maar niet voor we nog even bij de Masai-bergen een stel leeuwinnen met hun welpjes konden aanschouwen. Echt, echt heel gaaf! Wat kon deze safari nog completer maken? Nieuwsgierig keken we om ons heen terwijl Gasper in gezelschap van Sharubu ons weer verder bracht. Het Serengeti NP en de Ngorogoro krater werd door kilometers indrukwekkend graslandschap gescheiden. Ontelbare wildebeasten vulden de vlakten, af en toe een een groepje zebra’s en/of impala’s. Een ding is zeker, aan wildebeasten op deze wereld geen gebrek. Dat maakte het aanschouwen van een stel hyena’s en tientallen aasgieren, die een gedode wildebeast aan stukken scheurden, iet wat minder afschuwwekkend. De hyena met zijn door bloed doordrenkte gezichtsbeharing en een stuk ingewand tussen zijn tanden, die me strak aankeek, vastbesloten niets van zijn maal aan me af te staan, zou me echter de daarop volgende nacht toch wat angst aanjagen. <br /> Na dit indrukwekkende gebied gepasseerd te zijn deed een volgend zeer indrukwekkend gebied zich aan. Groeten uit de rimboe werd ineens heel tastbaar. We waren beland in het landschap van de Masai. Dunne lange mannen en jongetjes liepen in hun gewaden, met flinke gaten en ringen in de oren en halskettingen om, met een stok achter hun vee aan. Zo nu en dan dook er weer een Masai op en passeerden we afgebakende Masai-dorpjes. Okee, het landschap is prachtig. Maar geen stromend water, geen electriciteiten, geen van alles wat wij dagelijks gebruiken... Ik kon me niets anders bedenken dan dat ik in deze cultuur zwaar depressief zou worden. Zou ik dan als heks gezien worden en verbannen worden naar de kilometers vlakte, waar de wind zonder een seconde neer te gaan om je oren blijft suizen en je uiteindelijk in stukken wordt gescheurd door hyena’s? Als je al niet omgekomen bent van de honger? Nee, nou liet ik vast mijn fantasie te ver gaan. Maar een ding is zeker, de Masai-cultuur is absoluut de mijne niet. Ik geef toe, ik heb me er niet in verdiept, maar dit wil ik eigenlijk ook zo laten. Indrukwekkend is het inieder geval zeker wel. <br /> <br /> Hoog tussen de prachtige bergen aan de rand van Ngorogoro krater bereikten we uiteindelijk onze ‘camping’. Ons tentje werd weer keurig door Sharubu opgezet terwijl wij onze fantasieen nog wat verder te loop lieten. Zo’n andere wereld hier! ’s Avonds warmden we onzelf op met, het was tenslotte met de 10°C erg koud voor ons, wat aangeboden Konyagi en genoten we weer van een wijntje. Als enige Nederlandse fatsoenlijke uitziende safari-gangers vonden de mannen van de verschillende touropperaters ons dan ook erg interessant. Ik kwam niet meer bij van het lachen toen ik een zoveelste compliment naar mijn hoofd geslingerd kreeg toen ik met mijn capouchon over mijn hoofd getrokken, met mijn hoofdlamp er nog net tussen uit stekend en sokken in de super modieuse wandelsandalen hen ‘lala salama’ (welterusten in het swahili) zei. ‘You are beautiful’. Ik beschreef inderdaad eerder dat de Tanzanianen minder geven om het zien van een mzungu, maar de mannen blijven echte Afrikaanse mannen zodra ze een blanke vrouw zien. Allemaal willen ze met me trouwen. Al zou ik in mijn gekste carnavalspakje rondlopen. De 60+ muggenbulten die mijn lichaam tijdens de safari steeds meer design hebben gegeven doen er ook niet meer toe. Helaas blijft de jeuk flink aanwezig en heb ik minimaal de helft van de bulten kapot gekrabt. Gelukkig heb ik nog wat daagjes voor we Zanzibar aan zullen doen.... Want daar wil ik me toch op mijn gemak in mijn bikini installeren op een handdoek. Maar goed, ik dwaal af.<br /> Dromend over de met bloed doordrenkte hyena schok ik wakker en stootte Meagan wakker. Hoor jij dat ook?? Naast ons tentje stond een stuk wild driftig te snuffelen en grazen. Spontaan moesten we naar de wc, maar beide durfden we niet het tentje uit te gaan. Bang aan stukken gescheurd te worden. Dan zou ik geen verslag meer uit kunnen brengen... Dat konden we natuurlijk niet riskeren... plassen in de voortent dan maar. De schaamte zijn we toch al lang verloren en de primitiviteit draaien we onze hand niet meer voor om. Met een gat in de grond maak je ons al lang blij, zolang we onze behoefte maar kwijt kunnen. <br /> <br /> De volgende morgen hoorden we dat buffalo’s de camping hadden betreden en het gras voor de campingbaas hadden gemaaid. Om 6.15uur had Sharubu het ontbijt voor ons alweer klaar en terwijl wij hiervan smulden brak hij onze tent af en sleepte alles maar weer eens de jeep in. Nu was het tijd om de krater in te gaan. Wauw, wat was het landschap weer mooi!! Wildebeasten, zebra’s, impala’s, hyena’s, vogels (waaronder nu ook flamingo’s), nijlpaarden en olifanten lieten ons weer genieten. Bij de uitgang van Ngorogoro NP lieten Gasper en Sharubu ons achter in de jeep met een lunchbox. ‘Niet naar buiten gaan hoor, dan zullen de apen jullie eten weer stelen. We komen zo terug.’ Braaf gaven we gehoor en zaten we met de lunchbox op schoot druk te kletsen in de jeep. Tot ineens de auto werd omsingeld door grote Baboons en een van hen ons dreigend aankeek. Lichte spanning maakte plaats voor verlies van zelfbeheersing toen deze baboon via het raam dat Sharubu op de passagiersstoel voorin open had laten staan op ons af kwam. Ik hoor mezelf nog schreeuwen, vluchtend uit de jeep waar de baboon me aanviel. Ik liet de deur open en een nog grotere baboon sprong op mijn plaats. Meagan bleef zitten en hield schreeuwend haar tas dicht tegen zich aangeklemd. We waren verteld dat baboons in staat zijn alles mee te nemen wat los en vast zit. Van verschillende kanten kwamen de gidsen en koks aangerend en werden we van de baboons bevrijd. Weg lunchbox... Die kippenbout stond me toch al niet aan, dus al snel konden we weer vreselijk lachen om de brutale apen! Op naar de laatse bestemming van onze safaritrip: Lake Manyara.<br /> <br /> De camping bevond zich in Sharubu’s dorp Mtowambu. Hij nam dan ook de gids-rol van Gasper over en nam ons ’s avonds mee het dorp in. In een tuctuc, lees stuk rijdend blik op 3 wielen nageaapt vanuit Azië, hobbelden we door het donker naar zijn huis waar hij ons wilde voorstellen aan zijn familie. We ontmoetten zijn broer en nichtje. De rest lag al te slapen. Ons afvragend waar we in godsnaam mee bezig waren gingen we weer verder te tuctuc naar een café om daar bananenwijn te proeven. Vergeleken met een biertje okee te drinken, vergeleken met het wijn van Nederland enkel te omschrijven als bocht. Maar ach, een gezellige avond ging weer zo voorbij. <br /> <br /> Dinsdag, safaridag 5. Tijd voor een laatste gamedrive. Dit keer geen kilometers open vlakten met wild, maar een dicht begroeid jungle-achtige omgeving en op afstand het meer. De apen omsingelden de jeep weer, dit keer braaf van onze spullen afblijvend. De olifanten die ons op een halve meter afstand passeerden durfden hun slurf ook niet naar ons uit te steken. De nodige foto’s werden weer gemaakt en we genoten nog steeds volop van de schitterende natuur en het wild. De ochtend ging voorbij en het was tijd ons safari-bestaan gedag te zeggen... Nog even lunchen op de camping, een foto van ons geweldige safari-team en een laatste keer de spullen uit het tentje halen. De jeep weer in en ons in gezelschap van Gasper en Sharubu naar Arusha laten rijden. Terug de beschaafde wereld weer in. </p> Wed, 16 Jan 13 09:41:46 +0100 Week Kampala als afsluiter van een onvergetelijke tijd in Uganda http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/14/week-kampala-als-afsluiter-van-een-onvergetelijke-tijd-in-uganda <p>Omdat de sloppen van Kampala 6 weken geleden zo’n indruk bij Meagan en mij hebben achtergelaten besloten we ons plan na het vrijwilligerswerk meteen door te reizen naar Tanzania te wijzigen. Met de begeleiders van Give Children A Better Life Uganda (CICHBELU) spraken we af oud&amp;nieuw met de ondergebrachte straatjongens door te brengen om hen wat positieve aandacht te geven. <br /> <br /> Zo werden we zaterdagmorgen 29 december in Kyotera door Abert uitgezwaaid en zette Sunday ons na een snelle rit vroeg in de middag af aan de rand van Kampala. Daar was het weer een hele klus om voor een eerlijke prijs met de boda boda bij het Anex City Hotel te komen. Hoewel we het vermoeiend blijven vinden steeds maar weer te onderhandelen over de prijs, zijn we inmiddels wel goed geworden in het ons niet af te laten zetten. <br /> Na een lekkere lunch bij Brood hebben we op onze hotelkamer gerelaxt en genoten we van de zeldzame warme douche. De avond zouden we naar een concert gaan van Mavado, een bekende (?) zanger uit Jamaica. Pascal en Joseph (de begeleiders van GICHBELU met wie wij contact hadden gehouden) hadden ons hiervoor uitgenodigd. Opgedoft en wel zaten we te wachten en te wachten. Een uur nadat het concert zou beginnen kwamen ze ons dan eindelijk ophalen. Ken je echter de mop van het concert waar we heen zouden gaan? Juist ja... Die was om vage Ugandese redenen verplaatst. In plaats daarvan gingen we naar Kyoto, een openlucht club. Na gekletst te hebben onder het genot van een biertje (die me inmiddels best goed smaken) was het tijd ons te wagen aan een dansje. Geweldig! In Uganda kunnen ze er wat van met dat dansen, wat een lol! Peter, Richard (ook begeleiders), Joseph en Pascal dansten uitbundig en probeerden ons <br /> hun moves aan te leren. Dit was natuurlijk weer lachen, gieren, brullen. Tijdens het biertje hadden we hen het verhaal van Abert verteld, over de bevalling die niet door ging en hoe hij met grote grijpgebaren had voorgedaan hoe we dit wel tot een succes hadden kunnen laten komen. Zo ontstond tijdens het dansen de Abert move en deze hebben we die week nog meerdere keren met een big smile gedaan. Het was na ruim twee maanden weer eens lekker een avondje goed te stappen. Half 4 ’s nachts werden we veilig terug naar ons hotel gebracht en spraken we af de volgende dag elkaar weer te ontmoeten bij het huis van GICHBELU. <br /> <br /> In het kort is GICHBELU een organisatie die in 2011 is opgericht om te zorgen voor straatkinderen van de sloppen in Kampala Aan de rand van de sloppen hebben zij een huisje waarin in een heet hok van 8m2 11 van de straatjongens in stapelbedden van 3 hoog een veilige plek hebben om te slapen. Ze krijgen een keer en, als er een donatie is binngengekomen, soms twee keer per dag een maaltijd, kunnen naar school en er is een activiteitenprogramma waarin ze kind kunnen en mogen zijn. De begeleiders zijn in de afgelopen 2 jaar de sloppen in gegaan om contact te leggen met de jongens, om ze voorlichting te geven en ze een kans te geven te stoppen met drugsgebruik en te (her)starten met school. De jongens die hiervoor openstaan moesten eerst bewijzen te willen en kunnen veranderen. Drugsgebruik is binnen de organisatie niet toegestaan en opvoedkundige regels moeten gevolgd worden. Inmiddels zijn er 11 jongens (tussen de 9 en 16 jaar) die zich gezegend voelen door deze organisatie gered te zijn van het harde bestaan in de sloppen. De jongens zijn stuk voor stuk schatten en in een week tijd hebben zij en de begeleiders mijn hart gestolen. Ik zou een boek kunnen schrijven over hoe de organisatie werkt, wat de geschiedenis is van de jongens en van de begeleiders en wat we deze week allemaal met hen hebben meegemaakt. Dat laatste zal ik proberen samen te vatten. Als jullie het interessant vinden meer te weten over voorgaande dan is het zeker de moeite waard de volgende website te bestuderen (givechildrenabetterlifeuganda.wordpress.com). Ik blijf het indrukwekkend vinden, het leven in de sloppen van Kampala. Geweldig te zien hoe 6, voor Nederlandse begrippen zelf nog jongens, mannen tussen de 19 en 22 jaar zichzelf met volledige overgave en verantwoordelijkheid inzetten om de 11 straatjongens de kans te geven zichzelf op wat meer menswaardige manier te kunnen ontwikkelen. Zelf hebben ze hier ook voor gevochten en ze willen niets liever dan het zelfde voor de jongens.<br /> <br /> Toen Meagan en ik eind zondagmorgen met een katertje light het huisje van GICHBELU ingingen kregen we van de jongens stuk voor stuk een dikke knuffel en een grote glimlach. Terwijl Meagan en ik druk waren met spelletjes spelen met de jongens waren de begeleiders (door de jongens uncles/ooms genoemd) bezig met het koken van een maaltijd voor met ons erbij 19 man. Oke, alla Uganda, een berg rijst met weinig groente en geen vlees/vis, maar het smaakte me beter dan het eten uit de kantine van KMC. Na de lunch sloten Ellen en een vriendin van haar aan bij het spelen van spelletjes met de jongens. ’s Middags zijn we meegeweest naar een voetbalwedstrijd van Pascal om te supporteren en spraken we het programma voor deze week door. Meagan en ik waren in de voorafgaande week gevraagd de uncles te ondersteunen bij een outreach in de sloppen op 2 januari. Om wonden te verzorgen, pijn te verlichten, voorlichting te geven enz. Meteen maar even gebruik maken van twee verpleegkundigen die langskomen natuurlijk. Vanuit KMC hadden we voor de outreach het een en ander aan materiaal meegenomen. De outreach zou, het zal ook eens een keer niet, echter verplaatst worden naar vrijdag. Een oude geliefde man uit de sloppen was overleden en 2 januari zou hij begraven worden. Volgens Pascal heb ik deze man tijdens de tour door de sloppen 6 weken geleden nog de hand geschut, al kan ik me dit niet meer herinneren. Ik heb wel duizenden een hand geschut de afgelopen 2 maanden... <br /> ’s Avonds zijn we gezellig met zijn vieren uit eten geweest (Meagan, Ellen, vriendin en ik) en kroop ik vroeg met buikkrampen mijn bed in. <br /> <br /> Maandagmorgen hebben we rustig aan gedaan. Uitgeslapen, ontbijtje bij Brood, plek met WiFi gezocht en eindelijk weer eens een blog en foto’s geplaatst en wat contact met het thuisfront gehad. Rond een uur of 12 belde Pascal om te vragen hoe laat we kwamen voor de lunch (hadden we dat afgesproken dan?) en of we ’s avonds oudjaar met hen wilden vieren bij een Duits meisje thuis en rond middennacht in club Kyoto. Hier stonden we uiteraard wel voor open! Omkleden dus maar en op, weer richting de sloppen. Daar weer wat spelletjes gespeeld met de jongens en meegegeten met wat de pot schafte. Tegen etenstijd gingen we ’s avonds naar Magdelena, een vrijwilligster uit Duitsland. Ze had de hapjes en drankjes al klaar staan, de sleutel tot een zeer geslaagde oudjaarsavond. We wilden 2013 bij club Kyoto inluiden en dus trotseerden we rond half 11 de overvolle en chaotische straten van Kampala. Gelukkig hadden we de uncles bij om ons te beschermen. Onze tassen werden in het huis bij de jongens bewaakt en ons geld verdween in de zakken van de uncles. Anders zouden we het beslist kwijt raken... Toen we vanuit het huis van de jongens een boda wilde pakken zag Meagan een 2 meter diepe put over het hoofd (donker, chaos...), gelukkig werd ze van beide kanten nog tijdens de val omhooggetrokken waardoor ze het gore putwater niet heeft geraakt. Helaas wel flink gekneusde en bloedende tenen en een flink blauw bovenbeen. Levensgevaarlijk die open putten die je in Kampala om de haverklap tegenkomt. Het mocht de pret van de leuke oudjaarsavond echter niet drukken. Met behulp van wat alcohol en de afleiding van dansen werd de pijn verbeten. Het oud&amp;nieuw in Kampala/Uganda is niet te vergelijken met het oud&amp;nieuw wat ik van 2009 op 2010 vierde in Mzuzu/Malawi. Hier was het in tegenoverstelling van Mzuzu druk en leek iedereen het centrum ingekomen om een goed feestje te vieren. Ook was er om 00.00uur vuurwerk aanwezig en kon ik door al het nieuwjaarsgejuich de reacties van pap en Marleen per telefoon niet horen op mijn naar hen toegeschreeuwde gelukkig nieuw jaar. Ergens in de nacht, na een zeer geslaagd feest, werden we weer netjes ‘thuis’ gebracht. Een goed begin van 2013 was een feit. <br /> <br /> Voor nieuwjaarsdag hadden we een uitje met de jongens op het programma staan. Met ondersteuning van sponsorgeld wat ik nog binnen heb gekregen na de sponsorloop konden we dit realiseren. Super!! Aangekomen bij het GICHBELU huis bleek 2013 niet voor iedereen goed begonnen te zijn. Een van de jongens, Ali, was opgepakt door de politie. Hij zou niets gedaan hebben, maar enkel de pech gehad hebben tussen baldadige jongeren te staan op het moment dat de politie ingreep. Het vertrek naar Entebbe Zoo aan Lake Victoria werd, alla Uganda, uitgesteld. Nadat de uncles flink voor Ali op waren gekomen bij het politiebureau wilde ze Ali tegen betaling wel vrij laten. Ali verpeste het echter door brutaal te zijn tegen de politie (hij zei iets in de trant van dat God niet bestaat, toen de politieman tegen hem zei dat God hem de vrijheid weer wilde geven). Dit werd niet getolloreerd en Ali moest de dag in de cel blijven... Naast dat dit niet al vervelend genoeg was kon hij nu dus ook nog eens niet mee met het uitje... Eigen puberschuld of belachelijk?? Ik heb het maar van me afgezet en tegen een uur of 2 konden we dan eindelijk vertrekken richting Entebbe Zoo. Echter niet voordat ook wij mzungu’s een stuk van de, speciaal voor vandaag, geslagte huiskippen hadden gegeten. De maaltijd werd nog middels ons eigen sponsorgeld betaald ook... Oow oow oow, genieten hoor... <br /> Met een matatu vol enthousiast zingende en trommelende jongens en begeleiders bleek alleen de matatu-reis al een heel uitje op zich. Eenmaal in de Zoo verspreidde de groep zich over het park. Na het bekijken van alle dieren en aaien van een neushoorn en aapjes sloot ik me later weer aan bij de ‘basis’. Zwemmen in Lake Victoria was voor de jongens helemaal het einde. Vrezend voor bilharzia hadden Meagan en ik geen bikini meegenomen, maar hier hadden we al snel spijt van. Richard, een van de ooms, bood me zijn zwembroek aan en toen kon ik de verleiding van het mooie Lake Victoria niet meer weerstaan en ging ik in mijn gefabriceerde Uganda-badpak (korte broek en hempje) het water in. Meagan moest helaas, i.v.m. openliggende tenen, de verstandige zijn... In het water was het weer lachen, gieren, brullen. Iedereen wilde een wedstrijdje zwemmen tegen de mzungu, maar niemand kon van me winnen. Het gespartel wat de jongens en uncles deden leek dan ook niet heel veel op zwemmen. Maar we hadden de grootste lol en daar ging het om. Bij ondergaande zon besloten Meagan en ik dat het een zeer geslaagde nieuwjaardag was en misschien wel de beste besteding van het sponsorgeld. Al zingend en trommelend werd de terugreis per matatu weer ingezet. Dat de corrupte politie ons 3 keer staande hield en geld eiste mocht de pret niet drukken.. Oprotten!! Riepen de uncles met Meagan en mij mee in koor. <br /> Met een vette knipoog roepen we ‘oprotten!’ inmiddels minstens 10 keer op een dag. Heerlijk, zijn wij het kwijt terwijl degene tegen wie we het roepen (gore vogels, mzungu-roepende kinderen, bedelende mensen, corrupte politie, muggen, vervelende Pakistanen enz. enz.) er toch niets van begrijpen. <br /> Al laat, tegen een uur of 22.00, kwamen we terug bij het GICHBELU huis waar de jongens nog een filmpje op de laptop van een van de uncles mochten kijken. Wij de straten van Kampala weer getrotseert om een Ugandese maaltijd rolex, chapatti en samosa’s bij elkaar te sprokkelen. Pas laat werden we moe maar zeer voldaan weer door onze bodyguards van deze week, Pascal en Joseph, naar onze hotelkamer gebracht. <br /> <br /> Woendag gingen we nog ‘even’ naar de uncles (die vlakbij de jongens wonen) om muziek op Meagans iPad te laten zetten. Inmiddels zijn we fan van de Ugandese songs (of zijn ‘Chop ma money’ en ‘Steady wine’in Nederland ook hits?. Het ‘even’ werd, alla Uganda, een hele dag doordat er op een gegeven moment behalve Ugandse songs niets meer werkte op Meagans iPad. Gelukkig kon dit uiteindelijk hersteld worden. In de tussentijd werd al discussiërend bevestigd wat Meagan en ik al geconstateerd hadden. De Ugandesen uit de grote stad hebben een andere cultuur dan de Ugandesen van de dorpen en kleinere steden. Ze zijn meer westers en hun gedachten sluiten meer aan bij de onze. Of in ieder geval kunnen ze berijpen hoe onze cultuur werkt en wat er anders/beter zou kunnen/moeten in Uganda. Interessant om te constateren, Uganda ontwikkeld. Hoewel we deze week ook zeker een aantal situaties hebben meegemaakt die het contrast tussen Uganda en Nederland illustreerden. <br /> Toen de iPad weer was zoals het zijn moest was de zon alweer gezakt. Wat jongentjes kwamen gluren wat de uncles en mzungu’s aan het doen waren en zo stond ik ineens als Ugandese televisie te fungeren. Met de iPad van Meagan in mijn handen stond ik voor de jongens en keken zij naar de clips bij de muziek. Ik dacht dat dit een goede daad was, want de jongens hadden de grootste lol en leken mini-kopietjes van de uncles in hun dans. Toen een van de ooms echter naar buiten kwam om te kijken wat er gaande was werden ze met een boze stem weggestuurd. Tjoep, weg vlogen de jongens. De uncle legde uit dat de jongens geleerd wordt in het donker niet meer buiten te komen en ze eigenlijk ook niet zijn toegestaan op de binnenplaats van de uncles te komen als ze hier geen opdracht toe hebben gekregen. Nou, dan gingen we er maar weer eens vandoor. Meagan en ik namen onze bodyguards mee uit eten, waar zij illustreerden dat Uganda anders is dan Nederland. Tijdens het eten werden ze zo’n 10 keer gebeld (tot wij uitlegden dat dat in Nederland onbeleefd is). Een van de telefoontjes was afkomstig van Josephs moeder en ik hoorde hem tegen haar zeggen ‘Ja, ik kom er nu aan, ben al onderweg. Tot zo.’ Na het beëindigen van het gesprek keek ik hem met grote ogen aan. <br /> ‘Waarom zeg je dat je er aan komt, terwijl je hier zit?’, ‘Dat zeg ik altijd, maar ze weet dat ik niet kom.’ Dus... Ugandese communicatie is niet te volgen. Een discussie volgde over dat Ugandesen niet te vertrouwen zijn omdat ze altijd van alles zeggen wat niet waar is en veel afspreken wat niet nagekomen wordt. Zo waren wij eigenlijk speciaal naar Kampala gekomen voor de outreach in de sloppen. Deze werd eerst verplaatst naar vrijdag, waarop we besloten ons verblijf in Kampala nog een nachtje te verlengen. Echter, ook vrijdag zou het niet doorgaan. ‘Wat??’ ‘Ja, we hebben dan een vergadering met de burgemeester over de organisatie.’, ‘En dat zeg je dan niet even? Pas als wij vragen naar het precieze programma?’ Pascal en Joseph haalden hun schouders op, tja, dit is Uganda. Ooow oow oow... ik denk niet dat ik de Ugandese communicatie erg zal gaan missen. Dat we donderdag een dagje naar Jinja zouden gaan om lekker westers ons geld te verbrassen aan een dagje raften kwam precies op tijd. Even ontsnappen aan de Ugandese cultuur is zo nu en dan geen overbodige luxe. Wat tijd op het internet doorbrengen is dan ook best wel fijn zo af en toe. <br /> <br /> Donderdag zijn we met een pendle-busje van Nile River Explores naar Jinja gegaan om nog een keer de Nijl raftend te trotseren. We vonden het de vorige keer zo gaaf dat we het graag nog een keer wilden doen nu we dat binnen drie maanden voor een tweede keer met korting konden doen. We hoopten op meer dan 2 flip overs, want die geven de echte kick. Na de eerste flip over, bij het tweede wilde stuk, dacht ik hier toch anders over. Eerst bleven we haken op een rots waarachter het water pas 2 meter dieper weer begon, toen we gelukkig de juiste stroom weer te pakken kregen kwamen de golven op ons af en sloeg de boot om. Ik ging kopje onder en dit leek voor mijn gevoel, snakkend naar adem, minuten te duren. Donker water, licht water, boot op mijn hoofd, waar is lucht?? Ik dacht dat ik zou verdrinken... Toen ik ‘het opgaf’ was er echter eindelijk weer lucht en met nog water in mijn luchtwegen kon ik geen antwoord geven toen een van de safety-mannetjes me vroeg of ik oke was. De boot werd weer omgekeerd en ik werd er als een walvis ingetrokken. De spanning was weer goed terug! Weer op adem gekomen was het raften weer een geweldige ervaring. De omgeving ook zo mooi! Bij een rustig stuk mochten we de boot uit om te zwemmen en met mijn reddingsvest aan liet ik me lekker meevoeren in de stroming. Heerlijk. Ook bij het laatste wilde stuk weer een flip over om de dag compleet te maken. Wederom geen spijt voor een dag raften gekozen te hebben. Blijft een must voor de Ugandese tourist! <br /> ’s Avonds kwamen we tot rust in de, ik ben helemaal in shock – niet Afrikaanse – zeer westerse Oasis shopping mall met bioscoop!! Meagan en ik hadden ons iets anders voorgesteld toen we Pascal en Joseph vroegen of we ergens film konden kijken. Met een bak popcorn en beker cola waanden we ons even terug in Nederland terwijl we James Bond in zijn nieuwste film Skyfall de wereld weer zagen redden. <br /> <br /> Vrijdag zijn Meagan en ik teruggegaan naar de Oasis shopping mall (wat een ontdekking) om van ontbijt tot en met lunch gebruik te maken van het WiFi. Weer een blog getypt en geplaatst en eindelijk de kans gezien wat mailtjes en what’s appjes te beantwoorden. Wie nog geen reactie heeft, vergeef me. De tijd hier gaat in tegenoverstelling van het internet erg snel. Blijf het echter heel leuk vinden jullie berichtjes te lezen! Na nog wat rondgestruind te hebben door de shopping mall, maar niets gekocht te hebben (mijn backpack is al zwaar genoeg) zijn we weer terug gegaan naar het hotel. Daar was ook Diana inmiddels gearriveerd, een van de Be-More vrijwilligers die oorspronkelijk het contact tussen ons en GICHBELU heeft gelegd. Samen met haar aten we een hapje in het hotel en besloten nog een laatse avond naar club Kyoto te gaan met de uncles om een super week in Kampala af te sluiten. <br /> Naast biertjes drinken, kletsen en dansen werd er ook gepoold. Het was weer een erg gezellige avond. Jammer dat we onze bodyguards niet mee kunnen nemen op reis. Tenzij we weer nieuwe locals tegenkomen die we kunnen vertrouwen zal het nu weer minstens 2 maanden duren voor we weer veilig het stapleven kunnen ervaren. <br /> <br /> Inmiddels hebben we afscheid genomen van de jongens en uncles in Kampala. In een week tijd, onder deze omstandigheden, best een goede band kunnen ontwikkelen... Dus stiekem wel een beetje jammer afscheid te moeten nemen. <br /> Echter, er staat ons weer een heel avontuur te wachten en ook daar hebben we al lange tijd naar uitgekeken. Zaterdag van Kampala naar Masaka gereist. Bij Masaka backpackers, wat ook een beetje als thuis is gaan voelen, overnacht en de laatste keer genoten van het heerlijke french toast met een bak fruit ontbijt. We gaan nu op weg naar Kyotera om vanavond definitief afscheid te nemen van onze KMC-collega’s. <br /> <br /> Afgelopen twee maanden samengevat: Ik hou van Uganda en zal het gaan missen! De twee maanden vrijwilligerswerk en de uitstapjes in de weekenden en in de laatste week vormen samen een onvergetelijk waardevolle tijd. Op naar het creeëren van nieuwe mooie herinneringen tijdens het backpacken door Tanzania.</p> Sun, 06 Jan 13 12:59:12 +0100 Laatste week Rakai-project http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/13/laatste-week-rakai-project <p> <br /> Zaterdagmorgen 22 december vertrokken Meagan en ik richting het zuidwesten van Uganda. Met een volgepropte auto van Kyotera naar Masaka, met de boda boda van Masaka naar een verderop liggend dorpje, van daaruit met een matatu naar Mabarara, van Mbararara wederom met een matatu naar Kabale om vanuit daar per boda boda naar het prachtige Hamukaaka village te gaan aan Lake Bunyonyi. Een ruim 9 uur durende reis, waarbij we tijdens het grootste gedeelte vergezeld werden door Gilbert. Een student uit Kampala die voor de kerstdagen terug naar zijn familie in Rwanda ging. Naast gezellig ook heel praktisch en leerzaam. Hij hielp ons bij het nemen van de juiste etappes en liet ons onze Franse taalkunsten oprakelen (=nationale taal van Rwanda). De 9 uur durende reis werd zo geen weggegooide dag, zeker niet toen we bij de eindbestemming arriveerden. <br /> <br /> Wat is Lake Bunyonyi prachtig!! Het meer ligt hoog tussen de bergen en het hutje waar we verbleven had hier een goed uitzicht op. Via via hoorden we van Amasiko Eko-farm, een kleinschalige verblijfsplaats voor touristen, gerund door de Nederlandse Wilfried. Hij woont nu al ruim 23 jaar in Uganda en heeft hier een familie gesticht. Samen met deze familie, Ellen en Yana (die de dag ervoor al waren gearriveerd) genoten we van een heerlijk avondmaal. Eten wat de pot schaft en gezellig samen, met het heerlijke eten wat ons voorgeschoteld werd konden we ons niets liever wensen. Hoog in de bergen was het koel en muggenvrij, lekker om in een goed bed te slapen zonder verstrengeld te raken met een muggennet. <br /> <br /> <br /> <br /> Zondag vroeg in de morgen stapten we uit ons hutje en genoten we van het prachtige uitzicht. Er werd weer samen ontbeten. Na het lekkere ontbijt namen we afscheid van Yana en Ellen die richting Kampala vertrokken. Meagan en ik startten aan een twee uur durende wandeling richting Muko, een dorp verderop, vergezeld door twee Ugandese nichtjes van Wilfried. In de prachtige natuur rondop Lakke Bunyonyi mag wandelen als een van mijn hobby’s omschreven worden. Vanuit Muko zouden we met een kano over het meer terug naar Amasika gaan. Geheel in Afrikaanse stijl moesten we echer eerst ruim een uur wachten voor de kano arriveerde. Het had geregend aan de kant van Amasika, hij had niet op tijd kunnen vertrekken. De regen trok onze kant op en voor we de kano instapten kwam het met bakken uit de lucht. Weer ruim een uur wachten... Er leek geen einde te komen aan de regenbui, maar het was nu alleen nog maar gemiezer. We besloten maar aan onze terugtocht te beginnen. In Muko zelf was er nu ook niet veel te beleven. Kleumend van de kou peddelden Meagan en ik met onze blote handen vanuit een uitgeholde boomstam over Lake Bunyonyi. Hoewel we lekker zaten te vloeken vonden we het stiekem prachtig! De omgeving als uit een sprookje kan een mens echt goed doen. <br /> <br /> Bij terugkomst leenden we een grote dikke, geweldig mooie trui en warmden we onszelf op met kom champignonnensoep. Na regen komt gelukkig zonneschijn. Zo zaten we doorweekt te kleumen van de kou in een dikke trui en zo zaten we pootje te baden in onze bikini. Een middag relaxen volgde. Wat een zwaar leven heb ik toch. <br /> <br /> De avond brachten we aan tafel door met Wilfried en zijn Ugandese familie die door de jaren lange omgang met Wilfried in gedrag ook wat verwesterd waren en smakelijk konden lachen om alle dingen die Meagan en mij in Uganda hebben doen verbazen. Erg gezellig! <br /> <br /> <br /> <br /> Maandag was het helaas weer tijd aan onze terugreis te beginnen. Tijdens het ontbijt werd Wilfried gebeld dat de bus die hij voor ons geregeld had ineens eerder wilde vertrekken. Pardon, eerder??? Hoe is het mogelijk op dit continent?? Wilfried overtuigde de buschauffeur een half uurtje te wachten en in een moordend tempo raasten we in zijn auto de bergen af terug naar Kabale. Alsof we terug in Europa waren hadden we voor de verandering ruim plek in de bus en was de bus binnen 5 uurtjes in ‘Masaka’. Het is dat Meagan en ik oplettend zijn en de weg inmiddels kennen, maar anders waren we zo in Kampala beland i.p.v. Masaka. De bus ging de afslag van Masaka voorbij en reed richting Kampala. Toen ik vroeg wat de buschauffeur van plan was had hij de fout door en stopte op een willekeurige plek langs de weg. Zonder blikken of blozen verkondigde hij ‘we zijn nu in Makaka, jullie kunnen uitstappen’. ‘ Ja, hallo, we wonen hier al twee maanden. Je kunt ons niet verkopen dat we nu in Masaka zijn, dat is ruim een kwartier op de boda hier vandaan!’ ‘Nee hoor, jullie zijn nu in Maskaka.’ Na wat mopperen een een boze ‘And I don’t wish you a merry Christmass’ stapten we toch maar uit. Nog geen drie stappen uit de bus lagen we echter alweer in de scheur om de opmerking die ik naar de buschauffeur zijn hoofd had geslingerd en de typisch Ugandese situatie. <br /> <br /> <br /> <br /> We hebben honderden voorbeelden van deze situaties waarin een Ugandees iets aan ons probeert te verkopen wat absoluut niet gelijk is aan de waarheid. Een t-shirt met baby-maat omhoog houdend ‘Hier pas je echt wel in hoor’; ‘Ik ben ouder dan jij.’, terwijl in de voorliggende minuut werd uitgewisseld dat hij 25 was en Meagan 26; ‘Nee hoor, ik ben op tijd’, zei de chauffeur die ons om 8 uur op zou halen en er om 10 uur dan eindelijk was; ‘Waarom geef je de pijnmedicatie van de ochtend pas om 14.00uur?’, ‘Het is nog ochtend.’; ‘Het regent niet.’, terwijl het met bakken uit de lucht kwam enz. enz. enz. Ugandezen geven zelden een direct of concreet antwoord. ‘Ja, nee, misschien.... een beetje.’ <br /> <br /> Je wordt vaak niet veel wijzer na het stellen van een vraag. Bij een antwoord of opmerking vragen we dan ook altijd of het een Afrika-antwoord is of een mzungu-antwoord. Afrika-antwoord moet je altijd met een flinke korrel zout nemen. Daar zijn we inmiddels wel achter. Als je iemand belt omdat deze persoon nog niet heeft laten weten waar/hoelaat je afspreekt zegt hij/zij altijd ‘I was about to call you’. Een antwoord bevat ook vaak ‘Slightly...’, ongeveer ja... Zelden concreet. Mzungu’s zijn ook wel heel pietlutterig hoor... Afrika is de perfecte omgeving voor iemand met een angststoornis om te leren de controle los te laten. Controle hebben over wat gebeuren gaat is hier niet mogelijk en eigenlijk is dat best wel een beetje heel erg heerlijk. <br /> <br /> <br /> <br /> Anyway, per boda boda, die ons mzungu’s uiteraard weer eens af wilde zetten door ons een belachelijke prijs te laten betalen, vonden Meagan en ik onze weg terug naar Masaka. De resterende tijd van die middag brachten we door op het internet van Plot’99 waar we die avond een kerstdinner hadden geregeld. Als we minimaal 10 man bij elkaar zouden krijgen wilde de eigenaresse wel een speciaal kerstmenu voor ons regelen. Dit lukte en met 16 Nederlanders genoten we van een lekker en gezellig kerstmaal. Er werd een gitaar te voorschijn getoverd en kerstliedjes werden gezongen om een beetje bij het kerstgevoel te komen. Toch blijft het raar om bij een temperatuur van minimaal 25 graden kerst te vieren en heb ik ook nog steeds niet het idee dat op moment van typen, het nu de laatste dag van 2013 is. Maar het ‘dit-klopt-niet-gevoel’ ben ik nu eigenlijk ook al aan gewend. <br /> <br /> <br /> <br /> Eerste kerstdag vertrokken we na een ontbijt met wentelteefjes, fruit en warme melk weer terug naar het project. We hadden afgesproken met Tonny (verpleegkundige van KMC) kerst te vieren. Hij zou voor ons koken. Eerst werd er film gekeken en af en toe stiekem een slok amerula (door Meagan) en rode wijn (door mij) gedronken als Tonny even de ruimte verliet. We hadden deze drank als kerstcadeau voor onszelf gekocht, Tonny is echter tegen het drinken van alcohol... Na een flink bord spagetthi, praktisch zonder groente en/of saus, naar binnen gewerkt te hebben nam Tonny ons mee achter op de boda boda naar een dorpje verderop. We brachten een bezoek aan de 2 jarige Sophia die zich door haar HIV-positieve status niet gezond kan ontwikkelen. Ze zou goed in het ondervoedingsproject van Kim passen, maar doordat ze buiten de regio woont valt ze buiten de boot... Er zijn, triest maar 100% zeker waar, veel te veel kinderen in hongersnood door gebrek aan geld. Sophia heeft het geluk dat Tonny en Isaac samen besloten hebben haar minimaal 1 keer in de maand om de beurt op te zoeken om te kijken wat ze voor haar kunnen doen. Nu wat positieve aandacht van mzungu’s, wat geld om eten te kopen en een mini-kerstboompje met verlichting die ik van mijn zus als cadeautje die morgen had mogen openen. <br /> <br /> Tijdens de terugrit naar Kyotera begon de zon alweer te zaken en kleurde de lucht weer prachtig. Ik besefte mij dat ik de mooie boda boda ritjes erg zal gaan missen. Ze horen bij Uganda en daar zou ik nog maar twee weken verblijven... Het was zelfs al de laatste week op het Rakai-project! Op de terugweg zijn we dan ook maar even langs KMC gegaan om het personeel en de patiënten te groeten en een fijne kerst te wensen. Zij horen nu bij wat mijn leven hier in Uganda is. Heel raar hoe snel je aan een ‘nieuw’ leven kunt wennen en hechten. <br /> <br /> Eigenlijk hadden we in de planning na deze 1e kerstdag met Tonny te hebben gevierd hem te helpen bij zijn nachtdienst. Echter, kerstavond was het idee ontstaan met alle medevrijwilligers om te gaan stappen in Masaka. Onze spullen hadden we daarom ook daar gelaten omdat we mee zouden gaan. Echter, tegen de tijd dat we wilden vertrekken was het al pikkedonker en raadde iedereen die we in Kyotera kenden en spraken ons af nog naar Masaka te gaan. Dit zou niet veilig zijn, mzungu’s zijn tijdens de feestdagen een doelwit voor velen die geen geld hebben hun gezin een kerst te geven die ze verdienen.... <br /> <br /> In plaats van nachtdienst en/of stappen in Masaka zijn we gewoon lekker gaan slapen om tweede kerstdag alsnog naar Masaka te reizen om onze spullen op te halen en dan ook maar even naar Plot’99 te gaan om lekker te eten en wat tijd door te brengen op het internet. <br /> <br /> ’s Middags weer in Kyotera en voobereidingen getroffen voor een drie-gangen- kerstdinner. Alle ingrediënten verzameld en aan de slag maar! Omdat Tonny (onze gast voor vandaag) om Afrika-tijd bleek te komen speelden Meagan en ik onder het genot van onze Amerula en wijn nog wat spelletjes. Ook ff lekker om zo’n rustig middagje te hebben. <br /> <br /> Nadat we ons kertdinner naar binnen hadden gesmikkeld was het tijd van start te gaan met onze eerste en laatste nachtdienst in Uganda. Deze duurt hier van 8 tot 8, lang! Maar slapen als er niets te doen is, is toegestaan. Hoezo verantwoordelijkheid nemen voor de gezondheid van de patiënt? Dat kan de familie toch doen? Ja joh, die hebben ook zoooo veel kennis... Zucht. <br /> <br /> Tot een uur of 23.00 was de nachtdienst leuk. Omdat er maar 2 verpleegkundigen en een arts-assistent aan het werk zijn ’s nachts in heel KMC maak je zo alles mee wat er in het ziekenhuis te doen is. Er waren wat nieuwe opname’s die aan het eind van de kerstdagen echt geen puf/vechtlust meer hadden het zonder medische zorg vol te houden. Bij een van de patiënten, een jonge man die overduidelijk aan AIDS leed, werd in codetaal verteld dat hij HIV positief was. Ehh, waarom in codetaal? Dat kan toch iedereen zien??? Maar nee, het blijft een taboe. Zo help je HIV wel de wereld uit ja... Ow ow ow, wat was de man er slecht aan toe. Maar liefst 8 diagnoses werden gesteld, gevalletje hopenloos... Oownee, dit is Afrika.... Op naar de volgende casus, een meisje, nog geen jaar oud, moest een infuus geprikt krijgen omdat ze voor Malaria behandeld moest worden. Het babyvet en de dunne vaatjes maakten dit echter een flinke klus. Een aantal keren ging het mis, gek he, dat zo’n meisje dan begint te huilen?? Blijkbaar voor Afrikaanse begrippen wel. Het meisje werd door moeder en oma geslagen omdat ze stil moest houden. Vol verbazing keek ik toe. Toen ook verpleegkundige Josephine hierin mee ging en zelfs buiten een stok haalde en het meisje hiermee bedreigde (als je nu niet stopt met krijsen dan sla ik je hiermee) kon ik het niet meer aanzien. Ik verliet de ruimte en samen met Meagan schakelde we Tonny in om hier een einde aan te maken. Met een flinke preek werden moeder en oma de behandelkamer uitgestuurd en nam Tonny het prikken van het infuus over. Ik heb niet meer meegekeken hoe dit ging want in het kamertje tegenover waar het meisje was assisteerde ik bij het vasthouden van een klein gillend jongetje dat ook een infuus geprikt moest krijgen. Aaaahrg, leuk hoor, zo’n kinderafdeling.... ’s nachts, als je moe bent... Doe mij maar de volwasssenen psychiatrie. Het slapen tijdens de nachtdienst maakt het er ook niet veel aangenamer op. Met zijn vieren moesten we een kamertje met twee bedden delen. Als een patiënt ons nodig had moest een van de familieleden hier maar aankloppen. Ook bij een binnenkomend noodgeval. Hier hoopten we stiekem op, maar pas tegen 6.00uur in de ochtend was er weer werk aan de winkel. Met een duffe kop hielp ik bij het delen en toedienen van de ochtendmedicatie. <br /> <br /> 8 uur, kunnen we dan nu naar huis?? Nee, het is Afrika. Dus eerst nog even wat dingentjes afmaken en een overdracht doen (plannen kennen ze hier niet). Om half 10 doken we eindelijk voor een uurtje even ons eigen fijne bedje in. Om 11 uur werden we weer verwacht bij de huisbezoeken aan de ondervoedde kinderen. <br /> <br /> <br /> <br /> Achterop de boda boda bij Boniface werden Meagan en ik naar Kim gebracht. Ze was nog op het land aan het werk met een groep lokale mensen. Hier hielpen we nog een handje voor we van start gingen met de huisbezoeken. Stenen sjouwen is weer eens wat anders. Lekker hersenloos in de zon tussen de mooie kleurende natuur van Uganda. Samen met de groep mensen die op het land hadden gewerkt zaten we vervolgens een uurtje later aan de maispap. Ik voelde me net een Ugandees.<br /> <br /> De huisbezoeken waren weer leuk en interessant. Kim ging nu zelf ook mee en nam ons mee naar een lokaal kliniekje waar zeer vriendelijk oude verpleegkundige al 30 jaar de boel runt. Ze vond het prachtig haar kliniekje aan ons te laten zien en te showen hoe zij de mensen van hier behandeld. Later begrepen we, dat ze ook wel de heksendokter wordt genoemd. Haar land stond vol met bomen, planten, bloemen en kruiden die van alles en nog wat konden voorkomen en genezen. Met veel plezier stonden Meagan en ik dan ook onze tanden te poetsen met een afgebroken stuk tak... Een tandenborstel met preventieve werking voor malaria. Ik kan niet ontkennen dat deze tak zijn werk doet. Na het poetsen had ik hele schone gladde tanden en tot op de dag van vandaag heb ik nog geen malaria (hoewel ik wel lelijk rood gespikkeld ben door de muggenbeten). Hoewel ik weinig geloof in de behandelmethode’s van deze vrouw vond ik het prachtig hier kennis mee te maken. Ik heb weer een stuk van de Ugandese cultuur ontdekt met mijn eigen ogen. <br /> <br /> Onder het mom van ‘Arme kindjes in Afrika hebben honger.’ gaven we aan het einde van de dag ons resterende eten van het kerstdinner aan Boniface mee. Stiekem wilden we gewoon liever uit eten en hadden we zelf geen zin meer in de pasta. Maar toch hebben we het weggeven van deze pan met eten maar afgestreep op onze lijst met goede daden. <br /> <br /> We lieten het ons goed smaken bij een nieuw geopend restaurant in Kyotera. Kyotera blijft zich ontwikkelen en ontwikkelen. Ik ben dan ook steeds meer benieuwd hoe ik Malawi aan zal treffen na 3 jaar. Is Uganda wel zo anders dan Malawi? Of is het de tijd? Over twee maanden kan ik hier mijn visie op geven. <br /> <br /> <br /> <br /> Vrijdag was het zo ver... de laatste dag op het Rakai-project. Vreemd hoor! Het krijsende jongetje dat ik tijdens de nachtdienst had proberen te sussen toen hij een infuus geprikt moest krijgen kwam met open arme op me afgelopen. Ik gaf hem een dikke knuffel en besefte me dat ik de zorg voor deze geweldige mensen in Uganda ga missen. Niet meer kunnen volgen hoe het met de patiënten en ondervoede kindjes verder gaat... Niet meer mini-gesprekjes in het Lugandees hebben. Niet meer KMC-personeel zijn... Ik vind het stiekem best wel een beetje heel veel jammer (om maar in de Ugandese communicatie stijl te blijven) dat de eerste twee maanden van mijn avontuur er al weer opzitten. Het was een rustige dat op KMC dus tijd genoeg van iedereen afscheid te nemen en een kraambezoek te brengen aan verloskundige Vastine die nu zelf moeder was geworden van een ontzettend mooi jongetje.<br /> <br /> Ieder personeelslid kreeg een balpen van ons cadeau (en nu willen we nooit meer horen dat je er geen hebt/dat de jouwe uitgeleend is en nooit meer teruggekomen), dit bleek een groot succes. Ook mijn uniform gaf ik weg aan Julius de clinical officer die de dag erna jarig zou zijn. Nu was het toch echt tijd KMC te verlaten... De tijd van het vrijwilligerswerk zit er op... Raar. Heb hier toch een beetje een eigen ‘familie’ gecreëerd en het is hier fijn! MAAR omdat Kyotera op de route ligt die we nemen om naar Tanzania te gaan komen we er komend weekend nog voor een keertje terug. Dan gaan we nog een afscheidsborrel houden en zeggen we definief gedag... Tijd voor een nieuw avontuur! <br /> <br /> </p> Fri, 04 Jan 13 13:29:33 +0100 Weer een week van mijn belevenissen op het digitale papier http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/11/weer-een-week-van-mijn-belevenissen-op-het-digitale-papier <p>Ik besef mij dat ik wat achterloop met het delen van mijn belevenissen met jullie, maar dit maak ik deze week goed. Hier een verslag van mijn zevende week in Uganda. Vrijdagmiddag 14 december stond het weekend voor de deur. Met een overvolle taxi richting Masaka, relaxen bij Plot’99 en gezellig BBQen bij Frikadelle.<br /> <br /> Voor zaterdag en zondag hadden Meagan en ik, samen met medevrijwilligers Ellen en Diana een bezoek aan National Park Lake Mburo op het programma staan. In verband met de ‘krappe’ tijd en slechte bereikbaarheid schakelden we William in, een privé-chauffeur. Top zet! Want naast een prima chauffeur bleek William ook een geduldige reisgids en goed gezelschap. De autorit naar het NP en de plaats van bestemming aldaar was super. We spotten een aantal zebra’s, impala’s, water- and bushbocks, everzwijnen, topi’s, aapjes en een hoop (mooie) vogels als de kraanvogel, blauwe, gele, paarse, gieren en zee-arends. Tijdens onze rit werden we op een gegeven moment totaal omcircelt door een kudde koeien (of we die ook hebben in Nederland?). Ze waren met honderden en hadden flinke horens. Zig zaggend tussen de enorme beesten door bleken ook de koeien gaaf om zo in het wild in Uganda te zien.<br /> Na een lunch aan het prachtige Lake Mburo maakten we ons klaar voor een boottrip. Vanaf de boot zagen we vele nijlpaarden luieren, aapjes in de bomen klimmen, zee-arenden naar aas loeren en een krokodil maken dat ie weg kwam. De ondergaande zon, weerkaatsend in het water en mooie luchten kleurend maakte het succes van de boottrip compleet. Na een warme douche (zo eens in de twee weken is dat zeker noemenswaardig!) nestelden we ons in een hutje dat werd omringt door impala’s en everzwijnen.<br /> Zondagmorgen stonden we al vroeg op om deel te nemen aan een hyena-walk. Ken je echter de mop van de hyena? Wederom juist... Die zagen we niet! Toch was de ruim twee uur durende wandeling zeker de moeite waard. De omgeving was schitterend, eerder genoemde dieren werden weer gespot inclusief schattige mangooses. Na de wandeling nog een keer Lake Mburo bewonderd tijdens een ontbijtje om vervolgens weer door William naar Masaka gebracht te worden. Hij nam een andere route om ons nog meer van Uganda te laten zien. Naast dat we weer vele dieren zagen, reed hij ook door wat mooie bergen en dorpjes. Ik heb dit weekend mijn ogen weer uitgekeken. Na in Masaka nog even gerelaxt te hebben bij Plot’99 bracht William Ellen, Meagan, Tim en mij weer veilig bij het vrijwilligersappartement in Kyotera.<br /> <br /> Maandag startten we de dag met de doktersronde in KMC, deze maakten we echter niet af want voor vandaag stond een bezoek aan Rakai-hospital weer op het programma. Hier kregen we een rondleiding en typeerde lange wachtrijen, doodzieke magere patiënten, slechte hygiëne en dubieuse diagnosen de publieke zorg van Uganda. Al moet ik nageven dat het personeel, maar ook de patiënten van Rakai hospital noemenswaardig vriendelijk zijn. Zo wilde de verloskundige mij graag leren hoe ik een baby met een doek op mijn rug kon dragen en stond een willikeurige vrouw haar kindje hier glimlachend voor af.<br /> Op zoek naar een taxi terug naar Kyotera wees Abert naar een man die beesachtig, in smerige kapotte kleding, in de brande zon, tussen de zooi in een berm zat. ‘Hebben jullie die ook in Nederland?’ ‘Hoe bedoel je?’ ‘De mad-ones,’ nogmaals wijzend naar de man. ‘Ja, Abert. Die hebben wij ook. Maar zo iemand noem je niet mad-one, als een diersoort. Die man is een mens zoals jij en ik, hij is alleen 100% zeker geestelijk ziek. Hij zou zorg moeten krijgen in plaats van zo verwaarloost worden.’, reageerde ik terwijl ik met een glimlach naar de man zwaaide in een poging hem een klein beetje positieve energie te geven. Psychiatrisch verpleegkundige zijnde doet het me zeer zo nu en dan zo’n ‘mad-one’ tegen het lijf te lopen. Mensen die als beesten worden behandeld... Zij, de psychiatrische patiënten, hebben een heel hard en onmenselijk bestaan hier in Uganda. Later begreep ik dan ook van dokter Ambrose dat deze groep patiënten de meest ondergewaardeerde groep is in Uganda...<br /> Weer terug bij Kyotera Medical Centre maakten we zelf de doktersronde af door de afdelingen langs te gaan en ons te laten informeren over de patiënten. Voor even hoorde Ellen bij hen. Ze had een jigger (zandvlooi) die zich lekker in een teen had genesteld. Deze werd zorgvuldig verwijderd zodat hij geen vieze wond zou veroorzaken. Nog even geholpen met het uitdelen en toedienen van medicatie op de kinderafdeling en een volle dag was weer een feit.<br /> <br /> Van maandag op dinsdagnacht regende het pijpenstelen, een grauwe dinsdag deed zich aan. Een perfecte dag om onze haren in Afrikaanse stijl in te laten vlechten. In verband met de regen zou het hoogstwaarschijnlijk toch rustig zijn op KMC. Plensend door de modderplassen kwamen we rond half 11 aan bij Kim’s huis. Daar werd eerst Meagan en vervolgens ik een aantal uur onder handen genomen met een nice en zeer praktisch Afrikaans kapsel als resultaat. Check de foto’s op facebook. Het was een lange zit, maar dan heb je ook wat zullen we maar zeggen. Gelukkig hadden we tijdens het invlechten gezelschap van Babibye en Rosah, de dochtertjes van Kim. Met hen hebben we spelletjes gespeeld en boekjes hard op gelezen. De gastvrije Kim liet ons en de kapster niet verhongeren en liet ons mee-eten van een lekkere lunch en avondmaaltijd. In het pikkedonker weer met de boda terug naar Kyotera om daar weer lekker mijn Casper het Spook bedje in te duiken.<br /> <br /> Woensdagmorgen, net begonnen aan de doktersronde, bleek een jonge vrouw na 20 weken zwangerschap een levensloze foetus met zich mee te dragen. ‘Ik ga haar even onderzoeken’, zei de dokter, ‘kijk maar mee.’ De placenta hingen al uit de creperende<br /> vrouw en een doordringende zeer onaangename geur doordrenkte het hokje waarin we met 7 man personeel naar de vrouw staarden. Waarschijnlijk was de foetus al een aantal dagen dood en had de verpleegkundige van de lokale kliniek een verkeerde diagnose gesteld met hoogstwaarschijnlijk bloedvergiftiging als gevolg. Nog voor verpleegkundige Harriet de pijnmedicatie ergens vandaan getoverd had, trok dokter Amfrose de foetus makkelijker dan verwacht de baarmoeder uit. Pats, boem, een handgroot mini-mensje met alles er op en eraan, besmeurd met bloed, leek ons met de al ontwikkelde oogjes strak aan te kijken. De aanblik van dit mini-mensje is op mijn netvlies gebrand en vormt samen met de jongens in de sloppen het meest indrukwekkende wat ik hier ervaren heb. Nog wat rottende stukken placenta werden uit de vrouw verwijderd en vielen boven op het mini-mensje dat zou uit ons zicht verdween. Vervolgens werd alles wat uit de moeder was gekomen als een simpel stuk afval in een diepe put weggegooid...<br /> Nog verbouwereerd van het onverwachts meemaken van een miskraam hielpen Meagan en ik mee bij het verwijderen van een absess bij een jong peuter-meisje. Het meisje begreep weinig van het hele gebeuren en bleef zich gedurende de hele behandeling, ondanks een roesje, sterk verzetten tegen de gemene mensen in witte uniformen. Het was een hele klus, wat een vechtlust kan een jong meisje hebben, maar samen met Matthius (clinical officer) en Josephine lukte het ons de absess succesvol te verwijderen en de achtergebleven wond te verzorgen. Wat een morgen... Ik merkte dat ik aangeslagen was, want de rest van de dag bleef ik medelijden hebben met alle patiënten, het waren echter ook niet zomaar patiënten. O.a. een schattig 10 jarig jongetje leek depressief geslagen door kwade geesten (want tuurlijk was er niets voorgevallen) en een 22 jarige jongen<br /> (‘of nee, is onze zoon nu 27?’) lag in comateuze toestand onnodig te vechten voor zijn leven omdat hij vanuit schaamte geen HIV-medicatie had genomen. In een poging de jongen te helpen in zijn strijd dienden we hem via een sonde een mengsel van melk, boter en porage toe (Ugandese sondevoeding). Het mocht niet baten want toen we donderdag opgedoft met gelakte teennagels, mooie haren en op maat gemaakte feestjurkjes bij KMC aan kwamen lopen voor het eindejaars-personeelsfeest zagen we zijn moeder luid rauwend voor het ziekenhuis op de grond liggen. Dag feeststemming, hoi ‘haal me hier vandaan-stemming’. Een half uurtje later zagen we de jongen ingewikkeld in een laken en rechtgehouden door twee afgebroken takken overdwars achterop de bagagedrager van een boda boda het ziekenhuis verlaten.... Er was geen geld voor een kist en/of ander vervoer... Ook deze aanblik staat op mijn netvlies gebrand en zal mijn geheugen nooit verlaten...<br /> <br /> Het KMC eindejaars-personeelsfeest was dan ook niet zo leuk als dat we van te voren hadden verwacht. Op zijn Afrikaans werd het op het allerlaatste moment en chaotisch georganiseerd. Het zou op donderdag plaats vinden, waarschijnlijk, misschien, als er geld was.... Woensdag werd verteld dat het donderdag niet door kon gaan, maar goed nieuws, vrijdag zou het 100% zeker door gaan. Onze weekend plannen werden verschoven. Toen Meagan en ik donderdag vertrokken voor huisbezoeken aan de ondervoede kinderen kregen we echter een telefoontje van Tim dat het feest toch die avond zou zijn en om 3 uur zou beginnen. Het zou tevens ook het afscheidsfeest zijn voor Meagan en mij, dus waren we in twijfel of we nog wel op huisbezoeken konden gaan. Boniface zei echter dat wanneer het feest om 3 uur geacht wordt te starten, het dan rond een uur of 8 zou starten en we dus gerust nog de tijd konden nemen voor huisbezoeken. Dit geloofden we meteen. De 100% zeker, was Afrika zeker. De 3 uur zou ook wel Afrika-tijd zijn. Wij mzungu’s moeten ook alles niet zo letterlijk nemen hoor...<br /> Na de huisbezoeken en een late lunch zijn Meagan en ik nog met Boniface en Maureen bij Sissy (een van de ondervoede kinderen) langsgeweest om een soort kerstpakket af te leveren. Ook een oudere dame kreeg zo’n pakket. Zij een kerstpakket, wij een mooie boda boda rit. Als afsluiter van deze outreach dag zouden we een voedings-training bijwonen in een lokale gezondheidskliniek. Eenmaal daar (16.00u) hoorden we dat de vrouwen waren geinformeerd dat de voedings-training die dag om 10.00uur plaats zou vinden. Lichte miscommunicatie dus. Tot onze grote verbazing waren er nog zo’n 20 vrouwen die nog altijd zaten te wachten. Wachten is in Uganda dan ook geen werkwoord, maar een levenshouding. Helaas was de andere helft van de opkomst al wel vertrokken. Dit deed Boniface en Maureen besluiten de vrouwen enkel voor te lichten over het ondervoedingsproject van Kim en de voedingstraining te verplaatsen naar een andere keer in de hoop dat de organisatie en informatie wat dichter bij elkaar zal liggen. Mooi, want veel zin in het bijwonen van de training hadden we vandaag toch niet. Gezien we wat moe waren en de training in het Lugandees word gegeven en voor ons dus weinig boeiend is. Ondertussen werden we ook gebeld door Tim dat we om half 6 in KMC werden verwacht omdat het feest dan echt zou beginnen. We hebben ons, voor ons gevoel, Afrika-gehaast en kwamen om 6 uur aangelopen bij KMC. Daar hebben we nog ruim 3 uur zitten wachten voor het ‘feest’ echt begon... De mzungu’s werden samen met de dokter op de ereplaatsen gezet en twee uur lang luisteren naar speeches volgde. Saai! Er werd samen gebeden, vrienden voor het jaar gemaakt, de beste afdeling (maternity/bevallingskliniek) en beste personeelslid (Isaac) van het jaar verkozen, kerstgedachte uitgesproken, Meagan en ik kregen een oorkonde uitgereikt en de 2 geiten en 3 kippen die die middag in de tuin van KMC werden geslacht verschenen nu in de vorm van ‘eetbaar’ vlees op tafel. We hadden ons toch wat anders voorgesteld bij een eindejaars-personeelsfeest. Er was ons muziek, dansen en bier drinken beloofd. Maar uiteraard viel de stroom toen de tijd hiervoor eindelijk aangebroken was uit. De dokter zag echter dat de mzungu’s erg verveeld waren (en hierdoor een beetje vervelend) en besloot dat voor deze gelegenheid de generator aangezet mocht worden. De jongens van de muziek konden eindelijk hun nummertjes draaien. Het meeste personeel was echter al lang richting bedje vertrokken. 22.00uur is voor hen zo’n beetje het middennacht voor ons. Een paar kleine dansjes en praatjes werden gemaakt en rond half 1 vertrokken we weer naar ons appartement.<br /> <br /> De volgende morgen hoorden we dat er op de mannenafdeling nog een patiënt was overleden tijdens het ‘feest’. Een raar gevoel blijf ik bij dit ‘feest’ houden. Het was ook gewoon op de binnenplaats aangrenzend aan de bevallingskliniek. De patiënten sliepen met tl-bak-licht aan naast het luidruchtige gespeech en later ook nog wat muziek. De wc van de mzungu’s was op die zelfde afdeling en ook wat personeel maakte hier gebruik van. Klopt toch niets van, mijn gevoel was echt een beetje in de war van dit alles.<br /> <br /> Maar goed, een nieuwe dag was weer aangebroken. De drie decemberweken zijn omgevlogen. Het was gewoon alweer tijd om afscheid te nemen van Tim en Ellen. Raar hoor! Zij zouden i.v.m. kerst de vierde decemberweek in Kampala i.p.v. op het project doorbrengen. Wij besloten op het project te blijven omdat dit voor ons de laatste week vrijwilligerswerk zou zijn en we deze niet wilden missen. Een teken dus dat we het vrijwilligerswerk echt leuk, interessant en leerzaam vinden!<br /> Na alle patiënten begroet te hebben en gezien te hebben hoe het hun op het moment verging zijn we met Boniface naar Kyotera centrum gelopen. Het sponsorgeld wat nog over was (na aftrek van de kosten voor het zuurstofapparaat) hebben we hier opgemaakt aan benodigdheden voor de malnutrition ward/Kim’s ward. Ik heb er dus persoonlijk voor gezorgd dat al het sponsorgeld een, naar mijn mening, juiste besteding heeft gekregen. Dat we ook een bal wilden voor de kinderen om mee te spelen als ze wat hersteld zijn, vond Boniface echter maar geldverspilling... Die middag illustreerde ik daarom even met het ‘depresief’ geslagen jongetje dat zo’n bal meer kan brengen dan je denkt.<br /> Pas rond half 7 verlieten we KMC weer. Op de vrouwenafdeling was tot die tijd nog het een en ander te doen voor ons. Prima! In het appartement was toch al weer een tijd geen stroom dus we hadden geen zin om zelf te koken en/of het douchegebeuren klaar te maken. Eten gehaald en bij kaarslicht/hoofdlampjes opgegeten. Weer een week voorbij. Op moment van plaatsen is zelfs ook de daar op volgende week voorbij. Gezien de lengte van bovenstaande vertel ik hierover in een nieuwe blog meer. Ik moet het ook maar weer op het digitale papier zien te krijgen... Dit doe ik echter graag, want zo kan ik zelf een klein beetje beter begrijpen wat er gebeurd en bewust onthouden wat ik heb meegemaakt.<br /> Groetjes vanuit Kampala en tot snel!</p> Sun, 30 Dec 12 11:20:34 +0100 Wist je dat – kersteditie http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/10/wist-je-dat-%25e2%2580%2593-kersteditie <p>Lieve mensen, ik geniet hier iedere dag en leer veel. Ook deze week weer veel ervaren. Hierover zal ik jullie na de kerst vertellen. Voor nu wens ik jullie veel leesplezier met mijn ‘Wist je dat – kersteditie’. <br /> <br /> Wist je dat....<br /> - 80% van de bevolking in Rakai district HIV positief is. Bam!<br /> - In Uganda de maan met een horizontaal liggende banaanvorm begint<br /> - Ugandezen hun wenkbrouwen optillen waar wij ‘ja/yes/I understand/I get you/uhuh’ zeggen<br /> - De meeste kinderen hier geen luiers/onderbroeken dragen<br /> - Uganda stikt van de boda boda’s en bananenbomen<br /> - De Ugandese vrouw gemiddeld 6.7 kinderen krijgt<br /> - Alle jongentjes tweelingen Kato en Wasswa heten en meisjes tweelingen Babibye en Makato<br /> - Baby’s helemaal ingepakt en overdekt worden met dekens zodat je ze niet meer ziet als ze op bed liggen (stikgevaar? Dat bestaat hier niet.)<br /> - De meeste Ugandezen erg naar oud zweet stinkenJongentjes hier gerust jurkjes dragen en meisjes broekjes (erg verwarrend)<br /> - Wildplassen hier de normaalste zaak van de wereld is Er wel kennis is van de geestelijke gezondheidszorg, maar hier daadwerkelijk weinig mee wordt gedaan<br /> - Mannen in Uganda naast een vrouw ook openlijk meerdere vriendinnen hebben<br /> - Er in Uganda geen bekeuringen worden gegeven voor rijden onder invloed omdat de politie meestal zelf een hoger alcoholpercentage in het bloed heeft<br /> - Vrouwen hier onderdanig zijn aan de mannen en dit accepteren (It is like it is.)<br /> - Er een groot verschil is tussen Africa-time en mzungu-time (Als je vergeet mzungu-time af te spreken kan je zo een paar uur wachten)<br /> - Ugandezen uit beleefdheid heel zachtjes praten<br /> - Er in KMC veel gediagnosticeerd wordt terwijl passende behandeling vaak niet tot de mogelijkheden behoord<br /> - De ‘L’ in het Lugandees als ‘R’ wordt uitgesproken en andersom.<br /> - Enkele vrouwen het in hun hoofd hebben gehaald het kapsel aan te nemen van een Alpaca (google maar eens, de harige versie)<br /> - Meagan en ik carnaval in Uganda hebben gevierd<br /> - Na scheiding de vrouw de kinderen tot het 6e levensjaar moet verzorgen en de man vervolgens, volledig in zijn Ugandese recht, het kind op komt eisen en zijn nieuwe vroiuw dan de moeder is<br /> - Ik volgens de Ugandesen al minstens 4 kinderen behoor te hebben<br /> - ‘I’m a barbie girl’ en ‘Boom, boom, boom’ van de Vengaboys hier erg populaire ringtonen zijn, vooral onder de mannelijke bevolking<br /> - Een Ugandees niet begreep dat zijn mzungu-vriendin de relatie beeindigde toen hij verteld had over zijn over zijn Ugandese vriendin die hij naast haar had.<br /> - Mannen hier hoge ie’s, eh’s en uh’s uitslaken als ze verbaasd zijn/ bedoelen ‘je meent het’<br /> - Bellen tijdens verpleeg-/doktershandelingen hier gewoon toegestaan is?<br /> - De man die zijn dode duim af moest laten zetten de voorgaande weken, dagen, uren en minuten bleef volhouden dat zijn duim aan het genezen was<br /> - Tender, love and care in onze Nederlandse verpleegkundige genen blijkt te zitten<br /> - Je makkelijk met 12 man in een personenauto kan<br /> - Uganda bij de evenaar ligt?<br /> - Ik 2 uur eerder in 2013 zal zijn dan jullie?<br /> - Rolex en chapatti mij best smaken<br /> - Kinderen hier nooit verveeld raken van ons mzungu toe te roepen<br /> - De Lugandese taal mij beter af gaat dan het chiTumbuka van Mzuzu (Malawi)<br /> - Er pas 1 kakkerlak mijn bed heeft betreden<br /> - Ik röntgenfoto’s heb gemaakt<br /> - Een 20 weken zwangere vrouw een foetus draagt waar alles al helemaal op en aan zit<br /> - Het niet aangenaam is deze foutus doodgeboren te zien worden en de aanblik op mijn netvlies staat gebrand<br /> - Een lijk gewoon, in lakens gerold en rechtgehouden met twee afgebroken takenk, per boda boda op de bagagedrager vervoerd kan worden<br /> - Ook deze aanblik op mijn netvlies staat gebrand...<br /> - Ik de boda boda ritjes, de Lugandese taal, de chapatti’s en mijn KMC-familie zal gaan missen<br /> - Psychiatrisch patienten hier als een diersoort worden bestempeld, de mad-ones? (of we die ook hebben in Nederland?)<br /> - Ik me voortgeroeid heb met mijn blote handen in een uitgeholde boomstam, op het prachtige Lake Bunyonyi en ik dit ondanks de stromende regen nog geweldig vond ook<br /> - Jullie nog meer leuke, hilarische, trieste, interessante verzamelde wist je datjes kunnen vinden via Meagan haar blog meaganlenselink.be-more.nl<br /> - Ik jullie hele fijne kerstdagen en een gelukkig nieuw jaar wens <br /> <br /> Liefs,<br /> Rianne</p> Mon, 24 Dec 12 13:54:54 +0100 Ken je de mop van.... http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/9/ken-je-de-mop-van.... <p><br /> <br /> Wat een week, wat een week. Dat Nederland en Uganda erg met elkaar verschillen wist ik. Echter deze week heb ik ontdenkt dat erg met elkaar verschillen zacht uitgedrukt is. De Ugandese cultuur lijkt in steeds meer opzichten op... Op wat? Hoe kan ik jullie uitleggen wat ik soms zelf maar amper geloof. Mijn cultuur, de Nederlandse, is zo anders dan de Ugandese dat ik soms niet kan bevatten dat de Ugandezen daadwerkelijk denken en doen wat ze vertellen en laten zien. Meerdere malen vroeg ik hen of ze me nu voor de gek hielden. Echter, ze waren vrij wel steeds serieus en er was ook nergens een verborgen camera te vinden. Ik ondersteun mezelf maar weer in het omschrijven van mijn belevenissen door de chronologische volgorde aan te houden. Bij voorbaat excuses voor de lange lap tekst die volgen zal, maar ik weet niet hoe ik deze week bondig kan omschrijven. <br /> <br /> Vrijdagmiddag zijn we meegelift met een stel hip hoppende Egyptenaren in een gepimte auto met dreunende 50cent uit de speakers om het af te maken. Weer eens een nieuwe reiservaring. De stemming zat er meteen goed in voor een relaxweekendje in Masaka. ’s Avonds namen we deel aan het welkomsdinner voor de december-vrijwilligers en proosten we nog een paar drankjes bij een kampvuur. Tegen Ugandese bedtijd trof ik Moniek, Karen en Marieke in het digitale ‘what’s app-cafe’. Gezellig om weer even ‘samen’ te zijn en bij te kletsen. Ik kreeg wat up-dates over Nederland en kwam tot de conclusie mijn koude kikkerlandje nog even niet te missen. Het weekend daarom ook maar goed genoten van de zon en het trage Afrikaanse leven. Lekker gezwommen bij het zwembad van het Tropical Inn hotel, gelounched bij Plot’99 en maar weer eens stof aangeschaft voor nieuwe kledingstukken. We vonden een kleermaker en gaven opdracht een broek en een kerstjurkje voor ons te maken. Een ontwerp werd geschetst en onze maten opgemeten, zeer benieuwd naar het resultaat! <br /> Zondagavond vertrokken we weer naar Kyotera, de vrijwilligersgroep uitgebreid naar 5 personen, want Yana kwam een weekje meekijken. Hiervoor heeft ze de perfecte week getroffen, want het zou een goed gevulde week worden. <br /> <br /> Terwijl Yana, Tim en Ellen de doktersronde maandagmorgen meeliepen, maakten Meagan en ik ons nuttig door houten tussenschotjes te fabriceren om de ruim 800 dossiers bij de ART clinic (Anti Retroviral Treatment, behandeling van HIV) beter te kunnen ordenen. Tegelijkertijd hielden we de naastliggende röntgenafdeling in de gaten en hapten we toe zodra we verpleegkundige Tonny met patiënt daar naar binnen zagen gaan. Tonny legde ons uit hoe het maken van röntgenfoto’s in zijn werk gaat en deed voor hoe we de patiënt juist konden positioneren. Na voorbeeld 1 vond Tonny dat we hem prima konden assisteren in zijn werk en inmiddels hebben Meagan en ik deze week verscheidene patiënten juist gepositioneerd, de druk op de knop gegeven om de röntgenfoto’s te maken en deze in de donkere ruimte ontwikkeld. Leuk en interessant om te doen. Ik kan nu ook steeds beter de foto’s aflezen/beoordelen. Ik kan nu het een en ander herkennen zoals tuberculose, vocht in/onder de longen, gebroken sleutelbeen enz. <br /> Na de lunch in de KMC-kantine vroeg Abert Meagan en mij hem te helpen bij het re-organiseren van wat medicatie in de ART-clinic. We hebben echter weinig gereorganiseerd en veel gepraat. In aanwezigheid van de heren Abert, Boniface en Emmanuel (clinicial officer ART clinic) kwam ons gesprek over de cultuurverschillen tussen Uganda en Nederland al snel op de man-vrouw rolverdeling. Onze oren klapperden van alles wat we hoorden en tot ons door probeerden te laten dringen. Het komt er op neer dat vrouwen in Uganda onderdanig zijn aan de man. De man heeft het hier voor het zeggen, als hij bijvoorbeeld seks wil moet de vrouw hem gehoorzamen. Hij mag openlijk naast zijn vrouw meerdere vriendinnen hebben. Vrouwen moeten trouw blijven aan hun man, als ze er een vriend op na houden heet dit vreemd gaan en wordt dit zeker niet getollereerd. Een van de heren klapperde op zijn beurt met zijn oren toen we hem uitlegden waarom zijn mzungu-vriendin hoogstwaarschijnlijk de relatie heeft beëindigd op het moment dat hij haar eerlijk vertelde over het hebben van nog wat Ugandese vriendinnen. ‘Uhhh’, slaakte hij op hoge toon uit, ‘en jullie denken dat ze niet overdreven heeft gereageerd?’ Wij in koor: ‘NEEE!’, hij: ‘Dit menen julllie?’ De beste man kon er met de pet niet bij en liet weten dat hij nooit beseft had dat dit de reden geweest moet zijn. Dus... Het gesprek werd voortgezet en verbazing op verbazing bleven voor beide ‘partijen’ volgen. Wat me het meest verbaast heeft is de ‘voogdij-regeling’ bij het uit elkaar gaan van Ugandese man en vrouw. De moeder moet de eerste 6 levensjaren voor het kind zorgen in volledige afwezigheid van de vader, vanaf het 6e levensjaar wordt het kind door vader bij moeder weggenomen. De biologische moeder verdwijnt uit beeld en de nieuwe vrouw van de man wordt de moeder van het kind. Bizar!? Nee, respectievelijk bizar. Voor de Ugandesen is dit zoals het is. Een middag lang bleven we discussieren over de man-vrouw verhoudingen, maar op dezelfde golflengte konden we echt niet komen. ‘Ja maar Rianne, kijk dan. Je illustreerd nu toch zelf dat jullie vrouwen altijd zullen moeten blijven vechten om aan te tonen dat jullie gelijk zijn aan de man?’ ‘Neeheeee, wij ZIJN gelijk!’ Tuurlijk, er zijn verschillen tussen man en vrouw, dat kan met geen mogelijkheid ontkent worden. Maar vanuit mijn visie, waarvan ik dacht dat anno 2012 deze gedeeld zou worden door een ieder, is de man niet meer dan de vrouw of andersom. Emancipatiegewijs kunnen we Uganda zeker nog een derde wereld land noemen, dat is een ding wat zeker is. Het niveau daalde naarmate het gesprek vorderde en foute opmerkingen werden over en weer geslingerd. Een beetje flauw wordt je wel van zo’n ongelofelijke middag. Gelukkig werden we tegen een uur of 5 ‘gered’ en namen we deel aan een vermoeiende les over ART-medicatie waar we ons niet echt meer op konden concentreren. Gelukkig werden we vervolgens hier weer van gered door Ellen en Yana die ons bij de les weghaalden om naar huis te gaan. Wat een dag. Bij het spelletjes spelen ’s avonds hebben we er echter smakelijk om zitten lachen, nog steeds een beetje in verwarring gelaten door de Ugandese cultuur die toch verder van ons af lijkt te staan dan we eerder dachten.<br /> <br /> Dinsdag keken Meagan en ik mee bij een doodsimpele methode baarmoederhalskanker te ontdekken waarvan we nog nooit gehoord hadden. Een watje wordt besprenkeld met keukenazijn, deze wordt vervolgens naar binnen gebracht. Blijft het binnenin roze dan is er niets aan de hand, komen er witte spikkels of wordt het helemaal wit en gaat het bloeden dan is er baarmoederhalskanker. De vrouw die getest werd illustreerde het laatste geval wat het ergste stadium inhoud. Triest, want eerder schreef ik al dat zodra hier iets geconstateerd wordt er twee grote problemen voor de deur staan. 1. Gebrek aan geld om passende behandeling te betalen. 2. Gebrek aan middelen met te lange wachtlijsten als gevolg. Zo ook nu. Tijd om hier bij stil te staan was er niet. We werden door Josephine geroepen om mee te helpen bij het opnieuw verbinden van Vivian. Vivian (8 mnd) werd de dag ervoor binnengebracht, 40% van haar lichaam verbrand doordat ze in een kokende pan met porache (maispap) was gevallen. Zorgvuldig en met liefde verbonden we de brandwonden en werd maar weer eens duidelijk dat ‘tender, love en care’ niet van zelfsprekend is en het niveau hiervan in Nederland zeker goed zit. In Uganda wordt pijn gewoon geaccepteerd en waar wij menen dit dragelijker te kunnen maken wordt dit hier in onze afwezigheid niet gedaan. Gelukkig voor Vivian kunnen wij hier voor nu even een stokje voor steken. Terwijl we bezig waren met de zorg voor Vivian hoorden we vanaf de mannenafdeling een luid geklaag. Dit doordringende geluid herkende ik meteen van toen kleintje Angel te overlijden kwam. De dood van een 32-jarige HIV-positieve man met een herpesbuik en tuberculose kon ik aan de hand van dit geluid vaststellen... Tevergeefs heeft hij een dag en nacht liggen vechten voor zijn leven. Ik kom hier in Uganda zo veel tegen om moedeloos van te worden... Gelukkig zijn er van die kleine momentjes, die zo groots voelen, die mijn verpleegkundige hartje altijd op tijd weer sneller laten kloppen. Zo ook deze middag. <br /> Meagan en ik hielpen op de vrouwenafdeling mee met de controles. Tevens bij Sauda, een oude vrouw met leeftijd ‘volwassen’ (onbekend dus), die al twee weken voor dood in het KMC lag. Het enige wat nog werkte waren haar pijnprikkels. Echter, toen ik zoals iedere dag ‘oli otya’ (hoe gaat het) tegen haar zei bij het betreden van haar kamer reageerde ze ineens heel zachtjes ‘jendi’ (goed). Typisch, dit bevestigd maar weer dat een Ugandees nooit zal zeggen hoe het daadwerkelijk met hem/haar gaat. Het gaat altijd ‘goed’. Jendi horen is normaal gesproken dan ook niet zo boeiend maar nu toverde het een grote glimlach op mijn gezicht. Deze werd nog groter toen ze, ondersteund door Meagan, Tonny en mij, buiten in een rolstoel met glunderunde oogjes naar me leek te lachen. Naast spraakreactie konden we nu ook bevestigen dat ze de wereld weer met haar ogen volgt. Ze leek zichtelijk te genieten van de frisse buitenlucht waar we haar na twee lange weken even ‘tender, love and care’ naar toe hadden gebracht. Dit hebben we dan donderdag ook met veel liefde herhaald en ook toen deed het me weer erg goed Sauda te zien lachen met haar dankbare zussen naast zich. Haar herstel gaat heel langzaam, dit komt (aldus haar familie) dan ook doordat kwade geesten van haar beslag hebben genomen. Meagan en ik zijn van mening dat ze een CVA heeft gehad en we met haar HIV-positieve status en minstens 70-jarige leeftijd dan ook niet heel veel meer herstel moeten verwachten. <br /> Na deze lange en vermoeiende dag kroop ik tegen half 10 ’s avonds al mijn bed in om eens een goede nacht door te slapen. Niets was echter minder waar. Om kwart voor 10 maakte Meagan me enthousiast wakker. Abert was langsgekomen en zei dat we tegen middernacht naar het KMC konden komen om een bevalling bij te wonen. We hadden hem gevraagd ons te waarschuwen zodra deze kans zich voor zou doen. We zouden gebeld worden als de vrouw bijna zou bevallen. Nu was ik natuurlijk te gespannen om te slapen en vol enthousiasme stonden we een kwartier nadat we om 23.00uur gebeld werden aan de tafel waarop een naakte vrouw liep te kermen van de weeën. Ze had een blik in haar ogen waar ik haast bang van zou worden en mij werd direct visueel duidelijk dat bevallen geen pretje is. Echter, deze mevrouw illustreerde dat het zijn van een verloskundige ook zeker niet altijd een pretje is. Zuster Slivia, zelf ruim 7 maanden zwanger, werd door de bevallende vrouw aan de kant geduwd omdat ze tegen advies in de tafel af wilde komen om bovenop een emmer haar baby uit te duwen. Slivia weerhield de vrouw boven de emmer te gaan hangen waarop de vrouw nakend naar buiten liep. Slivia en wij erachteraan en toen de vrouw wederom tegen advies in op de grond ging zitten werd ze met een flinke slag geslagen door Slivia om haar zo weer van de grond te krijgen. De vrouw leek helemaal doorgedraaid en vol ongeloof keken we toe wat zich voor onze ogen afspeelde. Waren we in een hele slechte film beland? Had ik een nachtmerrie? Na een tijdje kregen we de vrouw weer op de tafel, mochten we actief helpen bij de bevalling en heb ik het hoofdje al mogen voelen. Mevrouw had volledige ontsluiting en mocht gaan persen zodra de weeën snel op elkaar volgden. Dit duurde en duurde, mede doordat ze eerder een keizersnede had gehad. De vrouw werd onrustiger en onrustiger en er ontstond weer een hevige discussie tussen Slivia en de vrouw. De vrouw wilde/kon niet meer en eiste een keizersnede. Hierin voelde ze zich niet gehoord door Slivia en stond weer op van de tafel, en ging al weeën opvangend naar de afdeling waar haar man en schoonmoeder rustig lagen te slapen. Ze haalde hen over dat ze een keizersnede moest hebben en ook zij zetten zich in dit voor elkaar te krijgen. Slivia deed wat ze kon, maar ook de dokter die uit zijn bed werd gebeld vond een keizersnede nu niet van toepassing. De vrouw moest weer gaan liggen en persen. Eheh, echt niet! Ken je de mop van de vrouw die ging bevallen? Juist ja... Die beviel niet! Althans, niet in het KMC... Vier en een half uur lang waren we in de veronderstelling een klein jongetje of meisje geboren te zien worden op 12-12-2012. Echter, om half 4 ’s nachts vertrok de vrouw met haar man en schoonmoeder met een auto richting een ander ziekenhuis om daar wel een keizersnede voor elkaar te krijgen. Dus... Wat een slechte grap!! Maar wat konden we anders doen dan lachen van vermoeidheid, onbesef en ellende? Ik wist niet wat ik moest denken, ik kon ook niet meer denken. Maar een ding is zeker, dit was/is niet relatief bizar, dit is pure bizariteit! De mop van de vrouw die ging bevallen zal me nog lang bijblijven... <br /> Om ons nachtelijke avontuur nog bizarder te maken hadden we enkel de aanwezigheid van stinkie Abert nodig. Hij liep met ons mee terug naar het appartement omdat het voor vier (mzungu)vrouwen in het donker niet veilig is op straat. Hij nam een paar stenen in de hand ‘om naar de aanvallers te gooien’.... Nog steeds konden we alleen maar lachen. De grap werd steeds slechter en bizarder. Het toppunt werd bereikt toen Abert met grote grijpgebaren voordeed hoe wij vrouwen de baby uit de moeder hadden moeten trekken. Hij was er van overtuigd dat als Tim, die niet meegekomen was om de bevalling bij te wonen, erbij was geweest dat het dan wel goed gegaan was. In aanwezigheid van een man zou het nooit gegaan kunnen zijn zoals nu. Zelf lag de beste man tijdens het gehele tafereel te slapen in een kamertje naast de bevallingsruimte... Waar, geloof het of niet, Slivia met momenten ook even naast kroop (in het zelfde bed!) de afgelopen uren omdat ze het met haar zwangere buik niet vol kon houden ons in het gehele tafereel te ondersteunen. <br /> <br /> Bij het ontwaken woensdag hoopten we kort dat afgelopen nacht maar een slechte droom was geweest. Maar de grap werd weer hardop benoemd en bleek toch echt de waarheid te zijn... Om 10 uur waren we weer present om ons steentje bij te dragen op KMC. Vandaag hield dit in: helpen bij het consultatieburea; meekijken bij het maken van echo’s; voorraadkast voor de nieuwe ondervoedingskliniek blauw schilderen en wat kleine ondersteuninkjes hier en daar. Tegen schremertijd (om 19.00uur wordt het hier donker) zaten we aan de chapatti. Lekker makkelijk dachten we, kunnen we vanavond vroeg naar bed. Maar nee hoor. Er zou wederom een bevalling zijn rond middernacht. Om 22.00uur dus weer achterop de boda boda naar het KMC gescheurd om dit keer hopelijk een daadwerkelijke bevalling mee te maken. Slivia beloofde een ‘very clean bevalling’. Ruim drie uur later waren we echter wel getuige van het ter wereld komen van een mini-Ugandeesje, maar een normale bevalling was het niet. De baby bleek in een stuiligging te liggen, of toch niet?? Het zekere voor het onzekere werd genomen en een dokter en verpleegkundige werden uit bed gebeld voor het realiseren van een keizersnede. De anesthesist nam niet op, dus verpleegkundige Bennard nam deze rol op zich. Improviseren is zeker een Ugandees begrip. Kan hij deze ervaring weer meteen in zijn pocket steken, want hij wil graag anesthesist worden. (Nu nog geld voor de opleiding en daarmee de juiste papieren). Samen met de moeder vormden Meagan en ik, 3 tegen 6, het winnende team door het juiste geslacht te raden: een meisje! Rond 1 uur in de nacht konden we dan ook eindelijk moe, maar voldaan, gaan slapen. <br /> <br /> Gezien we hier zijn voor twee maanden vrijwilligerswerk stonden Meagan en ik donderdag weer om 10uur in het KMC. De anderen vertrokken om 12 uur vanaf het appartement voor huisbezoeken bij de ondervoede kinderen. Het was een leuke, drukke dag met veel verpleegkundige handelingen. We gaven een meisje dat gebeten was door een hond of vos een Rabiësbehandeling; maakten rötgenfoto’s; hielpen op de vrouwenafdeling met de medicatieronde en de controle’s en hielpen Sauda weer een half uurtje in de rolstoel om buiten van de frisse lucht te kunnen genieten. Om een patiënte die een trauma had opgelopen op te vrolijken leverden Meagan en ik haar zussen en alle andere vrouwen die zich vrolijk bijsloten gratis mzugu-service. Bij allen meetten we de bloeddruk en dit was natuurlijk lachen, gieren, brullen. Het mocht voor de patiënte echter niet baten, maar toen ze mijn mzungu-huidje aan mocht raken kregen we eindelijk een lach op haar gezicht getoverd. Het was een leuke gevulde dag op KMC, wederom met een aantal verbazingwekkende gesprekken over de cultuurverschillen. <br /> ’s Avonds tijd om te relaxen, daar waren we ook wel aan toe. Pannenkoeken gegeten en spelletjes gespeeld. Kaat, pas maar op, ik raak hier gevorderd in het spelen van spelletjes dus wie weet ga ik je bij terugkomst in Nederland eindelijk weer een keer verslaan ;)<br /> <br /> Afgelopen vrijdag hebben we een bezoek gebracht aan Kalizizo hospital, een public hospital. Dit betekend gratis hulpverlening, maar ook lange wachtrijen, overvolle afdelingen, slechte hygiëne en nog meer indrukken te verwerken dan vanuit KMC. Dat we mochten assisteren bij een liesbreuk-operatie maakte de ervaring helemaal compleet. Hier was het nog meer improviseren en zo werd Tim tijdens deze operatie de anesthesist. Gaaf om zo’n operatie mee te maken! <br /> <br /> Een leuke, volle, indrukwekkende week is weer voorbij gevlogen. Dit weekend hebben we hele leuke plannen waarover ik in mijn volgende blog zal schrijven. In de stijl van deze week sluit ik af. Ken je de mop van Rianne die naar huis kwam? Ze kwam nog lange niet!! </p> Sun, 16 Dec 12 14:01:11 +0100 Wel stroom, geen (werkende) laptop: verlaatte blog week 5 http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/8/wel-stroom%252c-geen-werkende-laptop%253a-verlaatte-blog-week-5 <p>Na het afscheid nemen van mijn November medevrijwilligers heb ik het weer aangedurft alleen richting Masaka te gaan. Dit keer geen vechtende chauffeurs, wel een overvolle personenauto waar ik echt nog wel bij kon... Dus met 12 man in een auto naar Masaka afgereist. Het opgepropt reizen wordt al gewoonte, want heb ook nog een oogje dichtgedaan.<br /> <br /> In Masaka heb ik Meagan en de zusjes Myrte en Kyra gemeet om samen met Jospeph (eigenaar van Masaka backpackers) mee te liften naar Kampala. Joseph heeft ons vervolgens netjes bij een juiste matatu richting Jinja afgezet. Zo lukte het ons dit keer voor het donker op plaats van bestemming te komen: Nile Explorer backpackers. Een leuke overnachtingsgelegenheid voor backpackers in Jinja, met WiFi! Dus eindelijk digitaal mijn Nederlandse sociale leven weer ge-update. Het internet liet voor een keer tevens ruimte voor Skype <strong>met </strong>webcambeelden. Super om Marleen en Martijn met Kobe te zien en Kobe vrolijk te horen kraaien.<br /> <br /> Zaterdags was het de dag waarvoor we naar Jinja waren afgereist: Raften op de Nijl. Na hier vele wilde verhalen over gehoord te hebben durften we toch de stap te nemen. Wat ben ik daar blij mee!! De Nijl raftend trotseren is ontzettend gaaf en raad ik iedereen aan. De omgeving is erg mooi en de actie op het water kicken. Het was nog behoorlijk werken in de boot, maar we bleken er erg goed in. Enkel 2 flip overs gemaakt (dus over de kop met de boot, naar adem happen en zo snel mogelijk weer in de boot zien te komen), waar anderen dit wel tot 6x toe hadden. Stiekem vonden we dat best jammer, want zo’n flip over geeft een heel tof gevoel en de rustige stukken vooral veel spierpijn.<br /> Na een aansluitende avondmaaltijd (het was een dagvullend raft-avontuur) was het vol op genieten tijdens de terugweg naar Jinja. In een ‘ veekar’ bij ondergaande zon. Een warme douche maakte de dag volmaakt.<br /> <br /> Zondag wederom een activiteit waar ik al lange tijd naar uit keek: paardrijden. Ruim twee uur heb ik met een big smile op Juju (Jungel Jumper) gereden. Langs de Nijl en tussen kleine dorpjes met de typisch Afrikaanse hutjes door. Heel gaaf! Het is nog een hele kunst je paard in bedwang te houden en er goed op te blijven zitten. In afwezigheid van de juiste paardrijdtechnieken was het in draf dan ook flink paardstuiteren in plaats van paardrijden. De blauwe billen en spierpijn na afloop waren de ervaring echter zeker waard.<br /> Na een lekkere lunch bij Nile Explorer Backpackers zijn Kyra, Myrte, Meagan en ik met de matatu naar Kampala gegaan. Eenmaal aangekomen in het hotel werd ik gebeld door mijn lieve familie. Heel leuk om iedereen eventjes om de beurt te spreken. Ze waren bij elkaar om Sinterklaas te vieren. Hoewel ik hier omringt was en ben door zwarte pieten, is de Sinterklaastijd me grotendeels ontgaan. Wel nog een gedicht geschreven voor, inmiddels al bekend, Karen en een heel leuk gedicht ontvangen van, inmiddels ook bekend, Sigrid. Thanks meid, had niet kunnen raden dat ie van jou was J<br /> ’s Avonds in Kampala uit eten en op de hotelkamer relaxen. Het was een heerlijk weekend!! Ik heb vol op genoten en even niet gedacht aan alle heftige dingen die het leven in Uganda met zich mee brengt. Klaar voor een nieuwe maand vrijwilligerswerk op het Rakai-project.<br /> <br /> Maandag ontbeten bij onze favoriete zaak in Uganda, Brood. Ook werden er pepernoten verkocht, dus die hebben we gekocht om toch ook een klein beetje pakjesavond te creeren op 5 december. Na het ontbijt weer de megadrukte van Kampala in, vresend voor je leven achterop een boda boda. Tja, we moesten toch bij de juiste matatu-plaats zien te komen. Weer een hele belevenis op zich. Tijdens de reis terug naar Masaka waren we alle vier in slaap gevallen en schokken we wakker toen we ineens stilstonden en omsingeld waren door verkopers die hun etenswaren door de raampjes van de matatu duwden. Afrika.<br /> Eenmaal in Masaka was het tijd de nieuwe lading Be More vrijwilligers te ontmoeten. Mijn Rakai medevrijwilligers behoren tot de oude garde: Tim, Ellen en Meagan. Alle vier al minstens een maand in Uganda en ook net afgestudeerde verpleegkundigen. Met Kim en Sunday reden we mee naar Kyotera waar Abert ons bij het appartement opving. We kregen een welkomspraatje en konden ons weer voor een nieuwe maand vrijwilligerwerk installeren. Het is leuk en gezellig weer met Meagan te zijn, ik deel samen met haar een appartement en Tim en Ellen de andere.<br /> <br /> Dinsdag was het introductiedag voor de nieuwe Rakai-vrijwilligers, waar ik voor de gezelligheid ook maar aan heb deelgenomen. Kon ik Abert mooi aanvullen. Abert heeft eerst een rondleiding gegeven door Kyotera waar ik inmiddels prima mijn weg weet te vinden. Na het verkennen van Kyotera was het tijd voor Tim, Ellen en Meagan kennis te maken met KMC. De afdelingen langsgaand kwam ik tot de ontdekking de afgelopen maand zeker het een en ander opgestoken te hebben. Bij de meeste patienten wist ik het bijbehorende beeld en vaak ook levensgeschiedenis te vertellen. Op Kim’s ward/malnutrition ward was mijn lieveling Maria nog aanwezig. De schat, geweldig haar weer te zien lachen, spelen en lopen. Nog steeds met het uiterlijk van een 2 jarige (in werkelijkheid 5) en wankel ter been, maar weer vol energie. Sterk genoeg om weer naar huis te kunen. Net zoals Julius. Maar niet<strong> voor </strong>de rekening te betalen (KMC is tenslotte een private hospital). Dit bleek voor mama Julius een groot probleem. Maar geleend via via via en tijden later slaagde ze er uiteindelijk toch in en kon ze nog net met Julius bij ons achter in de truck springen op weg naar huis. We mochten met de truck mee omdat we mzungu-tijd half 6 met Abert bij het appartement hadden afgesproken om een planning voor deze maand te maken. Ondanks mzungu-tijd-afspraak bleek Abert er om half 6 nog niet te zijn. Drie kwartier later kwam hij Afrika-tijd half 6 aan. Op Afrikaans tempo werd er weer een schitterend programma voor de volgende maand op papier gezet. Nederlanders zijn op tijd, Afrikanen hebben de tijd. Zo was het donker dan ook al ruim gearriveerd toen wij het avondeten wilden maken. Maar de markt nu betreden leek ons niet meer zo’n goed idee, dus maar eens het restaurant tegenover het appartement uitgeprobeerd. Prima te doen! De dag sloten we af met een potje yatzee. Het is ook net vakantie hier! Druk pratend tikten de uren 4 december voorblij en klokslag 12 uur 5 december opende ik mijn cadeautje van zuslief. Jeuh, toch nog een Sint gezien dit jaar!<br /> <br /> 5 December: goed excuus bij ontbijt en lunch speculaas (gekocht bij Brood) op te smullen en ons ’s avonds ziek te eten aan pepernoten. Maar voor de pepernoten moest eerst nog gewerkt worden. ’ s Morgens met dokter Ambrose een leerzame ronde door het ziekenhuis gemaakt en nog even geholpen bij het consultatiebureau. Met de vrijwilligers van deze maand besloten dat we het voor de lunches aandurven de kantine van KMC te betreden, dus vanaf nu rijst met bonen/ pocho (soort stijve rijstpap)/ matooke of aardappelen als lunch. Verrukkelijk.<br /> ’ s Middags hebben we ons gestort op het verzorgen van wonden onder toezicht van verpleegkundige Tonny. Hij vond dat ik de nieuwe vrijwilligers wel even voor kon doen hoe wondzorg er hier aan toe gaat en wilde mij hierbij geen adviezen geven. Stiekem vond ik het tof om te doen en ook Tim, Meagan en Ellen durften het vervolgens aan daadwerkelijk de handen te laten wapperen bij het verzorgen van diepe overheerlijke wonden. Ik zal jullie de foto’s hiervan besparen.<br /> De dinsdag op KMC sloten we af met een ‘vergadering’ met Bennon, de daadwerkelijke projectleider die je maar zelden ziet. We hebben niet veel nieuws besproken en vooral veel ja en amen geknikt. Niet te veel vragen stellen want we wilden nog graag voor het donker boodschappen doen op de lokale markt. Dit was succesvol en ’s avonds zaten we aan een overheerlijke goed gevulde pasta. Afvallen in Afrika? Volgens mij gaat dat voor mij niet echt op…<br /> ’s Avonds had ik even een dipje omdat ik mama erg miste. Ik had mijn belevenissen van hier zo graag met haar willen delen… In plaats van een pakjesavond /spelletjesavond nam ik dan ook even een avondje voor mijzelf. De tijd genomen weer eens goed te wassen, met Marleen gebeld, foto’s bekeken en uitgezocht, gelezen, muziek geluisterd. Ook wel even lekker.<br /> <br /> Donderdag hadden we een leuk programma op de planning staan. We werden met de boda boda bij het appartement opgehaald en hebben via Kim zes huisbezoeken gedaan. Maria, Julius, Ivan en Sissy waren mij al bekend. Allen lijkt het ze momenteel goed te gaan, de opname op malnutrition ward lijkt hun goed gedaan te hebben. Julius was echter alleen in het bijzijn van andere kinderen, geen volwassene in de buurt te verkennen. Ben benieuwd hoe het hem zal vergaan… Ook hebben we een ‘nieuw’ ondervoed kindje bezocht. Wabili (meisjesnaam voor een deel van de tweeling, waarvan er heel veel lijken te zijn in Uganda). 3 jaar. Het uiterlijk van een baby, kon niet lopen. Daarnaast gokken we dat ze een hechtingsprobleem heeft. Ze was niet normaal bang wanneer haar oma even bij haar vandaag ging. Zodra oma er weer was, was het goed. Althans, zolang ze geen anderen aankijkt. Mzungu’s zijn natuurlijk ook erg eng, maar Boniface is toch echt zwart en ook hem vond ze erg eng. Boniface heeft alle gegevens verzameld die nodig zijn bij een potentiële opname. To be continued…<br /> Na uren tussen de huisjes/hutjes achterop de boda gezeten te hebben waren we tegen 3 uur wel toe aan wat eten. Dit kregen we bij Kim. Zij had genoeg klaargemaakt, ze had namelijk 20 kinderen te logeer. Voor 3 dagen en 2 nachten had ze een kinderkamp georganiseerd. Genieten geblazen! De middag hebben wij ons hier ook erg vermaakt. De mzungu’s dienen als goed entertainment voor de kinderen en de kinderen voor de mzungu’s. We hebben de kinderen met schmink omgetoverd tot vlinders, sterren, bloemen en tijgers. Ja, ook ik heb hier aan meegedaan, arme kindereren… ;) Ook wij mzungu’s moesten er aan geloven. Ik werd een ssebo (man in het Lugandees) en Meagan een piraat. Boniface, onze boda boda chauffeur deze dag, wilde tegen etenstijd jammer genoeg erg graag naar huis (vrouwen gedoe dat schminken…). Zo kwam het dat Meagan en ik geschminkt en al overal nog meer nagestaard en uitgelachen werden dan normaal tijdens de 20 minuten durende boda-rit. Carnaval in Uganda, wat een lol! Dit bracht ons in de feeststemming. ’s Avonds daarom Friends Pub bezocht voor een drankje. Onze oren werden door de harde bass bijna kapotgeblazen, terwijl de lokale mannen saai geïndoctrineerd naar een voetbalwedstrijd op groot scherm zaten te staren. Na een drankje hielden we het daarom toch maar voor gezien. Geen idee waarom het nodig is iedere donderdag de muziek tot 5 uur in de morgen oorverdovend door te laten gaan. Wie weet komen we daar nog een keer achter.<br /> Vrijdagmorgen hebben we weer doorgebracht op KMC. Een interessante doktersronde en meekijken bij het maken van echo’s. De zorg in Uganda blijft een wereld van verschil met de zorg in Nederland. Een week vol indrukken kan weer verwerkt worden. Een rustig weekendje Masaska staat voor de boeg. De tijd vliegt. Mijn blogs en foto’s voor jullie op internet plaatsen gaat in Ugandees tempo. Ik heb helaas mijn laptop kapot laten vallen dus ben nu even afhankelijk van andermans laptop en/of de computer van het internetcafé met erg traag internet. Ach, nu ben ik nog meer deel van de Ugandese cultuur.<br /> Ik blijf proberen jullie mee te nemen in mijn ervaringen van hier. Tot volgende week!</p> Tue, 11 Dec 12 11:57:22 +0100 Volle maand Uganda http://rianneopgenoort.be-more.nl/message/7/volle-maand-uganda <p>De eerste maand in Uganda zit er alweer op. Zoveel indrukken, zoveel ervaringen... Gevoelsmatig ben ik er dan ook al veel langer, hoewel de maand ook omgevlogen lijkt te zijn.<br /> <br /> <br /> <em>Vrijdag 23 december</em><br /> Ik eindigde mijn blog vorige week met dat ik wel lekker zou slapen... Nou, het tegenovergestelde was waar. In Kyotera is er iedere avond op een andere plek een luidruchtig feestje. Op de donderdag is dit bij de French pub. Laat die nou precies tegenover ons appartement gelegen zijn... Tot een uur of 5 in de ochtend lag ik te trillen in mijn stapelbed van de harde bas. Om 7 uur toch weer het bed uit want er stond voor vandaag weer een outreach op de planning. Samen met Lucia ging in naar KMC om daar de voorbereidingen te treffen. Margriet, Judith en Simone waren de avond van te voren al vertrokken voor een weekendje bij de chimpansees. Achterop de boda boda bij Abert stuiterden Lucia en ik, suf van het weinige slapen, naar een dorpje vlak bij de Tanzaniaanse grens. Ook verpleegkundigen Bernard en Josephine waren mee. Zij starten de outreach met een voorlichting over anticonceptie aan een groepje vrouwen, in het Lugandees... Wat hadden we moeite wakker te blijven... Gelukkig was het na de voorlichting tijd voor wat actie: borstcontroles, inbrengen van spiraaltjes en buisjes. De opkomst was niet zo groot, maar dat gaf voor ons niet zo veel, we wilden zo ie zo voor het donker in Masaka zijn. Zo kwam het dat Abert ons naar de verharde weg bracht, een lift voor ons regelde en we bij een stinkende man (lekker ruikende zijn hier zo ie zo zeer zeldzaam) die geen Engels kon in de truck belandden. Bij een koffieplantage wilde hij een tussenstop maken, voor zo ver ik uit zijn Lugandees met gebaren kon opmaken... Het was maar een rare plaats en net toen we weg wilden lopen werden we verzocht in te stappen bij een andere, niet Engels sprekende man. Gelukkig hebben de Ugandesen fatsoen en belanden we keurig in Kyotera bij het appartement zonder dat we hiervoor hoefden te betalen (had Abert al gedaan bij vertrek). Tas pakken en hop, met de matatu richting Masaka. Dit keer prima gelukt voor het donker op de plaats van bestemming te komen. 's Avonds was het smullen geblazen bij een heerlijke BBQ/buffet-avond waar we met zo'n 18 Be More vrijwilligers dankbaar aan deelnamen.<br /> <br /> <em>Weekend – Nabugabo Lake</em><br /> De Ugandese zon scheen het weekend goed dus perfect om eens even het vakantiegevoel op te zoeken. Vanuit Masaka backpackers 40 minuutjes achter op de boda boda (het was weer een attractie op zich) en Meagan en ik waren al op plaats van bestemming: Sand Beach aan Lake Nabugabo. Als het goed is zou er in dit meer geen bilharzia zitten, dus bij aankomst direct de bikini aan en het meer in. Waar Uganda in zijn geheel een attractie is voor ons, waren wij dat nu voor de welgestelde lokale aanwezigen. Nog geen 3 meter het water ingelopen waren we al omsingelt door Ugandese jongeren die ontzettend graag onze aandacht wilden. Wij wilden echter even lekker rustig het vakantiegevoel ervaren dus trokken ons snel terug naar ons handdoekje. Helaas, ook daar werd het steeds zwarter om ons heen... Zeker toen er nog 3 schone mzungu-dames in bikini zich bij ons aansloten. De speakers gingen weer op volume knetterend hard en de welgestelde jongeren vormden een steeds groter wordende menigte. Er bleek een studentenfeest te zijn ter ere van de start van de grote vakantie. We hebben onze ogen uitgekeken en te veel hilariteit meegemaakt om op te noemen. Ik zal het maar houden op een hele bijzondere ervaring die dag. Wel leuk om te zien dat deze kant van het leven ook aanwezig is in Uganda.<br /> Zondag was Sand beach weer zoals we het ons hadden voorgesteld: supermooi, rustig en vakantiegevoel-creërend. Heerlijk om zo even alle indrukken van voorgaande 3 weken te laten bezinken.<br /> 's Middags weer de mooie boda-rit terug naar Masaka om daar stof aan te schaffen voor nog 2 Afrikaanse broeken (bij succes van de eerste). Jullie zullen de broeken vast wel voorbij zien komen via de foto's die ik wekelijks op facebook plaats. Dit doe ik meestal in de weekenden bij Plot'99, een loungeplek in Masaka met WiFi. Zo ook zondagmiddag nog even. Terwijl mijn foto's aan het uploaden waren kreeg ik een Ugandees lekkernij aangeboden: gebakken sprinkhaan. Ik ben hier gekomen om de Ugandese cultuur te leren kennen door er aan deel te nemen. Dus... ik heb de sprinkhaan even goed aangekeken en naar binnen geknarst. Het idee is erger dan de daadwerkelijke smaak... Laat ik het daar maar op houden.<br /> Zondagavond bleef Meagan gezellig nog een nachtje met mij bij Masaka backpackers omdat ze het niet meer zou redden voor het donker haar project te bereiken. Mijn medevrijwilligers, en ik dus ook, gaan zo ie zo pas op de maandagmorgens richting het Rakai project.<br /> <br /> <em>Laatste week met de November-vrijwilligers</em><br /> Maandag was het weer tijd de afdelingen van KMC af te struinen op zoek naar interessante patiënten/interventies/verhalen. Ik belande bij verpleegkundige Josephine die bezig was met de verzorging van verscheidende wonden. Leuk en interessant haar hierbij te helpen en een heel klein beetje afleidend van de pijn voor de patiënten. Bikkels zijn het hoor, de patiënten van hier. Stuk voor stuk. Gelukkig maar, anders hadden ze het nog zwaarder te verduren met de koppigheid van de verpleegkundigen en gebrek aan middelen. Met enige schaamte verliet ik 's middags dan ook KMC om mijn bedje in te kruipen in het vrijwilligers-appartement. Ik voelde me niet lekker, had een verhoogde temperatuur, spier- en hoofdpijn en was flink moe. 's middags dan ook even een paar uurtjes goed geslapen en 's avonds nog altijd slap de avond rustig doorgebracht.<br /> <br /> Dinsdagmorgen nog verhoogde temperatuur, maar toch aan het werk gegaan. Tijdens de doktersronde was ik lijkbleek volgens horen zeggen en vroeg ik me ook een beetje af waar ik mee bezig was. Maar even wat rustigs gaan doen en de stapel gaasjes en wattenbollen aangevuld op de mannenafdeling. Er waren echter ook veel patiënten op de afdeling en verpleegkundige Josephine kon wel wat hulp gebruiken. Plots trok mijn lichamelijke gesteldheid weer bij (en is gelukkig tot nu toe nog goed) en was er al snel weer een interessante dag op KMC voorbij.<br /> Bij thuiskomst werden we verblijd met de ontdekking dat er weer water uit de kraan kwam, weliswaar bruin, maar goed beter dan geen water. Pannetje water koken, teiltje vullen en wassen maar! Wat voel je je dan even, heel even, lekker fris. Want vervolgens komt het donker weer en gaat er een dikke laag deet op de huid gevolgd door een laag zonnebrand de volgende dag. Het rode stof van Uganda dat overal opwaait blijft dan lekker plakken aan je huid. Iedere dag de moeite nemen je te wassen (water verzamelen, koken, sjouwen, met bekertje water vanuit teiltje over je heen gieten) is dan ook iets wat je hooguit zo'n 2x per week doet. Ik begrijp wel waarom het grootste gedeelte van de bevolking hier zo stinkt, als zelfs wij mzungu's maar 2x per week in staat zijn ons goed te wassen. Lang leven de vochtige wegwerpwashandjes van de Kruidvat, een beetje frisheid stel ik toch wel op prijs.<br /> Dinsdagavond hadden we bij het avondeten gezelschap van Kim en haar geadopteerde dochtertje Rosah. Kim is een Nederlandse jonge vrouw die nu al zo'n 6 jaar in Uganda woont en zich hier inzet voor de ondervoede kinderen middels huisbezoeken en sinds begin november via haar geopende afdeling op KMC: malnutrition ward (waar ook Angel lag). Kim heeft vier Ugandese kinderen geadopteerde die zijn verwaarloost/mishandeld. Zo werd de kleine Rosah achtergelaten gevonden in een latrine (zo'n stinkend gat waar ieder zijn/haar behoefte in doet). Ik heb veel respect voor Kim en vind het fijn me in te mogen zetten binnen hetgeen zij heeft opgezet. Ik zie hoe de kinderen baat hebben bij de (eigenlijk onmisbare) zorg die zij realiseert. Ik heb dan ook besloten het resterende sponsorgeld en het geld wat ik na de sponsorloop nog binnen heb gekregen aan Kim te geven. Ik weet zeker dat het via deze weg zijn waarde een stuk zal verhogen. Nogmaals dank aan de genen die gesponsord hebben!<br /> <br /> Woensdag startten we de dag op KMC weer met de doktersronde. Dit blijft interessant en leerzaam, de verscheidenheid aan problematiek in het KMC is groter dan op St.John's Hospital waar ik stage liep in Malawi. Ik heb natuurlijk niet zo heel veel kaas gegeten van de lichamelijke kant in de zorg en het is dan ook fijn dat mijn medevrijwilligers van deze maand dat wel hebben.<br /> Na de doktersronde heb ik Josephine weer geholpen op de mannenafdeling. Ze was zo blij met mijn hulp dat ze haar overheerlijke (…) lunch in de kantine van het KMC met mij wilde delen. Matooke, rijst, stijve maispap en een stukje vet vlees. In eerste instantie was ik dan ook blij dat ze me een cola aanbood om het allemaal mee weg te kunnen spoelen. Ik voelde me echter niet helemaal comfortabel toen ik zag dat ze zelf en de rest van de aanwezigen van de kantine niets te drinken namen. Natuurlijk veel te duur... Maar Josephine stond er op de maaltijd voor mij compleet te maken. 's Middags Josephine dan ook maar verder geholpen op de mannenafdeling. Het meest heb ik me verbaast over de oude man met vreselijke wonden (ten gevolge van slechte weerstand door HIV positieve status) die ik al een aantal dagen met verpleegkundige liefde had geholpen bij de wondzorg. Josephine vertelde over zijn levensgeschiedenis. De beste man had 8 vrouwen en 30 kinderen!! Hoe is het mogelijk... Ik gok dan ook dat er via deze man nog minimaal 38 HIV geïnfecteerde mensen rondlopen. Denk dat ik de man nu toch een stukje minder zielig vind.<br /> Toen het werk op de mannenafdeling er voor een tijdje op zat ging ik naar de malnutrition ward die we ook wel Kim's ward noemen. Daar trof ik counselor Boniface en clinical officer (soort nurse practitioner) Jessica. Boniface vertelde me eerder al over zijn interesse voor de geestelijke gezondheidszorg en legde me de stof voor die hij heeft geleerd in zijn opleiding betreffende deze zorg. Ik nam het door en legde Boniface een aantal casussen voor met de vraag wat hij zou doen. Ik was aangenaam verrast door de antwoorden. Echter toen ik de vraag stelde wat nu het verschil was tussen het hebben van een psychose en de diagnose schizofrenie moest hij toch heel hard nadenken en vervolgens discussiëren met Jessica. De uitkomst was dat iemand met een psychose gek verdrag vertoond en geen ziektebesef heeft en dat iemand met schizofrenie psychoses doormaakt maar daarnaast ook periodes waarop hij/zij ziektebesef heeft, deze periodes heten volgens hen neurotische periodes... Daar laten ze, voor zo ver mijn kennis reikt, toch echt een steekje vallen. Wel leuk om weer eens even met mijn eigen vakgebied bezig te zijn en hier het een en ander over te kunnen vertellen. Leuk ook dat er veel interesse was/is voor hoe de geestelijke gezondheidszorg er in Nederland uitziet. Ik blijf de bevestiging krijgen dat de geestelijke gezondheidszorg meer mijn ding is dan de algemene gezondheidszorg.<br /> Terwijl ik druk aan het praten was met Boniface en Jessica bleek Maria, mijn lievelingspatiëntje, achteruit te gaan. Maria is het meisje (tussen de facebookfoto's met het groene jurkje) waarover ik in mijn tweede blog al wat schreef. Ze is 5 jaar, maar ziet er qua bouw uit als 2 jaar. Ze werd opgenomen tijdens mijn eerste dag op het KMC, een weekje later was ze voldoende aangesterkt om weer naar huis te kunnen en tijdens het eerste huisbezoek leek ze het goed te doen. Echter, deze week is ze weer ondervoed terug gekomen. Ze blijft alles wat ze eet vlak daarna er weer uit gooien middels overgeven. Aandoenlijk om te zien. Ze begint ook moeizamer te ademen en motorische onrust is flink aanwezig. Woensdagmiddag was ze zo slap als een vaatdoek. We denken dat ze een hersentumor of een neurologisch syndroom heeft... Dr.Ambrose is inmiddels ook zo ver. Hij heeft met de ouders van Maria overlegd en Maria mag komende week waarschijnlijk naar huis zodat haar ouders kunnen sparen voor voldoende geld om naar Masaka hospital te gaan om daar een CT scan te laten maken. Maarja... als ze dat al kunnen betalen... en er komt uit dat het inderdaad een hersentumor is... wat dan... Een operatie zal voor hen helemaal onbetaalbaar zijn... Mijn portemonnee trekken is wat ik op dergelijke momenten graag zou doen. Echter tegen dit soort dingen blijf ik hier bij KMC dagelijks aanlopen. Er wordt veel geconstateerd en vervolgens een passende behandeling geadviseerd, maar in een veels te groot deel van de gevallen is deze behandeling niet haalbaar door gebrek aan geld en/of de juiste middelen... Zo kan een vrouw met borstkanker in Uganda wel bestraald worden, hier zijn faciliteiten voor. Klinkt goed zou je zeggen. Maar de faciliteiten zijn zo beperkt aanwezig dat de wachtlijsten soms maanden zijn... En ja... dan zijn de vrouwen in de meeste gevallen al lang overleden... Van de ene kant raak ik een beetje moedeloos van continue tegen dergelijke gevallen aan te lopen. Van de andere kant kan ik het af doen met: dit is Afrika. Ik merk dat ik hier andere, ik kan niet goed op de juiste woordkeus komen, beleving/visie/waarde/oordeel heb over de dingen des leven dan in Nederland. Hier ben ik harder (kan dat...?) dan in Nederland. Dit gaat vanzelf en is best vreemd te beseffen. Ik besefte me dit heel goed toen Meagan achter tegen me aangeklemd op de boda tegen me zei: kijk niet naar links. Ik: 'Hoe zo dan?', Meagan:'Er ligt iemand dood te gaan met een groep mensen erom heen.' Ik, kijkend naar rechts:'Ow, wel praktisch, hoeft hij alleen nog maar over te steken, daar staan al mooie doodskisten klaar.' En zo zou ik nog wel wat voorbeelden kunnen geven... Ik denk dat je wel moet aanpassen, wil je je hier op je gemak voelen. Maar vreemd hoe zo iets werkt blijft het zeker.<br /> <br /> Ik dacht dat ik deze week niet zo veel had meegemaakt als voorgaande weken, maar ik zie mijn blog langer en langer worden en ben nu pas bij de laatste dag voor de blog over mijn 4e week in Uganda...<br /> Donderdagmorgen ging ik achterop de crossmotor bij Boniface richting de bestemming waar Boniface voedings-training ging geven aan een groep vrouwen. Door de middle of nowhere was het weer een prachtige rit. De training was in het Lugandees, maar zover ik meegekregen heb zeer succesvol. Tijd op weer op de crossmotor verder te gaan (blij dat zo'n ding flinke veringen heeft!). Volgende bestemming was Kim's huis van waaruit we op donderdagen de huisbezoeken aan ondervoede kinderen starten. Door een flinke regenbui stelden we de huisbezoeken nog even uit en was het tijd voor een lekkere en gezellige lunch. Eenmaal weer droog drie huisbezoeken gedaan waarbij twee snelle checks. Ivan en Sissy waren beide de dag van te voren met ontslag gegaan bij het KMC. Leuk om te zien waar ze wonen en dat het ze voor als nog goed gaat. Ben benieuwd hoe ik ze de volgende keer tijdens een huisbezoek aantref. Wat goede voeding hebben we in ieder geval bij ze achtergelaten.<br /> Donderdagavond was het alweer tijd voor mijn november medevrijwilligers afscheid te nemen van het personeel van KMC. Hiervoor was een 'feestje' georganiseerd die op zijn Afrikaans 3 uur later begon dan gepland. Het 'feestje' bestond uit wachten, een aantal speeches, officieel ontvangst van oorkondes en uiteindelijk knorrende magen vullen met rolex en koekjes. Tijdens de wandeling naar huis zagen we een prachtige volle maan. Een volle maand was weer voorbij. Toen we aankwamen was ie maar als een heel dun banaantje.<br /> Vrijdagmorgen heb ik in het appartement afscheid genomen van Lucia, Margriet, Judith en Simone. Tijd voor het weekend waar ik al lange tijd naar uitkeek: raften op de Nijl en paardrijden in Jinja. Hierover volgende keer meer!!<br /> </p> Wed, 05 Dec 12 17:03:14 +0100